Charlottesville augustus 2017, rechtse betoging rond standbeeld van Robert Lee

Charlottesville en de achterliggende symbolen

Digitale Scheurkalender van de Geschiedenis, (jaargang 1, nr. 11)

Kees Willemse
Aug 24, 2017 · 5 min read

Elke politieke stroming zoekt haar eigen symbolen die staan voor dat wat zij denken en nastreven. Vaak komen die symbolen uit het verleden, wat een extra legitimatie lijkt te geven aan wat de aanhangers van zo’n stroming denken en doen. Ook bij links en rechts in de politiek van de Verenigde Staten spelen symbolen een belangrijke rol. Voor enkele daarvan is het moeite waard om te kijken waar zij vandaan komen.
De afgelopen weken brachten heel duidelijk de duistere onderkant van de Amerikaanse samenleving naar boven. De ultra-rechtse gewelddadigheid in Charlottesville. Soms zwaarbewapende leden van de alt-right beweging en van allerlei locale ultra-rechtse protestgroepen trokken op naar symbolen van het verleden in die stad: de standbeelden van Robert Lee en van Thomas Jefferson.
Jefferson is altijd het symbool geweest van verzet tegen te grote invloed van Washington. Het ideaal van Jefferson, zelf een landeigenaar met 200 slaven, was de kleine blanke boer (de yeoman farmer) die zichzelf kon redden op zijn eigen land. Deze blanke boer had het recht zich met eigen wapens te verdedigen tegen elk gevaar dat hem bedreigde. De macht van de federale overheid moest beperkt blijven. Jeffersons houding ten opzichte van de slavernij is altijd wat dubbelzinnig geweest. In ieder geval gaf hij zijn eigen slaven nooit de vrijheid. Dit is een eenzijdig beeld van Jefferson (ook opsteller van de Onafhankelijkheidsverklaring van de VS), maar past prachtig in de denkwereld van white supremacy.
Ook Robert Lee werd symbool van dit verzet tegen het federale Washington, maar dan als militair. Toen de Amerikaanse burgeroorlog tussen de blanken uit Noord en Zuid uitbrak, bood president Lincoln aan Lee het commando aan over het noordelijke leger. Lee’s loyaliteit aan zijn geboortestaat Virginia was echter sterker en hij koos voor de Zuidelijke Staten, verenigd in de nieuw gevormde Geconfedereerde Staten van Amerika. Hij werd eerst commandant van de troepen in Virginia en vervolgens opperbevelhebber van het Zuidelijke leger. Geen wonder dat er in Charlottesville een standbeeld staat van Robert Lee, de trouwe zoon van deze zuidelijke staat en dienaar van het zuiden in de burgeroorlog.
De Amerikaanse burgeroorlog begon ooit met de afscheiding van een aantal zuidelijke staten van het noorden. Zij vormden de Geconfedereerde Staten van Amerika. Zij hadden een eigen president, Jefferson Davis en hun eigen vlag, de Stars and Bars. Deze vlag moest enerzijds verbondenheid tonen met de originele Amerikaanse Stars and Stripes, anderzijds zich duidelijk onderscheiden van de Noordelijke vlag. Tijdens de burgeroorlog schafte president Lincoln (als een soort oorlogsmaatregel tegen het slaven houdende zuiden) in 1863 de slavernij af. De geconfedereerde staten, gesymboliseerd door hun Stars and Bars, wilden de slavernij juist houden. Voor de zwarte gemeenschap van de VS is deze vlag dus een teken van slavernij (in het Zuiden) en racisme. En daarom kiezen de White Supremacy bewegingen deze vlag juist als symbool. Het is voor hen een dubbel symbool, van verzet tegen Washington, het federale gezag dat de zwarte slavernij afschafte, en van het tonen van de blanke suprematie.
Na de burgeroorlog (1861-1865) kwam het zuiden een tijdlang onder noordelijk toezicht: de tijd van de Reconstruction. Noorderlingen gingen niet altijd even tactisch om met deze situatie. Hun toezicht leidde tot frustratie en verzet. Een van de heftigste uitingen van dit verzet werd de Ku Klux Klan. Begonnen met kinderachtig pesten van zwarten ontaardde de Klan in een zeer gewelddadige en racistische beweging. Hun symbolen waren de maskers met puntmutsen, fakkels branden en de symbolische verbranding van een kruis als aankondiging van geweld. Niet voor niets lopen de ultra-rechtse bewegingen met fakkels in hun verzetsmarsen.
Ook het brengen van de nazi-groet, zelfs gepaard gaand met uitroepen als Sieg Heil, maakt duidelijk hoe ultra-rechts zijn symbolen zoekt in wat voor hen ultiem uitdrukt wat zij voelen en willen: Hitlers nazibeweging. Hitler koos een stad die voor hem symbool was voor alles wat hij verafschuwde: Wenen. Stad van joden en marxisten en smeltkroes van nationaliteiten. Daar bracht hij zijn jeugd, zijn leer- en lijdensjaren, door (zijn eigen woorden in Mein Kampf), de legitimatie voor zijn haat en gewelddadigheid. Ultra-rechts in de VS kozen de stad Charlottesville waarvan Jason Kessler, de organisator van Unite the Right, zei: ‘This entire community is a very far left community that has absorbed these cultural Marxist principles advocated in college towns across the country, about blaming white people for everything.’ Ook sprak hij van ‘the anti-white hatred that’s coming out of the city.’ Zo kan een stad symbool worden van dat wat je haat. Die stad moet gezuiverd worden en dan is geweld legitiem. Dat is gebeurd in Charlottesville.
Robert Lee wordt in vele steden in heel de VS geëerd met standbeelden en straten, plaatsen en een universiteit zijn naar hem vernoemd. Zo staat er ook een standbeeld van hem in Charlottesville. Een politieke meerderheid in die stad wil nu dit standbeeld verwijderen en het naar hem genoemde park omdopen in Emancipation Park. Dit blijkt zeer negatieve krachten aan te trekken die dit soort anti-symboliek aangrijpen als motief voor hun afschuwelijke acties. Burgemeester Mike Signer van Charlottesville heeft er een duidelijke mening over: ‘We want to change the narrative by telling the true story of race through public spaces. That has made us a target for groups that hate that change and want to stay in the past, but we will not be intimidated.’ Zo zien we twee groepen tegenover elkaar staan. De ene zegt niet in het verleden te willen blijven steken, de andere dat wat in het verleden gebeurde nooit vergeten mag worden. In beide gevallen tonen zij hoe belangrijk (stand)beelden uit het verleden voor hen zijn. De burgemeester toont het door naamsveranderingen van openbare parken, de Unite the Right mensen tonen het o.a. door te zwaaien met de vlag van de Geconfedereerde Staten van Amerika. De eerste groep maakt eigenlijk een historische selectie. Personen uit de voor hen negatieve kant van het verleden moeten niet in het openbaar geëerd worden met b.v. standbeelden en straatnamen. Dit is nu aanleiding tot een belangrijke discussie over de vraag of een moderne beeldenstorm gewenst is of niet. Een vraag die speelt in de Verenigde Staten, maar ook in Nederland.
Naast symbolen zoeken radicale burgers ook altijd een leider, hun sterke (meestal) man. Dat Trump de rechtse gewelddadigheid (NB moord!) niet direct radicaal veroordeelde maakt duidelijk waarom de ultra-rechtsen hem tot hun sterke man uitroepen. Lamuyae Aharouay noemt het dog whistle politics wat Trump bedrijft. Dat is haatdragende teksten verpakken in ogenschijnlijk onschuldige speeches. Bepaalde groepen halen de haatboodschap eruit en verbinden de huidige president met symbolen en retoriek uit het verleden: Sieg Trump! Aharouay: ‘als je het hondenfluitje gebruikt, dan moet je er niet van opkijken als de honden gaan blaffen.’ In Charlottesville gingen ze bijten.

Bronnen (klik op een link)
CNN

Over het behoud van pro-slavery monumenten

Column van Lamuyae Aharouay: NRC, 17 augustus 2017

Over het al of niet verwijderen van politiek beladen (stand)beelden

)
Kees Willemse

Written by

Historicus. Schrijft korte stukjes over hoe de geschiedenis zich telkens anders herhaalt.

Welcome to a place where words matter. On Medium, smart voices and original ideas take center stage - with no ads in sight. Watch
Follow all the topics you care about, and we’ll deliver the best stories for you to your homepage and inbox. Explore
Get unlimited access to the best stories on Medium — and support writers while you’re at it. Just $5/month. Upgrade