Othello, een spelletje zwart maken

Othello in première in Valkenburg, 26 juni 2015

Toneelgroep Maastricht kwam op donderdag 18 november naar Hasselt met een van de beroemdste tragedies van Shakespeare: Othello, de Moor van Venetië. De versie van Toneelgroep Maastricht werd herwerkt door huisschrijver Jibbe Willems, hij stak het vier eeuwen oude stuk in een actueel jasje. Dat samen met een schitterende prestatie van de acteurs zorgde voor een mooie en emotionele theateravond.

Het stuk opent met de opkomst van een blanke man, zwarte schmink rond de ogen met een contrabas in de hand. Al jazz-spelend beeldt hij het clichébeeld van een zwarte man uit. Dit is echter in contrast met de echte Othello (Koen De Sutter), een Venetiaanse zwarte man die het tot generaal geschopt heeft. Toch is net zijn zwart zijn het probleem. Wanneer Othello, een Moor, niet zijn vriend Jago maar wel Michaël Cassio benoemd tot luitenant, begint ons verhaal.

Het toneelstuk wordt gedragen door Jago (Michaël Pas). Het karakter dat met zijn charme en schijnbare naïviteit generaal Othello ten val brengt. Michaël Pas zet een komische en sluwe Jago neer. Zijn naar het publiekgerichte monologen zijn hard en bevatten vele racistische scheldwoorden. Maar Pas zegt ze, als goede acteur, zonder blikken of blozen. Wel valt hij vaak terug op clichématige gemene lachjes en lichaamshoudingen. De Othello van Koen De Sutter vult Jago perfect aan. Het is haast niet te geloven dat deze twee mannen nog nooit samen op een podium hebben gestaan, ze zijn perfect op elkaar ingespeeld. Othello’s kinderlijke goedgelovigheid in alles wat Jago hem verkondigd is aandoenlijk. Zijn liefde voor Desdemona maakt hem radeloos. De Sutter weet het contrast tussen de sterke legergeneraal en de onzekere geliefde perfect uit te spelen.

En dan is er nog Desdemona (Julia Akkermans) puur in haar volledige overgave aan een man die haar niet waard is. Akkermans geeft zich volledig over en is een plezier om naar te kijken. Ze weet te schakelen tussen emoties zonder te sentimenteel over te komen.

Een op het eerste zicht minder belangrijk karakter is Emilia (Sanne Samina Hanssen). Maar Hanssen zet haar karakter zo krachtig neer dat ze continu de aandacht naar haar toetrekt. Hanssen speelt Emilia als een sterke vrouw die haar buikgevoel volgt en zegt wat ze denkt. Haar rol is niet groot, maar in alles wat ze zegt is ze beredeneerd en vastberaden. Emilia, de onbezongen heldin van deze tragedie.

Het gespeelde verhaal, opgebouwd uit misverstanden en manipulatie wordt vaak afgewisseld met zang en piano. De zaal heeft dan even de tijd om adem te halen en een zware scene te laten nazinderen.

Jibbe Willems, huisschrijver van Toneelgroep Maastricht, behoudt de centrale thema’s jaloezie, liefde, ambitie en wraak maar hij voegt er een actuele insteek aan toe en dat maakt het vernieuwend. Willems past de taal vakkundig aan aan de de 21ste eeuw maar weet trouw te blijven aan de krachtige metaforen van Shakespeare.

De vormgeving van het stuk is vrij simpel. Het decor is eerder sober. In het midden staat een soort glazen kooi waarin onze karakters af en toe rust zoeken, doof voor wat de op wraak beluste Jago buiten de kooi allemaal ligt te bekokstoven. Ook de doorzichtigheid van het decor zorgt voor openheid, een contrast met het stuk waar alles achter gesloten deuren en gefluister verborgen gaat.

De Maastrichtse opvoering was sterk opgebouwd. Het bewonderenswaardig hoe toegankelijk ze het stuk hebben gemaakt. Je hoeft geen grote theaterliefhebber te zijn om dit te kunnen smaken. De rauwe emotie en de overgave waren de staande ovatie aan het einde van de avond dan ook zeker waard.

Marthe Hanegreefs