Elle

‘Elle’ (2016) opent abrupt met een verkrachting scène die grotendeels buiten beeld blijft, maar toch hard binnenkomt door het geluid van bruut geweld gemonteerd boven een gemoedelijk stukje klassieke muziek. De toon is gezet voor het verdere verloop van de film, zou je verwachten, maar regisseur Paul Verhoeven trapt hierna kalmpjes op de rem, en stuurt het verhaal een andere kant op om diverse zijpaden te verkennen.

Verhoeven gebruikt de verkrachting uit de openingsscène als ingang om de merkwaardige wereld van Michèle, gespeeld door Isabelle Huppert, te betreden en de kijker zich te laten verwonderen over wat zich in haar hoofd afspeelt. Een eenduidig antwoord krijgt de kijker niet; Michèle is een puzzel waarvan de stukjes over half Parijs en omstreken zijn verspreid. In uiteenlopende verhaallijnen met een fors scala aan personages krijgen we beetje bij beetje de stukjes aangereikt. Of de puzzel tenslotte voor alle kijkers compleet zal zijn, is dan nog maar de vraag, want Verhoeven geeft zijn voorliefde voor ambigue personages in ‘Elle’ volop de ruimte.

Verhoeven houdt van grote thema’s en zet ze het liefst met dikke penstreken neer. In Hollywood, waar een voorkeur is voor grote gebaren en klare lijnen, boekte hij veel succes met sci-fi actiefilms als ‘Robocop’ (1987), ‘Total Recall’ (1990) en ‘Starship Troopers’ (1997), en de erotische thriller ‘Basic Instinct’ (1992); films met op het eerste oog weinig ruimte voor subtiliteit. Dat laatste is maar schijn, want deze films onderscheiden zich binnen hun respectievelijke genres door een gezonde dosis intelligente subtext.

Ook ’Elle’ is onmiskenbaar een Verhoeven, maar dan gegoten in het typisch Franse genre van grootstedelijk drama waarin veel ruimte is voor familie- en vriendenperikelen. In ‘Elle’ treffen we aan: de oude moeder met veel te jonge minnaar; de afwezige vader; de oncontroleerbare slome zoon met dominante vriendin; de meelijwekkende ex met veel jongere vriendin; de egocentrische minnaar; de overspelige echtgenoot van de beste vriendin; de charmante buurman en brave buurvrouw; en seksueel gefrustreerde collega’s. Er wordt een kind geboren, as uitgestrooid, kerstmis gevierd, aan de lopende band geluncht, gedineerd en geborreld, een computerspel gemaakt, en ondertussen is er ook nog een verkrachting, een auto ongeluk, en een verhaal over een psychotische moordpartij in een ver verleden. Kortom, van de rigide wet van eenheid van handeling, tijd en plaats laat Verhoeven zich niets gelegen. Niet zo verwonderlijk, want ‘Elle’ is dan ook helemaal geen tragedie.

‘Elle’ vloeit gemakkelijk van de ene verhaallijn over in de andere, waarbij schijnbaar minder belangrijke handelingen ook prominent de ruimte krijgen. Daardoor voelt ’Elle’ soms wat stuurloos aan, maar Verhoeven heeft de teugels gedisciplineerd in de handen, en bouwt ontspannen aan zijn complexe puzzel, waarbij hij meer dan een handje wordt geholpen door Hubbert die haar sporen heeft verdient met het spelen van ondoorgrondelijke vrouwen.

Hoofdpersonage Michèle is eigenaar van een software bedrijf, ze heeft geld, status en het overkomen van een sterke vrouw, toch lijkt ze telkens slachtoffer te zijn van getroebleerde mannen. Of het nu haar psychopathische vader is of dat het seksueel verknipte mannen in haar kennissenkring zijn, Michèle ondergaat het schijnbaar allemaal gelaten. In plaats van verlammende angst of verblindende razernij is Michèle vooral nieuwsgierig naar hun drijfveren. Het is de klasse van Hubbert dat zij dit ambigue personage geloofwaardig weet te houden.

Dat valt niet over alle momenten in de film te zeggen: het verhaallijntje over de zoon die niet wilt inzien dat de gekleurde baby niet zijn kind is, is grappig, maar wordt allengs wat onaannemelijk door de te luchtige uitwerking. Het is een van de weinige momenten dat Verhoeven de teugels iets te veel laat vieren in deze verder meesterlijke en zeer amusante tragikomedie.