In de greep van een medicijnman

Guindo is terug in Bamako. Twee maanden geleden was hij ineens spoorloos verdwenen. Normaal zie ik hem eens in de twee weken, als hij geld op komt halen voor ons gezamenlijke project voor een groep bejaarde leprose dames. Eind februari nam hij op de afgesproken dag niet op. In de maand die het duurde voor ik een krakend telefoontje kreeg uit de bush, ging ik van irritatie, naar ongerustheid, naar grote zorgen. Gisteren kwam hij uitleggen hoe hij in de greep was van een medicijnman.

Mijn vriend is kok van beroep, maar bij een brommerongeluk liep hij een lamme rechterarm op. Sindsdien gaat echt werken niet meer. Maar hij zorgt er wel volledig pro bono voor dat vijfentwintig vrouwen die zwaar gehavend zijn door lepra elke dinsdag een vorstelijk maal krijgen op hun bedelstek in het centrum van Bamako. Het geld voor de ingrediënten komt van particuliere weldoeners in Nederland, die het storten op de rekening van een tussenpersoon. Sinds een half jaar ben ik dat.

Elke twee weken onderneemt Guindo een tocht van enkele uren met de minibus om het equivalent van een euro of 50 op te halen. Dan maakt hij mijn tuinman breed lachend uit voor ‘mijn slaaf’. Adama lacht dan schaapachtig terug. Ze komen allebei uit de Dogonvallei, maar er is kennelijk een groot standsverschil dat niet vaak genoeg benadrukt kan worden. Daarna nemen we bij een glaasje prik op het terras kort de stand van het land door en de conditie van de ‘beneficiaires’. Ik overhandig enkele tienduizenden CFA’s en hij zet met zijn nog werkende linkerhand een kruisje voor ontvangst.

Begin februari had hij echter twee extra vragen. Ten eerste of ik niet meteen voor een maand kon betalen omdat hij een paar weken op reis moest en zijn vrouw dan niet helemaal naar mij toe hoefde te komen. Ten tweede of ik hem niet 150.000 CFA (235 euro) kon lenen voor de aanschaf van een aangepaste brommer, zodat hij minder reistijd zou hebben. Die kon hij dan met 50.000 per maand afbetalen. ‘Je vais reflechir un peu.’, antwoordde ik. Een lening wordt hier makkelijk gevraagd en het verschil tussen een lening en een gift blijkt in de praktijk nog wel eens dun. Dit was meteen ook een flink bedrag, maar ja, ik kon het wel lijen en hij zou er enorm mee geholpen zijn. Bovendien was hij tot nu toe betrouwbaar gebleken met afspraken en hij verricht wekelijks meer goede werken dan de meesten van ons in een jaar.

Na die maand kwam hij alleen niet opdagen voor onze volgende ontmoeting. Op alle nummers die ik van hem had (Malinezen hebben het liefst bij elke aanbieder een simkaart vanwege de gebrekkige netwerken) kreeg ik geen gehoor. Eerst probeerde ik het elke dag, daarna elke week. Eind maart informeerde ik bij mijn voorganger of dit al eens was gebeurd, maar nee. Ik begon me serieuze zorgen te maken. Een ongeluk zit hier in een heel klein hoekje. Net toen ik besloten had om de eerstvolgende dinsdag een paar uur vrijaf te nemen om te kijken of er nog iemand eten uitdeelde in het centrum, kreeg ik bericht van Guindo dat hij zich aan het ‘soigneren’ was in een dorp en of zijn vrouw niet toch kon langskomen voor het geld. Toen waren we al een week of zeven verder.

Zijn vrouw stelde me gerust dat het al die tijd zeer voorspoedig was gegaan met de voedseluitgifte en dat manlief spoedig zou wederkeren. Maar waar hij nou was, kon ze me ook niet echt duidelijk maken. Gisteren zat hij dan eindelijk weer in levende lijve bij mij op het terras. Een beetje teleurgesteld dat hij de tuinman net gemist had, maar verder stralend. Op mijn openingsvraag of hij lekker uitgerust had in het dorp, veerde hij op. ‘Uitgerust? Ik was ziek. Enorme pijn aan mijn arm. Daarom ging ik naar de traditionele dokter. Maar eenmaal daar, liet hij me niet meer gaan. Ik moest weken blijven voor de behandeling. En bellen ging niet, want de eerste plek met bereik was acht kilometer verderop, dwars door een bos vol gevaarlijke insecten. Anders had ik jou zeker even een belletje gegeven. Maar goed, mijn arm voelt nu beter. Ik vertrek binnenkort naar een ander dorp waar een medicijnman woont die de arm ook weer kan laten werken.’ Bijna in één adem door, kwam hij ook terug op zijn verzoek. ‘Zeg, had je trouwens al iets besloten over die lening?’

Ik had eigenlijk al besloten het niet te doen, maar nu hij voor me zat begon ik toch weer te twijfelen. Gelukkig ben ik na een klein jaar Mali inmiddels bedreven in enigszins vage en nonchalante antwoorden die feitelijk niets voorstellen, maar wel de sfeer erin houden. ‘Je vais reflechir encore un peu.’ In ieder geval weer twee weken respijt, of wat langer…

Like what you read? Give Maarten van Heems a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.