1.

Ze was best wel gelukkig, zo op zichzelf. Starend uit het raam van haar studio op de 4e verdieping. Ze keek uit op een tipje van de kathedraal en een topje van het MAS. ‘Uitzicht op belangrijke trekpleisters van de stad’, had er in de advertentie gestaan. Dat je op de tippen van je tenen moest gaan staan om door het dakraam deze 3 centimeter van elk te zien, was niet vermeld. Maar dat was niet waarom ze hier was komen wonen. Of toch niet in de eerste plaats. Ze keek zo uit naar een plekje voor haarzelf, om helemaal in te richten. Hier waren de muren wit. Blanco. Net zoals zijzelf. Want wat er nu het plan was, wist ze zelf nog niet. Wat opdrachten hier en daar zouden er wel voor zorgen dat de huur betaald werd. Desnoods kon ze zich nog altijd gaan prostitueren. Al vond ze zichzelf daar niet echt aantrekkelijk genoeg voor. De opties zijn oneindig.

Ze ploft zuchtend neer in haar antiek barokke fauteuil die ze voor 12.50 in de kringwinkel kocht. Een koopje, vond zijzelf. Een oud stuk rommel, vonden haar ouders. Haar notitieblok bengelde aan haar hand over de leuning. De inspiratie was weer op voor vandaag. Ze schreef niets anders dan wat emotioneel geklaag en gezaag. Ze kon er beter mee stoppen. Maar dat bracht geen geld in het laatje. Ze keek op het scherm van haar iPhone. 00:42. Tijd om weer in bed te kruipen om een nachtje te liggen woelen. Ze trok de knellende elastiek uit haar haren en zocht de warmte van haar kingsize metalen prinsessenbed op.

Show your support

Clapping shows how much you appreciated Sofie Claes’s story.