De slimme deelfiets: minder fietsen (zn.) zorgt voor meer fietsen (ww.)

Hoe ontleen je een leenfiets? handleiding Mobit.eu

Vanaf 1 september is er een nieuwe deelfiets beschikbaar; de slimme deelfiets. Het is een ‘free floating’ fiets die je via een gps-tracker op je smartphone kan lokaliseren, ontlenen en eender waar opnieuw kan achterlaten. Je moet dus niet langer naar een afhaalpunt zoals met de deelfietsen in Antwerpen (Velo) en Brussel (Villo!). Een smartphone en een QR-scanner maken het mogelijk het slimme slot te openen. De nieuwe slimme deelfiets komt overwaaien uit Azië en wordt vrijdag in Mechelen, Hasselt en Kortrijk geïntroduceerd. Brussel krijgt een gelijkaardig systeem voor elektrische fietsen (Billy Bikes) (DM 29/8).

De vaste deelfietssystemen met afhaal- en inleverpunten zoals in Antwerpen en Brussel zijn nog steeds heel populair. Zowel het aantal gebruikers als het aantal ritten per jaar blijft ruim stijgen. De praktijk slaat aan, al vallen de stations af en toe in panne zoals gisteren in Antwerpen.

Mechelen, Hasselt en Kortrijk kiezen voor een nieuw systeem, elk met 200 fietsen. Mobit, een Gentse start-up, levert de fietsen en de digitale technologie, de steden zorgen in samenwerking met sociale economie voor herstellingen en herverdeling van fietsen in de stad. Gebruikers betalen amper 45 cent per 20 minuten. Belangrijkste voordeel ten opzichte van Velo en Villo! is dat je de fiets overal mag achterlaten. Of is dat nu net de achilleshiel?

Leenfiets werd strooifiets

De deelfiets wordt immers niet overal op gejuich onthaald. Sinds enkele maanden worden Amsterdam en Rotterdam overladen met deelfietsen van meerdere aanbieders; Flickbike, oBike, Donkey Republic, HelloBike,… Lokale overheden waren onvoldoende voorbereid op de dumppolitiek van sommige deelfietsondernemers. Deze konden plotsklaps honderden fietsen plaatsen in het straatbeeld om hun product te lanceren. Elk fietsenrek is een potentieel afhaal of inleverpunt, maar de realiteit geeft aan dat ze overal terechtkomen. De leenfiets werd een strooifiets en neemt te veel van de schaarse publieke ruimte in beslag. Recent besliste de stad Amsterdam om de deelfietsen vanaf september uit het straatbeeld te verwijderen. Ook in steden als Londen en Manchester zijn er groeipijnen. Deelfietsen zijn niet kwaliteitsvol; fietsen zijn snel stuk, belanden in het kanaal of hangen in de bomen.

Helemaal interessant wordt het als je ziet dat zowel de aanbieder als de tegenstanders hetzelfde argument gebruiken; we willen meer fietsers (gebruikers), maar niet meer fietsen (tweewielers). Tegenstanders wijzen naar het overaanbod van tweewielers in steden, fietsenrekken die voortdurend uitpuilen en de angst voor deelfietsen die gaan rondslingeren over voetpaden, parken en pleintjes. Waarom dan nog meer fietsen in de publieke ruimte parkeren? Voorstanders zeggen dan weer dat gedeeld fietsgebruik zorgt voor meer gebruikers per fiets waardoor er minder parkeerdruk is op fietsenstallingen.

Op basis van de praktijken in andere steden zijn er reeds oplossingen bedacht die lokale overheden en fietsdeelbedrijven samen kunnen uitwerken om de nadelige effecten te beperken;

  • Overlast en wildparkeren kan verminderd worden door speciale parkeervakken in te voeren. Zo kennen we in Mechelen en Gent al specifieke parkeermatten voor fietsers. Verder zouden aanbieders het onmogelijk kunnen maken om fietsen in bepaalde zones achter te laten (geofencing).
  • Gebruikers moeten gensensibiliseerd worden om fietsen enkel in publieke ruimte achter te laten. Een reservatiefunctie kan ervoor zorgen dat je een fiets toch een langere periode kan ontlenen terwijl je hem op publiek terrein op slot zet.
  • Buitenlandse steden werden overladen met deelfietsen. Projectpartners moeten samen op zoek naar de perfecte verhouding tussen aantal gebruikers en aantal fietsen.
  • Zorg voor duidelijke afspraken voor onderhoud van de fietsen. Geef leenfietsen geen kans weesfietsen te worden. Incentives voor gebruikers om brokken te melden kan helpen de kwaliteit van de fiets te garanderen (zie volgende punt).
  • Een puntensysteem van gebruikers belonen of bestraffen wanneer ze de fiets niet reglementair of op een asociale plaats parkeren zoals een bos of een privé-tuin. Gebruikers kunnen ook punten winnen als ze veilig fietsen of fietsen melden die hersteld dienen te worden.
  • Zorg dat je als overheid toegang hebt tot de (anonieme) gps-data van de fietsers. Waar fietsen en parkeren deelfietsers? Waar is er potentieel overlast? Het laat je toe op korte en lange termijn fietsinfrastructuur te verbeteren in functie van alle weggebruikers.
  • In Melbourne zorgt een puntensysteem ervoor dat mensen automatisch meer betalen als ze te veel strafpunten hebben verzameld. Zo’n dynamische prijszetting is echter controversieel en niet echt klantvriendelijk.

Ondanks de groeiende populariteit van deelfietsondernemingen blijven onze lokale overheden aarzelen. Ze kijken nog even de kat uit de boom. Fietsberaad plant in september een overleg met de Vlaamse steden over de deelfiets. Want wat zijn de goede omgevingsfactoren voor een slimme deelfiets? De Blue-bike, de deelfiets van de NMBS, is immers al een gevestigde waarde in de Vlaamse steden.

Het lijkt voor de hand liggend dat fietsbezit een belangrijke factor is. Hoe meer mensen een eigen fiets hebben, hoe minder vraag naar een deelfiets. Niets is minder waar. In Nederland, het land met het hoogste ratio fietsbezit (84% van de Nederlandse bevolking bezit één of meerdere fietsen), is de OV-fiets echter ook een groot succes als aanvulling op het eigen fietsbezit. De NS noteerde in mei 35% meer ritten dan in 2016 en verwacht dat de kaap van 3 miljoen ritten dit jaar nog bereikt zal worden. De deelfiets is dus niet noodzakelijk een concurrent voor de eigen fiets. Het potentieel van deelfietsen zit grotendeels in de combinatie van een deelfiets met openbaar vervoer en korte verplaatsingen. Zo is een deelfiets interessant als natransport vanuit stations naar de eindbestemming. Mensen die een tweede fiets hebben in de stad waar ze werken zouden kunnen overschakelen op een deelfiets waardoor de parkeerdruk verminderd. Waarom dan geen Blue-bike? Een Blue-bike kan je ontlenen voor een hele dag en ergens veilig afsluiten, terwijl een Mobit-fiets je enkel van A naar B brengt. Eens de fiets afgesloten is op punt B, kan iedereen hem weer meenemen.

Mobit, het fietsdeelbedrijf achter de slimme deelfiets, zegt klaar te zijn voor de uitdaging. “De afleverlocatie van onze fietsen is niet afhankelijk van het gps-signaal van de gebruiker, maar van de fiets zelf” stelt Alexander De Bièvre, medeoprichter van Mobit. “Het is bovendien een lokale samenwerking; de fietsherstellingen gebeuren via sociale economie. Zo kunnen zij herstellingen uitvoeren doordat gebruikers dit melden via de app. In Mechelen zullen ze herstellingen op locatie uitvoeren met de bakfiets”.

Eind 2017 wordt het project in de drie steden geëvalueerd. Het succes van de deelfiets lijkt de flexibiliteit, maar tegelijkertijd is ook het institutionele kader belangrijk. Gemeenten en deelfietsaanbieders moeten initiatieven nemen om de positieve effecten te versterken door onder andere te kiezen voor kwaliteitsvolle fietsen, duidelijke parkeerzones en efficiënte gebruikstechnologie.