Opdracht B1 — Observatie

De zon schijnt fel in zijn gezicht. Op de achtergrond keuvelen meiden over de hakkelende docent, de tekortschietende studiestof én de niet al te knappe, maar slimme klasgenoot. Hij krijgt er weinig van mee. Zijn lompe, zwarte koptelefoon danst op zijn schouders, uitgeraasd na een helse Elfstedentocht op de weg. Zijn bezweette gezicht verraadt dat tenminste, evenals zijn natte krullen en zijn doffe Hawai-shirt, met achterop levensgroot Dean 87 wit bedrukt. In een koffiemolen-tred zoekt hij naar de ingang van de fietsenstalling, om tegelijkertijd met een hoge stem een paar bekenden op een bankje te begroeten. Hij steekt dan zijn hand op, maakt als een baby een zwaaiend gebaar richting de vier jongens en besluit met een hoge ‘Goede-morgeeeen’ de reis naar de CHE.