Vrijheid van Meningsuiting volgens de rechtse media: net vir regsmense.

Ik las net iemands stukje waarin zij de gevolgen van het uiten van haar mening met betrekking tot Ebru Umar en haar Turkse perikelen, en haar bedenkingen daarbij mooi, maar ook zeer pijnlijk en herkenbaar beschrijft.

Het lezen van dit stukje deed mij terugdenken aan mijn tijd als perswoordvoerder voor ons kraakpand in het oosten des lands. Van 2005 tot 2008 was ik regelmatig met mijn kop -en naam en toenaam- op de televisie of in een dagblad te vinden om onze positie en standpunten uit te dragen.

Het Reformatorisch Dagblad, om een voorbeeld te noemen…

Toentertijd was het ergste wat je daarbij overkwam een aanvarinkje met een groepje Arnhemse nazi-skins, of een plaagstootje van Geenstijl.

Er heerste toen, kort gezegd, een totaal ander klimaat als het neerkwam op de reactie vanuit (extreem-)rechtse hoek op geluiden waar zij het niet mee eens waren: er werd wel tegenin gegaan, maar hierbij was het nog altijd duidelijk dat er aan beide zijden van het conflict mensen aanwezig waren, die met een minimum aan respect bejegend moesten worden.

Nu Niet Meer

Tegenwoordig is het echter al voldoende om een mening te hebben over de reactie van iemand als @Pritt, Sturmbannführer van GeenStijl op een -eerdere- Umarese controverse:

vrij onschuldig toch, zou je denken…

Om als reactie direct dit over je heen te krijgen:

Classy, amirite?

Op het moment dat dit gebeurde had ik nog niet volledig begrepen dat dit naar de maatstaven van @Pritt gemeten nog erg mild was.

Ik bleef dan ook onbeschroomd mijn verbazing -en, full disclosure, groeiende irritatie- over de aan pathologie grenzende wijze van uiten van het Geenstijl-baasje uitspreken.

Een volgende keer dat ik de heer Burema (Marck, voor zijn ongetwijfeld zeldzame vrienden) uit de bocht zag vliegen (ditmaal in een stuiptrekking van racisme over de benoeming van Khadija Arib tot Voorzitter van de Tweede Kamer,) zei ik “ACH, @Pritt, de meest openlijk walgelijke Roze kleuter. Fuck ‘m.”

Dit schoot blijkbaar dusdanig in het verkeerde keelgat dat de reactie van Marck niet lang uitbleef:

Als jij mij een kleuter noemt, en walgelijk, zal ik dan eens even snel je gelijk bevestigen? Hier, 30K instabiele gekken in je nek. (Plus wie er ook op die bewuste avond Geenstijl las, want @pritt publiceert uiteraard zijn tweets ook integraal op Nederlands’ meest in het oog springende haatzaaiersforum… Dat spreekt vanzelf… )

Geen grote prestatie: ik heb er nooit een geheim van gemaakt wie ik ben, en waarvoor ik sta.

Pritt is blijkbaar erg trots op zijn speurwerk, want ik kwam er net achter dat hij onlangs een herhaling van zijn eerdere poging om me te beschadigen uitvoerde, nadat ik weer wees op zijn bedenkelijke tactieken om mensen die het niet met hem eens zijn te intimideren:

Deze tweede poging om indruk te maken had ik alleen effe gemist. Kan gebeuren, ik heb niet zoveel interesse in het wel en wee van een kleinzielig en rancuneus mannetje dat van linkse mensen op internet bashen zijn genot bij elkaar moet zien te sprokkelen dat ik al zijn geneuzel mee krijg.

Ik moet daarbij wel aangeven dat, ondanks mijn complete gebrek aan interesse voor meneer Burema en zijn persoonlijke aangelegenheden, ik mij ten allen tijde het recht voorbehoud om mijn mening te uiten over hetgeen hij (en de mindere goden op rechts, centrum én links) te berde brengen in de publieke discussie. Als hij de rotte peer uit wil hangen, en mij aan een soort van schandpaal wenst te nagelen voor het doen van uitspraken waar ik achter sta, is dat voor mij enkel een verder bewijs van de totale Verblödung van het deel van het Nederlandse publieke debat ter rechterzijde.

Wat wel ernstig is, is dat dit soort mensen blijkbaar ook een groeiende invloed hebben buiten de gewatteerde kamer die het internet is. Als ik lees dat mensen om hun mening worden lastiggevallen en zelfs fysiek bedreigd worden, dan lijkt het me dat niet alleen de beheerders van sites als Geenstijl, TPO en anderen zich achter de oren zouden moeten gaan krabben, maar dat dit ook voor de bredere maatschappij een teken zou moeten zijn.

Wat nu?

Wat mij betreft zou het ons, als “de Nederlandse Natie” goed staan als wij ons, gezamenlijk, af zouden zetten tegen de retoriek die onze tijdlijnen en muren doet dichtslibben met dom, hardvochtig en haatdragend gebazel. Dat wij ons hard zouden maken voor een publiek debat gebaseerd op feiten en analyse, en dat we onze Bezorgde Burgers daarmee buitenspel zouden zetten.

Dit gaat echter niet lukken in een land waar de vice-premier liever fact-free zijn critici belastert. En waar de meest populaire talkshows liever een openlijke neo-nazi uitnodigen, omdat ze weten dat het lekker scoort in de kijkcijfers, dan dat ze een serieuze poging doen om de waarheid over de ‘vluchtelingen-crisis’ te duiden op een manier die de onderbuikspuiers de poten onder de stoel uit schopt.

Alleen de sociale media staat ons echter direct ter beschikking. Daarom: zeg wat je vindt, sta voor wat je zegt, en laat je niet intimideren door mentale dwergen die niet met een afwijkende mening kunnen omgaan zonder terug te vallen in atavisme.

En tegen de rechtse haatzaaiers zou ik willen zeggen: Jullie staan aan de verkeerde kant van de geschiedenis, en jullie zullen in de toekomst met net zoveel onbegrip en minachting bekeken worden als alle andere treurige reactionaire stuiptrekkingsbewegingen.

Liefs,

Titus Lodewijk Sijses

Standplaats Krakow

Like what you read? Give Standplaats Krakow a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.