Wolf: Basje Boer

Op 8 maart, Internationale Vrouwendag, verschijnt Wolf. Dertien essays over de vrouw. Lees alvast het interview met Basje Boer over haar essay ‘Danny ♥ Sandy’.

Door: Thijs Joores

Aan het begin van je essay observeer je dat we ons in het dagelijks leven verzetten tegen stereotyperende rolverdelingen, maar tijdens seks staat de verdeling meer vast. Hoe kunnen we deze tegenstelling verklaren?

We denken als samenleving enorm in kaders en clichés, onder andere over mannelijkheid en vrouwelijkheid. Dat kan heel beklemmend werken als je het gevoel hebt niet in dat kader te passen, maar het kan juist ook heel prettig zijn om je naar die kaders te voegen. Daardoor kun je in een traditie staan van andere vrouwen en mannen en je zo een ‘echte vrouw’ dan wel een ‘echte man’ voelen.

Het is goed om je ervan bewust te zijn dat een kader niet een universele waarde is en dat de grenzen ervan niet vastliggen. Mannelijkheid en vrouwelijkheid kun je heel breed opvatten, maar soms is het juist ook leuk om te spelen met de clichés. Daarbij moet je dan wel in het achterhoofd houden dat er niet zoiets bestaat als een echte vrouw of een echte man.

De vraag die jij stelt is eigenlijk het beginpunt voor mijn stuk. In mijn essay zoek ik een oplossing door verschillende aanverwante onderwerpen te behandelen, maar er is geen eenduidig antwoord. Als je het over seksualiteit hebt, is het evident dat gender een belangrijke rol speelt, meer dan in andere alledaagse contexten. Gender vormt de subtekst voor sociale omgang tussen man en vrouw, maar in bed worden deze verhoudingen op scherp gesteld en moet je op zoek naar een machtsbalans. Daarin zit veel van het plezier van seksualiteit.

In je stuk signaleer je een gebrek aan vrouwelijke hoofdrollen in een nog steeds overwegend mannelijke mainstream filmindustrie. Op Netflix zie je als tegenhanger soms de categorie ‘Featuring a Strong Female Lead’ langskomen. Is deze categorie in jouw ogen een goed initiatief of vermijd je hem liever?

Ik ben vrij cynisch over die categorie. De feministische beweging heeft nu een soort momentum. Je zou kunnen zeggen dat het een trend is en daar wordt op ingehaakt met series over zogenaamd ‘sterke vrouwen’. Ik vind sterke vrouwen zelf helemaal niet zo interessant om me mee te vereenzelvigen, ik zie liever de complexiteit van een karakter. Ik kijk liever naar een complex mannelijk personage dan naar een eendimensionaal vrouwelijk personage dat alleen maar ‘sterk’ is. Het is een wat simpele invulling van de feministische kwestie waarmee we hier te maken hebben.

Het is een goed begin, maar ik zou liever zien dat meer vrouwelijke filmmakers mainstream films kunnen gaan maken. Dat gebeurt af en toe wel, maar het aantal vrouwelijke regisseurs daalt nog steeds. We hebben geen behoefte aan door grote studio’s bedachte vrouwelijke personages, maar aan authentieke vrouwelijke stemmen.

Welke eigenschappen zien we nog te weinig bij vrouwelijke personages in mainstream films en welke films vormen hierop de positieve uitzondering?

Hoewel afkomstig van een grote studio vind ik Wonder Woman wel weer een geslaagd personage, omdat zij niet alleen maar sterk is. Ze is nog steeds een actieheldin, maar ook een beetje irritant en naïef. Haar zwakke kanten maken haar sterke kanten des te indrukwekkender. Daardoor kan ik me met haar identificeren.

Het gaat me niet alleen om de personages zelf maar ook om de verhalen om die personages heen en de relaties die ze aangaan. Wat ik vooral mis, bij zowel mannelijke als vrouwelijke filmmakers, is relaties tussen vrouwen, romantisch én vriendschappelijk. Veel films gaan over het individu en ik wil me juist ook herkennen in hoe vrouwen met elkaar omgaan.

Daarnaast zijn er nog te weinig films over de vrouwelijke beleving van seksualiteit, die verder gaat dan de platte lust die je meestal ziet. In mijn essay schrijf ik over The Piano, die mooi die vrouwelijke benadering van seksualiteit volgt. En onlangs zag ik Dirty God van Sacha Polak, die vrouwelijke seksualiteit op een gevoelige en herkenbare manier in beeld brengt.

Je schrijft in je essay vooral over de film Grease, die je zou kunnen zien als een enigszins gedateerde film met behoorlijk traditionele rolverdelingen. Waarom kies je ervoor om juist deze film te herinterpreteren?

Grease was meteen een logische keuze: het is een film die veel mensen wel eens gezien hebben, en zelfs mensen die hem niet gezien hebben kennen het verhaal ongeveer, zoals dat gaat met films die onderdeel zijn van onze popcultuur. Deze case study is dus enorm fijn om mijn ideeën over seksualiteit en film aan te verbinden. Als eerste stuit je dan op de clichés van het preutse meisje en de op seks beluste jongen, maar ik merkte gaandeweg dat ik het einde van de film in een ander licht begon te zien. Het slot vond ik altijd een beetje stom, omdat Sandy’s transformatie van een preuts meisje naar een stoere vrouw in mijn ogen een slappe ontwikkeling was. Ineens zag ik hoe sterk die karakterontwikkeling is: ze deed altijd wel preuts, omdat dat van haar verwacht werd misschien, maar uiteindelijk accepteert ze haar eigen seksualiteit. Er zit dus meer in Grease dan doorgaans gedacht wordt. Als je wil, kun je er een positief verhaal over gender en seksualiteit op projecteren.

Welke tekst is voor jou belangrijk geweest in jouw denken over de vrouw?

Voorafgaand aan het schrijven van mijn stuk las ik het invloedrijke essay “Visual Pleasure and Narrative Cinema” van Laura Mulvey, waarin zij de term ‘male gaze’ munt. Dat vond ik heel interessant, maar ik las ook de tekst Ways of Seeing van John Berger, die net iets eerder werd gepubliceerd. Hij gebruikt Mulveys term dus nog niet, maar zijn lange essay gaat in essentie over hetzelfde idee. Hij zet helder uiteen hoe wij allemaal kijken met een ‘mannelijke’ blik die vrouwen reduceert tot objecten. Dat gebeurt nu nog steeds, zelfs nog meer dan ten tijde van de publicatie van die essays in de jaren 70. Ik noem ze allebei niet in mijn essay, maar beide teksten hebben mijn schrijven zeker beïnvloed.


Foto: Anneke Hymmen

Basje Boer is schrijver en journalist. Van haar verschenen de roman Bermuda (2016, Nijgh & Van Ditmar) en de verhalenbundel Kiestoon (2006, De Arbeiderspers). In maart 2019 verschijnt haar nieuwe roman Nulversie bij Nijgh & Van Ditmar. Daarnaast schrijft ze over film en popcultuur, onder meer voor De Groene Amsterdammer en de Filmkrant. Haar korte verhalen en essays werden gepubliceerd in o.a. De Gids, Hollands Maandblad, Das Magazin, De Nederlandse Boekengids en Revisor. Ze organiseert ook filmprogramma’s en geeft regelmatig lezingen en inleidingen bij filmvertoningen.

Volg ons op Facebook, Twitter en Instagram voor meer informatie en nieuws over de schrijvers en boeken van Atlas Contact.