Dient elkander door de liefde* (en de afwas)
Een poos geleden zat ik in de bus. Een volle bus eigenlijk, want alle stoelen waren bezet. De buschauffeur stopte bij de zoveelste halte en er stapte een oud vrouwtje in met een grote boodschappenkar. U weet wel: zo’n echte degelijke boodschappenkar. Het mevrouwtje keek nogal woest en bleef demonstratief leunend op haar karretje voorin de bus staan. Bij de eerste bocht echter stuiterde ze al bijna door de voorruit naar buiten.

Hoewel ik vrij achteraan zat in de bus, besloot ik dat het mijn taak was om mijn stoel beschikbaar te stellen. Hoewel mijn evenwichtsgevoel niet al te best is en ik niet beschik over een goede hand-oogcoördinatie en daardoor regelmatig een stoeprandje over het hoofd zie, dacht ik dat ik vast onder de categorie ‘fitte student die best een kwartiertje rechtop in een schommelende bus kan staan’ geschaard werd. Ik schuifelde naar voren en bood haar voorzichtig mijn stoel aan.
Haar reactie was vrij onverwacht. Het mevrouwtje begon te schreeuwen dat ze dan misschien wel oud was, maar niet seniel en dat ze twee benen had om op te staan. Ze vroeg zich af waarom mensen haar altijd behandelden alsof ze nergens meer toe in staat was.
Ik was perplex, mompelde een excuses en liep met het hoofd gebogen terug naar mijn plek. Ik dacht echt dat ik iets goeds gedaan had. Later bedacht ik me dat ze misschien wel een goed excuus had. Ze was duidelijk te oud om ongesteld te zijn, maar misschien was net haar hamster overreden door een tractor of had haar man geweigerd om zijn nieuw gebreide sokken te dragen.
Afijn, voortaan kijk ik wel uit voor ik mijn stoel aanbied. Eigenlijk jammer, want de wereld wordt zoveel mooier als iedereen zich een beetje dienstbaarder opstelt. En hoewel u het dus soms moet bekopen met een traumatische ervaring, is het eigenlijk niet zo heel moeilijk. Het zit ‘m in de kleine dingetjes en ik ben ervan overtuigd dat elke VGST’er het in zich heeft. Hierbij enkele tips:
- Gooit u na afloop van de AV even uw eigen afval weg. En meteen ook dat van uw buurman. Dan hoeven de drie mensen die altijd als laatste overblijven niet weer de zooi voor 70 man op te ruimen.
- Bied ook eens aan om af te wassen op bijbelstudie. Natuurlijk is afwassen de grootse hobby van die drie mensen die het altijd doen, maar als u het lief vraagt dan gunnen ze u dat plezier vast ook een keertje.
- Kijk eens om u heen op weekenden. Het is heel belangrijk dat u genoeg bier en tosti’s binnenkrijgt op zo’n weekend, maar er gebeurt meer. Ik zie meer dan eens dat degene die koken, ook afwassen en ook de locatie van boven naar onder schoon maken. Maar er zijn meer mensen die dit kunnen. Laat de innerlijke huisman/-vrouw in u los en poetsen maar!
Ziet u wel: dit kan u! En ik ook. En mocht u een traumatische ervaring oplopen, dan mag u altijd bij me aankloppen.
*Galaten 5:13
Dit artikel is geschreven door M. André en verscheen eerder in het Kleintje VGST (33,2)