The more every man endeavors and is able to seek his own advantage, that is, to preserve his own being, the more he is endowed with virtue. On the other hand, insofar as he neglects to preserve what is to his advantage, that is, his own being, to that extent he is weak.
Volgens Spinoza is het een absurditeit om te stellen dat de mens vanwege zijn natuur zou proberen om op te houden met bestaan. Hij stelt het gelijk met de gedachte dat er uit niets iets voort zou kunnen komen. Een onmogelijkheid dus, volgens Spinoza. Voor Spinoza is dit ‘zelfbehoud’ het grootste goed van de mens. Volgens hem kan de deugdzaamheid van de mens afgeleid worden van de menselijke kracht die deze mens bezit. Op zijn beurt wordt die kracht weer bepaald door de hoeveelheid moeite die een mens doet in het volhouden in zijn bestaan.
Hierom schrijft Spinoza in Propositie 20 dan ook dat hoe meer iemand in staat is om zijn eigen voordeel te zoeken, dus zijn eigen zijn te behouden, hoe meer iemand begiftigd is met de deugd.
Propositie 20 tot en met propositie 26 staan allemaal in het teken van dit ‘zelfbehoud’ thema. Wanneer men deze proposities leest, dan krijgt men op het eerste gezicht het idee van Spinoza als een profeet van het individualistische wereldbeeld, met propositie 25 als hoogtepunt:
‘Nobody endeavors to preserve his being for the sake of some other thing.’
Deze egocentrische teksten lijken moeilijk te rijmen met de teksten van de bijbel. Dit is opmerkelijk omdat men in de tijd van Spinoza gewoon vervolgd kon worden voor ‘godlasterende’ teksten. Maar wat zegt Spinoza nou eigenlijk precies over de natuur van de mens? Spinoza stelt dat het onjuist is om te stellen dat het de natuur van de mens is om te willen stoppen met bestaan. In de regel denk ik dat iedereen zich hier toen en nu in kan vinden. Zelfmoord wordt over het algemeen immers nog steeds gezien als iets betreurenswaardig en niet als de norm. Eigenlijk wordt hier dus niets controversieels gezegd. Zelfs het zoeken naar het eigen voordeel en het verlangen om te blijven bestaan hoeft niet uitgelegd te worden als onbijbels en dus controversieel. Immers staat in de bijbel ‘heb de naaste lief als uzelf’. Spinoza legt hier de juiste basis, eerst moet men zichzelf kunnen liefhebben, eerst moet men voor zichzelf het verlangen hebben om te bestaan en daarna kan datgene ook gewild worden voor de ander. Dit wordt duidelijker wanneer men het scholium van Propositie 18 leest. Daarin valt te lezen dat wanneer men redelijk is en dus het eigen voordeel zoeken, dat men dan niet iets zoekt, wat men ook voor de rest van de mensheid zou willen.
Zo lijkt Spinoza op het eerste gezicht controversiële dingen te schrijven, maar bij een tweede lezing valt al snel op dat Spinoza een uiterst logische weergave geeft van misschien wel hoe de mens in elkaar zit. Spinoza geeft een uitgebreidere en meer onderbouwde versie van het gezegde: ‘wanneer iedereen aan zichzelf denkt, wordt er aan iedereen gedacht.’