Nooit meer vluchten.


“Soms” zuchtte de mier “wil ik weg”. Hij keek sip. En verloren.

“Weg om alles anders te doen. Weg van alles wat me herinnert aan verdriet. Gewoon, weg!”

De vlinder keek ‘m liefdevol aan. “Er is geen wég” zei hij.

Samen zaten ze aan de rand van het meer. De zomer was in volle gang, maar hield zich nog even een beetje in omdat het nog geen middag was. De wereld zoemde van het leven. De vlinder ging verder.

“Je kunt niet vluchten van jezelf. Er is geen betere jij, verderop in het land, ergens op een andere plek in de wereld.”

Hij ging verzitten.

“Je kunt je schaduw nooit afschudden, nooit onder je eigen denken uit kruipen, en je draagt je verleden altijd met je mee. Er is maar één oplossing voor al dat drukkende, pijnlijke gedoe, en dat is juist níet hard wegrennen.”

Ze keken in stilte naar het meer. Het was glad als een spiegel. Er hoefde niks gezegd te worden, maar dat gebeurde tóch.

“Ik ben overal geweest” zei de vlinder “en het was fantastisch. Exotisch, kleurrijk, overweldigend, onvergetelijk! Maar m’n verleden reisde altijd met me mee.”

Hij keek de mier aan. Zijn ogen helder en warm van oprechte liefde voor zijn vriend.

“Als er rekeningen openstaan” zei de vlinder zacht, “moet je die vereffenen. Niks wat écht belangrijk is zul je ooit kunnen ontlopen. Wat jij bent, is hier, nu, en dat zal nooit anders zijn.”

De vlinder dacht na. De mier keek stil naar de grond. De zon deed wat-ie altijd deed, zonder wrok en rancune ten opzichte van de wolken.

Een oorverdovende simpelheid daalde over de ochtend heen.

“Pas als je doorziet dat je problemen echt alleen maar verhaaltjes zijn, en commentaar op die verhaaltjes, ben je vrij, wáár je ook bent.”

De mier ging nergens heen. Hij was dan misschien best verdrietig, maar wel op de plek waar hij het liefst verbleef.

De ochtend dreef voorbij. En iedereen bleef waar-ie was.

Email me when MarnixAmsterdam© publishes or recommends stories