Ik ben de sterkste vrouw van de wereld

Ik ben de sterkste vrouw van de wereld..

Ik ben de sterkste vrouw van de wereld..

Ik ben de sterkste vrouw van de wereld..


Deze zin herhaalt zich wel duizend keer in mijn kop tijdens het douchen. Ik praat mezelf deze positieve gedachte als propaganda materiaal in mijn kop. Het schijnt dat als je het maar vaak genoeg herhaalt, je er daadwerkelijk in gaat geloven.

Grootste reden waarom ik er niet in geloof, is omdat ik overal om kan janken of bang van wordt. Maar het gaat nu even om waarom ik dat wel geloof.

Als ik de mensen om mij heen in mijn situatie zou plaatsen, zal mijn beeld over hoe zwaar mijn leven is misschien wel meevallen. En dan bedoel ik niet dat ik een onwijs heel erg zwaaaahaaaaar leven heb, want dat vind ik totaal niet. Ik ben zo bescheiden, dat ik het allemaal wel goed praat. Maar waarom ben ik dan nu een jonge meid van 24 met depressieve gevoelens.

Als ik me slecht voel of als mensen me lullig behandelen, praat ik het goed. Ach, morgen weer een dag. Er zijn altijd mensen zieker dan ik. En de mensen zullen er vast een reden voor hebben om die lullige opmerking te maken. Ik ben dan ook zo’n muts die overal en in iedereen een goede oprechte kant ziet. Waarom zou iemand een lullige opmerking maken, alleen maar om grappig gevonden te worden door anderen. Hij of zij zal vast onzeker zijn, of misschien heeft diegene niet eens door dat ik het lullig kan opvatten. Ja precies, het ik heb het vast verkeerd opgevat. Het is mijn probleem. Bij ziekte gaat het precies hetzelfde, ik ben namelijk chronisch ziek. Ik ‘vergeet’ het als het goed gaat, maar ik vind het erbij horen als ik me ziek voel. Maar vaak vind ik ziek dan ook een groot woord, ik lig namelijk niet onder een deken weg te kwijnen. Ik ben soms iets muffer dan anders. En vaak sluipt zo’n gevoel er langzaam in. Het duurt soms dagen voor ik mezelf echt ziek zal noemen, maar na een paar dagen is mijn lichaam op en moet ik extra slapen. Valt allemaal wel mee, maaaar als ik dan godverdomme iemand hoor zeggen dat ie last heeft van een after dinner dip. Dan word ik toch wel zo onwijs pissig. Mijn hele leven is ongeveer een grote after dinner dip. Dat hoort er nu eenmaal bij. Daar wen je wel aan, en nu door met leuk doen.

Ik ben de sterkste vrouw van de wereld..

Ik ben de sterkste vrouw van de wereld..

Ik ben de sterkste vrouw van de wereld..

Natuurlijk ben ik de sterkste vrouw van de wereld, als je ziet waar ik mee deal. Ik kan mezelf aan. Ik hoor mezelf iedere dag mij de grond in trappen. Ik voel mijn lichaam zichzelf kapot maken. Mijn gedachten zijn het ergste, die kan ik nu nog maar net aan. Maar ik kan ze aan, al gaat wel bijna al mijn energie daar in zitten.

Ik ben in sociaal opzicht altijd al de aparteling geweest, zo apart dat aparteling geen officieel woord is. Bij deze.

Toen we vroeger nog buiten speelden, moest ik als eerste thuis zijn. Toen we begonnen met stappen, had ik altijd geld tekort en moest ik als eerste thuis zijn. Veel tijd, weinig geld. Maar voor mijn gevoel geen tijd over. In mijn herinnering had ik altijd wel werk.

Altijd zat ik in vriendinnen groepen die net iets verder waren in hun leven. Toen ik nog wilde koprollen, was de rest al verliefd op de aanvaller van het hockeyteam. Toen ik ging studeren, ging het bij iedereen goed. In tegenstelling tot bij mij, ik besefte me na 5 jaar studeren, dat ik de eeuwige eerstejaars zou zijn.

Vroeger in de pubertijd was ik altijd erg aan het zweten. Of tenminste dat is mijn enige duidelijke herinnering van de middelbare school. Waarschijnlijk was dat alleen in het jaar dat ik Diabetes kreeg, of misschien zelfs alleen de paar maanden rondom het krijgen. In ieder geval is mijn herinnering nu overgaan in een algemeen bekend feit over mijzelf. Ik ben altijd de minst verzorgde persoon aanwezig. Ik voel me altijd het smoezigst van iedereen. Dit heb ik overgehouden aan die tijd. En zal ik vast altijd nog denken. Ik weet heus wel dat dat niet altijd zo is. Echt met zekerheid durf ik het niet te zeggen.

Nu moet ik mijn bakjes met pillen nog vullen, en ben ik erg moe. Ik ga gauw slapen. Ik ben namelijk zo sterk, dat ik kan slapen op een normale tijd.

Like what you read? Give law a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.