EMA

Bloglieveling met googlefobie


Door: Johannes De Breuker


‘Mag ik eerst nog wat stretchoefeningen doen om m’n bloed te laten stromen?’, vraagt EMA voordat ik — mét blos op de wangen — aan mijn vragen toekom. De flexibele vrouw achter EMA is de Amerikaanse Erika M. Anderson die in 2011 de blogosfeer verbaasde met haar indrukwekkend én persoonlijk debuut ‘Past Life Martyred Saints’. Nu haar tweede LP ‘The Future’s Void’ klaar ligt, durft ze voorzichtig terugblikken op de voorbije jaren.

(Dit interview verscheen eerder in RifRaf 254, april 2014)

EMA: “Het ding met sophomore records is dat je een soort van vrijheid en obscuriteit hebt die later verloren gaat en dat is bijzonder desoriënterend. Zo verlies je ook de voeling met jezelf en eens je dát verliest, of als de onzekerheid toeslaat, wordt het moeilijk om kunst te maken. Dan is er tijd nodig om je weer als jezelf te voelen en niet zoals iedereen denkt dat je bent.”

Vind je het moeilijk om daar een evenwicht tussen te vinden?

EMA: “Een beetje. Tijdens een ander interview vertelde een journalist me dat hij ooit één keer was geïnterviewd en dat het ook meteen z’n laatste keer was geweest. Hetgeen er uit zo’n interview komt, lijkt wel op een karikatuur van jezelf. Grotesk, dat was het woord dat hij gebruikte. Een interview is maar een snapshot. Jij kan een indruk van me hebben en me beter begrijpen dan iedereen die je interview leest, maar ook wij hebben maar een half uurtje gepraat. Zo ontstaat er toch een kloof tussen wie ik ben en wat de rest van mij denkt? Kan dat je niet gek maken?”


Ik beschouw me niet als een celebrity. Ik vind het gewoon niet leuk dat mensen me kunnen googlen en uitzoeken hoe ik eruitzie of wat ik doe.”

Het nummer ‘Dead Celebrity’ lijkt daarover te gaan. Is bekendheid iets dat je zorgen baart?

EMA: “Ik beschouw me niet als een celebrity. Ik vind het gewoon niet leuk dat mensen me kunnen googlen en uitzoeken hoe ik eruitzie of wat ik doe. Ik kan niet uitleggen waarom, maar dat maakt me soms enorm kwaad.”

Oei! Niet kwaad worden, maar ik moet iets bekennen…

EMA: “(lacht) Ik weet het, iedereen kan iedereen googlen. Het werkt langs twee kanten, maar toch hou ik er niet van!”

Het privacy en Big Brother-thema vormt bijna een rode draad doorheen de nieuwe plaat…

EMA: “Sommigen beweren dat er een soort van paranoia doorheen het album klinkt, maar ik denk dan: alles waarover ik vertel is echt en aan het gebeuren! Hoe kan dat paranoïde zijn? Het nummer ‘Sattelites’ schreef ik nog voordat het NSA-schandaal aan het licht kwam. Het gaat meer over het ‘toezicht’ in de Sovjet Unie en in de Oost Europese landen. (denkt na en fezelt) Misschien ben ik toch een beetje paranoïde.”

Ik vind je toch meer neurotisch dan paranoïde…

EMA: (lacht) “Hoe flatterend! Moet ik kiezen tussen die twee? Maar ja, met muziek kan ik wel neurotisch en obsessief te werk gaan. Ik weet hoe de nummers moeten klinken en het is belangrijk voor me om dat juist te krijgen. Paranoïde lijkt me meer iets als je je zorgen maakt over iedereen buiten jezelf.”

Is ‘The Furure’s Void’ eigenlijk even persoonlijk als je debuut?

EMA: “Ik denk van wel. M’n debuut gaat misschien meer over mezelf en één andere persoon terwijl dit album meer over de wereld gaat, of een deel daarvan, waarvan ik deel uitmaak. Ik ben in elke song aanwezig dus zeggen dat het album minder persoonlijk is, kan ik niet.”

Vind die ik-wij-evolutie ook in je leven naast muziek plaats?

EMA: (denkt na) “Ik denk eerder het tegenovergestelde. Ik ben geslotener geworden, toch zeker de laatste jaren. Ik had een break nodig omdat er teveel van mezelf out in the world was en daarom ben ik naar Portland verhuisd. Daar ben ik anoniem.”

Laten we het even over een andere boeg gooien. EMA is de afkorting van jouw naam, maar is het ook een soloproject?

EMA: “Zo is het in ieder geval wel gestart. Sinds er andere mensen bij spelen, is het wel geëvolueerd naar een groep waarvan ik de baas ben. Ik heb vetorecht!”


“Ik ben goed geworden in het toegeven van fouten. Dat is toch een kenmerk van een goede baas, niet?”

Ben je een goede baas?

EMA: “Ik word beter. Vroeger was al wat iemand anders deed, zoals een mix van een nummer, bij voorbaat slechter dan wat ik had gemaakt. Ondertussen ben ik gaan realiseren dat niet alles per sé slechter is omdat ik het niet zelf heb gedaan. Ik ben goed geworden in het toegeven van fouten. Dat is toch een kenmerk van een goede baas, niet?”

Het lijkt er anders toch op dat je de touwtjes goed in handen probeert te houden. Toen ik de lyrics van de plaat doorgestuurd kreeg, had je er zelfs opmerkingen bijgevoegd! Bang om misbegrepen te worden?

EMA: “ (verrast) Ik wist niet dat die ook verstuurd gingen worden! Ik denk eerder dat iemand anders bang was dat ze fout begrepen gingen worden.”

Je praat vaak over kunst als het over muziek gaat. Zie jij jezelf ook meer als kunstenares dan als muzikante?

EMA: “Ik wil graag over muziek denken zoals kunstenaars over schilderijen: nieuwe dingen proberen, stromingen vormen, manifesten schrijven en alles proberen te veranderen. Daarom tracht ik zaken met elkaar te mengen die nog nooit gemengd zijn. Schoonheid met lelijkheid, noise en akoestisch. Het is belangrijk voor me om muziek te benaderen als een kunstvorm die zichzelf blijft heruitvinden. Mensen die denken dat The Beatles de enige band is die er toe doet, ben ik beu. (denkt na) Het voelt alsof al de verschillende kunstvormen hetzelfde zijn. We gebruiken toch ook vaak dezelfde synesthetische vocabulaire om erover te praten? Maar als kunstenares denk ik dat zingen de mooiste, effectiefste kunst is die gemaakt kan worden. Het is cool om een zanger te zijn!”

Naast synesthetische vocabulaire worden er ook een resem vrouwelijke rockers aangehaald om jou te duiden. Wat vind je daar van?

EMA: “Het is leuk dat ze aan één referentie niet genoeg hebben. Daarnaast denk ik dat ze het zichzelf wel gemakkelijker kunnen maken door me te vergelijken met Lou Reed, die tekstueel dicht bij mij staat.”

Is de alternatieve muziekindustrie trouwens moeilijker voor vrouwen?

EMA: “Momenteel is het wel moeilijker voor vrouwen om het te maken in alternatieve muziek. Sinds een paar jaar wordt er echter wel meer aandacht besteed aan vrouwen, maar als je kijkt naar de muzikanten die nu het meeste betaald worden, dan zijn dat allemaal mannelijke DJ’s. Ken je die mop over Amerika, ze maken een zwarte pas president als het land helemaal verkloot is? Voor de muziek is er iets gelijkaardigs. Nu kunnen vrouwen wel in een indierockband spelen, want het grote geld valt nu toch ergens anders te rapen. Een cynisch mopje van mijnentwege.”