Hamdorff & Tabak -afl. 11

ROC Het Binnenhof

Hamdorff wilde dat we eerste even de sfeer van Het Binnenhof in ons zouden opsnuiven, voordat we naar Tabak en Kolbász zouden afreizen. Het oudste gebouw ter wereld, waarin nog een parlement bijeen komt, volgens Hamdorff. “Het stort nu bijna in en ze nemen vijf jaar de tijd om het te renoveren. Daarna staat er weer een gebouw klaar, waarin het parlement nog honderd jaar langer kan doen alsof de tijd heeft stilgestaan. Doodzonde. Het zou een prachtig complex kunnen worden voor het Nederlands Historisch Museum, dat we ten onrechte nog nooit hebben ingericht”.

We hadden nog even de tijd om naar binnen te lopen. In de plenaire zaal was het vragenuurtje aan de gang. “Kijk even”, wees Hamdorff, “als ik in mijn eigen theater net zo’n voorstelling zou maken, kwam er óók geen publiek. Maar gelukkig gaat het daar niet om. Dit is een van de gelegenheden waar de jonge lichting Kamerleden studiepunten kunnen halen.

“Studiepunten?”, vroeg ik. “Ja, man, leren vragen stellen, leren voordragen, leren interrumperen. Voor al die intelligente meisjes en jongens uit de partijpolitiek is het Binnenhof een ROC. Ze willen binnen vier jaar de studierichting Algemeen Bestuur hebben afgerond. Daarna doen sommigen er nog een paar de post-doc opleiding minister of staatssecretaris bij. Maar de meesten solliciteren meteen naar een baan in het publieke bedrijfsleven”. Hamdorff schudde er een aantal uit de mouw. Met namen en rugnummers. Er waren burgemeesters bij, commissarissen van de koning, bestuurders van op afstand gezette overheidsdiensten en hoofden van Autoriteiten van allerlei snit, die de laatste jaren als paddenstoelen uit de grond zijn geschoten.

“Allemaal niet zo erg”, zei Hamdorff, ”als ze maar niet tegelijk de pretentie hadden dat ze hier echt met elkaar het land besturen. Dat doen anderen. Ze halen hier de school en het echte leven door elkaar.”

“Daarom krijgen ze steeds weer van de kiezer een onvoldoende. Hardleers”, bromde Hamdorff.

(wordt vervolgd)