Laat scouts scouts blijven, alstublieft.

Na 18 onvergetelijke, verrijkende jaren zeg ik de scouts vaarwel. Kapoen, welp, jonggiver, giver, jin, leider en nu ook groepsleider af. Niet zonder het nodige hartzeer. Als afzwaaiend groepsleider moet mij toch nog het een en het ander van datzelfde hart. Doorheen al die jaren heeft scouts mij mee gevormd tot wie ik vandaag ben. Scouts leerde mij te denken in functie van een groep en daarbij mijn eigen verzuchtingen op de achtergrond te plaatsen. Ik kweekte een gevoel van verantwoordelijkheid en doorzettingsvermogen waar ik ook nu nog op kan terugvallen. Bovenal zag ik mijn eigen teerbeminde scoutsgroep uitgroeien tot een stabiele, warme en ongedwongen commune. Zo één waar je familie tegen durft zeggen.

En toch bloedt mijn hart (een beetje). Geen jaar gaat voorbij of er komt ergens wel een jeugdvereniging op weinig flatterende wijze in de media. Elk jaar opnieuw stellen mensen zich vragen bij de groepsgebonden tradities van jeugdverenigingen. Ze zijn “niet meer van deze tijd”, klinkt het. Het is in het bijzonder het uit de hand gelopen spel op het Rode Kruis-kamp van afgelopen week dat mij in de pen deed kruipen. Een nachtactiviteit waarbij de ontvoering van één van de leden gesimuleerd werd. De leiding had iets te hard zijn best gedaan om het spel realistisch te doen aanvoelen met als betreurenswaardige gevolg dat het kind in kwestie in het ziekenhuis werd opgenomen. Spijtiger echter was het feit dat de betrokken (groeps)leiding de ouders van het kind niet hadden ingelicht over het voorval. Geen goede reclame voor het — naar mijn gevoel — tanende vertrouwen in (de verantwoordelijkheidszin van) sommige leiders en leidsters en jeugdverenigingen in het algemeen. En laat ons wel wezen: de soms opgefokte wij-zij-attitude tussen de verschillende jeugdbewegingen is in dezen irrelevant en zinloos. Jeugdwerking is een begrip dat in de ruimste zin appreciatie verdient. In mijn betoog hierna zal ik enkel spreken vanuit mijn ervaringen als scoutsleider, maar weet dat ik evenveel bewondering heb voor Chiro, JNM, KLJ, Kazou of welke jeugdvereniging dan ook.

Uiteraard ziet de genuanceerde en relativerende scoutsliefhebber wél beterschap. Ik kan alleen maar beamen dat er — voor zover ik daar zicht op heb — binnen scouts- en leidersgroepen (opnieuw) een positieve evolutie gaande is wat visie op jeugdwerking betreft. Mede dankzij een richtinggevend orgaan op nationaal niveau (het Verbond van Scouts en Gidsen Vlaanderen), uiteraard. Waarover later meer. Waar ik jaren terug als lid zelf al eens geconfronteerd werd met de uitspattingen van straalbezopen leiding, staat alcohol vandaag niet langer centraal in een scoutscontext. Scouts is kicken zonder drugs — ja, alcohol is ook drugs — en daar is leiding zich meer dan ooit van bewust. Ze beseffen welke voorbeeldrol zij uitdragen naar jongere leden. Er wordt in groepsverband gediscussieerd over wat wel en niet kan. Zij staan open voor verandering. En ja, af en toe durven ze nog eens de mist in te gaan. Zo roepen vreemde gebruiken binnen scoutsgroepen al eens vragen op. Toch ben ik van mening dat we op vandaag te vaak neigen naar een overdreven politieke correctheid waarbij het ten strengste verboden is nog iemand tegen de schenen te schoppen. We leven in een maatschappij waar enkel nog positieve sanctionering wenselijk is. Oh wee als een kind eens moet pompen omdat hij te laat aan het ontbijt is (“lijfstraf”; “pedagogisch onverantwoord”). Beloon eerder de andere kinderen met een snoepje omdat zij wel op tijd waren. We vergeten dat dit alles plaatsvindt in een gecontroleerd en veilig kader waar op geen enkel moment sprake is van vernedering of intimidatie. Sommige ouders zouden het ons bijna kwalijk nemen als hun kind na afloop van de activiteit niet in even propere kleren huiswaarts keert. Om maar te zeggen: laat scouts scouts blijven, alstublieft.

Wat mij het meest tegen de borst gestoten heeft tijdens mijn carrière als groepsleider was de soms grillige houding van het hierboven reeds vermelde Verbond. Niet alleen tikte dat Verbond mij en mijn scoutsgroep na een (let wel: alleenstaande) klacht — zonder enig voorafgaand overleg — op de vingers voor het hanteren van pompen als sanctie. Je zou toch verwachten dat er eerst geluisterd wordt naar onze kant van het verhaal. Neen, we voelden ons op dat moment allerminst gesteund. Daarnaast was ik dit jaar aanwezig op het Groepsleiderscongres in Antwerpen (#Scoutingrules). Ik volgde er een aantal workshops en was ook aandachtig toehoorder van het open debat tijdens de middagpauze. Zo’n congres zou je moeten sterken in jouw engagement als scoutsleider en in de overtuiging dat je kan steunen op een toegewijde overkoepelende organisatie die het onvoorwaardelijk opneemt voor haar telgen. Ik kon mij jammer genoeg nooit ontdoen van de indruk dat het Scouts en Gidsen Vlaanderen vooral te doen was om damage control. ‘Voorkom aansprakelijkheid’ was de steeds terugkerende boodschap waarmee wij om de oren geslagen werden. In het debat werd keer op keer gewaarschuwd dat de minste fout kan leiden tot schade en zo tot aansprakelijkheid. Stuur je een kind alleen op een bootje als totemproef? Aansprakelijk. Heb je geen fluovestjes meegegeven aan leden toen ze op tocht gingen? Aansprakelijk. Wou je een spel iets te realistisch maken en jaag je een kind de daver op het lijf? Aansprakelijk. You get the picture.

Wat ik vooral wil aangeven: de nadruk zou moeten liggen op engagement en verantwoordelijkheid, niet op aansprakelijkheid. Een leider die geëngageerd is vanuit de juiste overwegingen en waarden zal in de meeste gevallen ook verantwoord te werk gaan. Een verantwoorde leider zal bijgevolg steeds handelen als een goede huisvader (om het even over de juridische boeg te gooien). De idee dat jouw moederorganisatie voornamelijk haar aansprakelijkheid en die van haar leden wil inperken, is niet erg bemoedigend. En om terug te komen op het kwalijke incident tijdens het Rode Kruis-kamp: transparante communicatie naar ouders toe had hier veel imagoschade kunnen voorkomen. Dat er bij sommige groepen op communicatief vlak nog werk aan de winkel is, staat vast. Jeugdverenigingen zijn stilaan uitgegroeid tot kleine ondernemingen waarbinnen goede administratie en communicatie cruciaal zijn. Het is dan ook logisch dat jonge en soms impulsieve leiders de bal af en toe eens misslaan. Wat mij dan weer opvalt is hoe diezelfde jonge, gedreven leiding steeds vroeger betrokken wil worden bij het organisatorische aspect van de werking. Hoe zit het met verzekeringen? Wie regelt het kampvervoer? Hoe staat het met de financiën? Aan engagement en zin voor verantwoordelijkheid dus geen gebrek.

Ik ben er — uit de grond van mijn hart — van overtuigd dat de komende generatie jeugdleiders er in alle opzichten op gebrand is het in de toekomst nog beter te doen. Ja, zij zijn vooruitstrevend. Zij willen aan de slag met diversiteit, inclusie en seksualiteit. Om al die redenen vraag ik u (kind, ouder, Verbond-medewerker…) om het vertrouwen te blijven leggen in jongeren die jaarlijks uit eigen beweging hun tijd en energie blijven steken in andere jongeren.

Groet af.

Veelzijdige Specht
Edward Huyghe
Voormalig groepsleider Scouts Klauwaards Sint-Martinus Gent