Van Indesign-prutser naar vernieuwer

Een pleidooi voor ambitieuze vormgeving.

Onlangs zat ik op café met een collega-vormgever die een brochure van de lokale cultuurmarkt ontleedde. ‘Wat een rotzooi. Welke kleuter heeft dat logo getekend? En die tekstspatiëring!’. Zo’n gesprek. Achteraf voelde ik me laf om daarin mee te gaan. Uit de hoogte doen is makkelijk. Alleen de cynische vakidioot neemt aanstoot aan de uitlijning van de titel. Wanneer heeft een vormgever zijn nek nog eens uitgestoken?

Elke dag wordt mijn feedreader bedolven onder de grafische blogs. Elke dag markeer ik alles meteen als gelezen. Ik word maar matig enthousiast van de nieuwste lettertypes en boekomslagen. Ze zijn vooral zo mooi.

De grafische sector is teveel op zichzelf gericht. Elk evenement is een aanhoudende circle jerk van ontwerpers die elkaar feliciteren met hun jongste drukwerk. Online zet zich dat voort in duimpjes en ander applaus. Een sector die voor zichzelf werkt en niet ten dienste van de maatschappij moedigt navelstaarderij aan.

Vormgevers onderschatten het verschil dat ze kunnen maken met hun werk. Ze onderschatten wat ze in gang kunnen zetten. Wanneer we vaker voor ménsen ontwerpen in plaats van voor collega’s wordt het pas echt interessant.

VIa nytimes.com — Don Meeker

In 2004 schakelde de Federal Highway Administration over van het Highway Gothic-font naar Clearview om de lees- en herkenbaarheid van de wegsignalisatie te verhogen. In combinatie met een minder reflectief oppervlak nam de nachtelijke zichtbaarheid van de borden toe met 8 à 10 procent. De reactietijd van de chauffeurs werd aanzienlijk verlengd.

In 2008 ontwierp Nederlands ontwerper Christian Boer een dyslexie-vriendelijk lettertype. Dat de resultaten gemengd waren maakt de denkpiste daarom niet minder interessant.

Ik wou dat ik meer voorbeelden kon geven, maar ze zijn dun gezaaid.

Ze zijn vooral voorbehouden voor afstudeerprojecten. Even een jaartje nadenken om daarna wat te prutsen in Indesign.

Geen trends maar oplossingen

Engagement gaat verder dan het ontwerpen van t-shirts om vluchtelingen te verwelkomen. Vormgevers kunnen zichzelf weer relevant maken door ingenieurs te zijn voor een betere samenleving. Door te vertrekken vanuit een probleem, dit grondig te onderzoeken en ideeën te formuleren vanuit hun expertise. Door bewust te innoveren.

Innovatie heeft een rare bijklank gekregen. Voornamelijk omdat het geassocieerd wordt met allerlei dingen die allesbehalve innovatief zijn: de zoveelste koffiebar, hotdogs met vijfhonderd toppings of start-ups die een concept uit de jaren vijftig recycleren. Ik heb het over innovatie met impact. Het zoeken naar unieke invalshoeken die voor verandering zorgen.

Vormgeving die niet actief op zoek gaat naar hoe ze problemen kan oplossen is per definitie behangpapier.

Het mag wat ambitieuzer

De vormgever kan meer zijn dan de persoon die het onderzoek of de tekst van een ander in een overzichtelijke vorm giet. Iemand die de boodschap verfraait. Ze kan een relevantere rol vervullen wanneer ze zich minder bezighoudt met de goedkeuring van haar collega’s en haar blik vaker naar buiten richt.

Matilda: een lettertype voor zwakke lezers. Door Ann Bessemans.

Het samenbrengen van kennis uit verschillende leefwerelden kan voor verrassende resultaten zorgen. Wanneer ontwerpers zich meer mengen met hun publiek kunnen ze architecten zijn die bouwen ten dienste van de bevolking. Makerscollectief Onbetaalbaar doet dat al op geweldige wijze met interieurobjecten. Zo’n initiatieven vind ik enorm inspirerend.

Verandering die vertrekt vanuit de samenleving heeft de mogelijkheid om het beleid te beïnvloeden. Die hangt niet af van geld of goedkeuring. Wachten tot multinational X of overheid Y je contacteert om de knopen te ontwarren is zinloos.

Want die verandering komt zelden van bovenaf. Ze vergt proactiviteit. Desnoods door loze opdrachten te aanvaarden om de huur te kunnen betalen en waardevolle projecten belangeloos uit te voeren. Als een Dave Eggers die krantenartikels schrijft om McSweeney’s te financieren. Als een Scarlett Johannsson die Black Widow speelt om Under the Skin te kunnen maken.

Waardevolle projecten voor mensen, mét collega’s

Onze sector denkt te klein. We denken in flyers en magazines terwijl we in stadsprojecten kunnen denken:

  • oplossingen zoeken voor betere mobiliteit door aangepaste signalisatie,
  • nadenken over wat we kunnen betekenen voor het milieu (grafische vormgeving is enorm vervuilend op zich, laten we daar al mee beginnen),
  • aangepaste leermiddelen ontwikkelen om het onderwijs te verbeteren,
  • mensen helpen integreren.

Dat zijn de uitdagingen die grafisch ontwerp terug relevant maken. Vormgeving als middel, niet als doel. En als dat een mooi resultaat oplevert: geweldig. Praktisch en lelijk zijn geen synoniemen. Maar het kan niet de enige drijfveer zijn.

Het internet maakt het mogelijk om een Japanse ingenieur te laten samenwerken met een Canadese vormgever en een Zweeds milieu-expert. Het laat ons toe om grafische denktanks te ontwikkelen, zowel op internationale als superlokale schaal. Dan wordt het een platform dat samenwerkingen en oplossingen voor echte problemen mogelijk maakt.

Zo ontwikkelen we de middelen om weer iets te betekenen. 
Om de waterschade aan te pakken voor we het behangpapier uit de verpakking halen. We moeten alleen onze botten willen aandoen.