Augustinus’ onreduceerbaarheid van de vrije wil

Nothing makes the mind a devotee of desire but its own will and free choice. — Augustinus, On the Free Choice of Will. p.19

Augustinus is een christelijke, laat-klassieke denker die als één van de eerste filosofen specifiek spreekt over een vrije wil. Op dit moment is de discussie rondom het bestaan van de vrije wil in de filosofie zeer technisch en vooral zeer vastgelopen. Vooral de reductionistische trend die de vrije wil probeert te ontmantelen met hersenonderzoeken doen de gemoederen hoog oplopen. Ik wil in deze mediumpost kort toelichten waarom dit eerste inzicht van Augustinus een basis vormt tegen het situeren van de vrije wil in de hersenen. Allereerst zal ik kort toelichten waarom Augustinus de mens met een vrije wil toebedeelt en vervolgens maak ik duidelijk welk gedeelte van zijn inzicht nog steeds gebruikt kan worden in het hedendaagse debat.

Augustinus’ argumentatie gaat grofweg als volgt. Hij constateert dat mensen slechte handelingen doen. Deze handelingen kunnen echter niet uit God voortkomen, want God is oneindig goed. Dit wordt ook wel het probleem van het kwaad genoemd. Om een oplossing te geven voor het probleem van het kwaad zoekt Augustinus naar een manier om de mens verantwoordelijk te maken voor haar slechte handelingen. Na een bijna Socratische tekstuele bevalling ziet hij het licht. Zie hier: de vrije wil! Augustinus nestelt de vrije wil tussen de rede en onze lusten. Hij ziet de vrije wil niet als onderdeel van de menselijke rationaliteit. De rede heeft een zeer belangrijke taak in het wel of niet toegeven aan onze lusten, maar uiteindelijk is het een vrije wil die losstaat van de rede, die de mens in staat stelt een keuze te maken. kort gezegd: Er is meer dan alleen rede en lust.

Het inzicht dat de vrije wil niet gereduceerd kan worden tot de menselijke rede of de menselijke lusten is naar mijn mening zeer belangrijk voor het hedendaagse debat. De vrije wil is onvangbaar. Neurobiologen die de vrije wil verwerpen, omdat ze ‘haar niet hebben kunnen vinden’ slaan de plank naar mijn mening volledig mis. Op zoek gaan naar de vrije wil in de hersenen is hetzelfde als het verdelen van de menselijke rationaliteit in verschillende faculteiten. Dit was in de vroege filosofie zeer gewoon, maar tegenwoordig zijn de meeste filosofen van mening dat zulke strenge scheidingen onhoudbaar zijn. De hersenen als huisvesting aanwijzen voor de vrije wil is eenzelfde onhoudbare scheiding. Ik stel voor: Ga op zoek in die hersenen, pook rond ons brein, zoem eens goed in op elke neuron. Augustinus heeft het al begrepen, hopelijk volgen jullie snel.

One clap, two clap, three clap, forty?

By clapping more or less, you can signal to us which stories really stand out.