Een nieuwe taal

We moesten een nieuwe taal vinden. Of nou ja, Lieke moest een nieuwe taal vinden en ik zou haar helpen zoeken. Een paar jaar eerder was Lieke Marsman succesvol gedebuteerd als dichter. Haar eerste bundel werd overladen met prijzen en in de jaren daarna rees haar ster verder en verder. En toen klopte ze bij ons aan.

Ze wilde iets anders. Ze had een verhaal in haar hoofd dat er uit moest, maar dat ze niet in gedichten kwijt kon. Of althans, niet alleen in gedichten. Een hybride, was het woord dat ze in de mond nam tijdens onze gesprekken over haar overstap naar Atlas Contact.

Maar hoe vind je een nieuwe taal? Een traditionele roman is vaak al ingewikkeld genoeg. In dat geval spreken redacteuren vaak over het vinden van de juiste toon. Dat is de ruwe grondstof waarmee schrijvers en redacteuren werken. Maar Lieke zocht een heel nieuw genre. Een mix van proza, poëzie en essayistiek. Dat klinkt kunstmatiger dan het is, want in de poëzie waarmee ze doorbrak zaten al allerlei narratieve en beschouwende elementen. Voor dit nieuwe project begonnen we met een handvol gedichten. En met een titel: Het tegenovergestelde van een mens. Maar wat was de volgende stap?

Ik had geen idee. Maar ik vertrouwde erop dat we op de tast uiteindelijk het antwoord zouden vinden. Ik had een groot vertrouwen in Liekes talent, en vooral ook in haar vastberadenheid. In haar ogen zag ik dat ze wist welk verhaal ze kwijt wilde, ook al wist ze nog niet hoe, en ook al begreep ik nog maar weinig van haar boodschap. Totdat het boek er was zou alleen zijzelf de essentie daarvan begrijpen. Ik moest dus koersen op mijn vertrouwen in haar. En zij op het hare in mij.

En dat deden we. Ik tipte Lieke essayistische romans waardoor ze zich zou kunnen laten inspireren, we spraken over die boeken, ze maakte schetsen, we bespraken die schetsen. Wat er goed aan was bleef, wat niet goed was verdween — of bleef toch nog in één of twee versies hangen. Ik stelde vragen: wat wil je? Is dit wat je wil? Af en toe zetten we een paar stappen achteruit om te kijken wat er aan het ontstaan was. En of dat leek op wat ze in haar hoofd had.

In de eerste maanden zagen we een soort brij met een heleboel losse stukjes rijst eromheen, maar gaandeweg konden we in die brij patronen onderscheiden en verdwenen de losse stukjes. Na ongeveer een jaar was er een verzameling samenhangende teksten ontstaan: essays, gedichten, een overkoepelend verhaal, verteld door een protagonist met een probleem en een doel.

En nu staat er in mijn agenda op 1 juni: boekpresentatie Lieke Marsman. Collega’s op verschillende afdelingen zijn lyrisch over Het tegenovergestelde van een mens, een roman die ons aan het denken zet over de pijnlijk bescheiden plek die we innemen op de wereld: wie zal ons missen als we ten onder zijn gegaan aan smeltend poolijs?

Alleen al het feit dat ik inmiddels begrijp welk — immens — verhaal Lieke heeft willen vertellen (en dat verhaal in één lompe zin kan pitchen), suggereert dat ze hem heeft gevonden. Een nieuwe taal.

One clap, two clap, three clap, forty?

By clapping more or less, you can signal to us which stories really stand out.