Reizen

Een reis maken, betekent dat je je op veel verschillende manieren moet verplaatsen. In de eerste week in Rusland kwamen we al met de volgende vormen van vervoer in aanraking

Binnen de grote ring van Moskou wonen 14 miljoen mensen, die 7 miljoen auto’s bezitten. Kom vandaag er dag niet meer aan met een Lada. Wat ooit de trots van het arbeidersparadijs was, nu is amper meer terug te vinden in het straatbeeld. SUV’s van bekend Duitse merken zijn de statussymbolen van de hedendaagse Rus geworden.

Wie het dagelijkse fileleed liever aan zich voorbij laat gaan, neemt de metro. Het Moskouse metrostelsel is groot en efficiënt. Rennen om je metro te halen is in Moskou een zinloze actie. Mocht de metro voor je neus wegrijden, dan hoef je maximaal twee minuten te wachten voor de volgende is gearriveerd. En dat voor nog geen vier dubbeltjes per rit. Voor dat geld mag je zo lang blijven zitten en zo vaak overstappen als je zelf wilt. Maar eruit en weer erin betekent opnieuw betalen.

En wat als er eens gewerkt moet worden aan de lijn? Daar kwamen wij achter op de derde dag van ons verblijf. Dan zet de Moskouse GVB bussen in. Voor de Nederlandse reiziger doemt een schrikbeeld op van panikerende NS-medewerkers, die met veel goede wil, maar met gebrek aan middelen het Nederlandse openbare leven laten vastlopen. Maar niet bij de Russen! Gedisciplineerd snellen de Russen het metrostation uit, om buiten zonder enige wachttijd in een oneindige hoeveelheid toestromende bussen te worden gestopt, die de reizigers vervolgens naar de volgende stations brengen. Het ineenstorten van het Sovjetimperium heeft kennelijk geen vat gehad op het functioneren van het openbaar vervoer.

Het hoogtepunt van ons eerst deel van de reis is de transsiberiëexpress. Als je deze treinreis in een ruk wilt afleggen, dan ben je zeven dagen en nachten onderweg. Wij kiezen ervoor de trip in een aantal etappes op te knippen, om ook wat meer van het leven buiten de grote steden te zien. Omdat onze eerste bestemming Suzdal is, moeten we na twee uur alweer uit de trein. Het is ook eigenlijk nog geen echt treinstel van de machtige Transsib, maar meer een soort sprinter. Wel leuk om te melden dat de drie personeelsleden op de trein halverwege de tocht met een handvol volslagen onbenullige snuisterijen de passagiers proberen over te halen iets mee te nemen voor de kindertjes thuis.

De eerste vierentwintig uur in de trein doen we het traject Vladimir- Jekatarinaburg. Inchecken doe je met ticket en paspoort, die zorgvuldig gecontroleerd worden door de provodnitsa. Zij waakt over ons treinstel en ons en zorgt ervoor dat we beddengoed krijgen, het treinstel schoon blijft en de collectieve samowar bijgevuld. Deze samowar lijkt in de verste verte niet op de klassieke exemplaren die we van het Romanovhof kennen, maar is een industriële tank, die ons wel 24/7 voorziet van warm water, waar we dankbaar gebruik van maken voor ons kopje thee of. noodlesoepje. Eten in de restauratiewagon kan ook. Die hebben wij gebruikt voor ons ontbijt, maar het viel op dat er door de Russen amper gebruik van werd gemaakt. Kennelijk te duur, want je kunt ook regelmatig op de tussenliggende stations de trein even verlaten, als er voor een minuut of twintig gestopt wordt. De rokers in de trein kunnen dan snel hun nicotineshot nemen en de overige passagiers lopen langs de kraampjes op het perron voor een natje en een droogje.

En zo trekt het glooiende landschap aan je voorbij. Veel bomen, af en toe een dorpje met veelal houten huizen en boerenbedrijven. Waarschijnlijk voormalige kolchoven, te zien aan de grote graansilo’s in het land. Onze medereizigers zijn allemaal Russisch. Communiceren gaat met handen en voeten. Als ze erachter komen dat we de treinreis helemaal naar het oosten maken, vragen ze zich verbaasd af of we dan niet beter het vliegtuig hadden kunnen nemen. Dat reizen meer is dan van A naar B te komen, kan ik nog niet in het Russisch uitleggen.

One clap, two clap, three clap, forty?

By clapping more or less, you can signal to us which stories really stand out.