AANWEZIG ZIJN, NADER KOMEN

Een reflectie op het hedendaagse concertritueel met commentaar van mijzelf.

Geschreven 16 Maart 2011

De rijkdom van de wereld is gratis geworden.
Informatie, vermaak en schoonheid zijn direct en zonder moeite beschikbaar.
Met een internetverbinding of schotelantenne kun je in korte tijd oneindig veel ervaren.

Soms kijk ik minutenlang naar een vage Arabische zender.
Ik versta niets, maar de vormgeving en sfeer fascineren me.
Alsof ik in een andere tijd terecht kom.

Overzicht is onmogelijk.
Je zult nooit alles kunnen zien, daarom leer je om een beetje rond te dwalen in verschillende werelden en sferen.

Ik heb honderden mensen in mijn Facebook.
Het merendeel ken ik slechts vaag.
Een aantal is me dierbaar.
Toch heb ik geen tijd heb om uitgebreid bij te praten met oud-klasgenoten, ex-geliefden of collega’s.
Maar het is mooi om toch een indruk te krijgen van hun wereld.

De wereld komt steeds meer dichtbij. Je kunt je midden in belangrijke gebeurtenissen begeven.

Ik wordt uitgenodigd door mijn Facebook connecties voor concerten in Ramallah en Damascus.
Ik kan de onderlinge discussies volgen en de emoties en deelnemen aan de gedachtesprongen van jongeren in Gaza.
De geschiedenis die daar wordt geschreven is helemaal toegankelijk en tastbaar dichtbij.

Er is geen grens aan de informatie die toegankelijk is, wel aan wat je kan verwerken. Je kennis en ervaring kunnen groeien zolang je je openstelt, zolang je het nog kan bijbenen.

Ik leg oude, ongelezen kranten in het toilet.
De kunst is tijdens één plas een hele krant door te bladeren en mezelf te verzekeren dat ik niet iets essentieels mis als de krant wordt weggegooid.

De veelheid aan indrukken is boeiend en verrijkend, zolang de snelheid waarmee je kijkt, luistert en analyseert hoog genoeg is. Dat kun je leren.
Je wordt steeds bedrevener om slechts oppervlakkig te screenen en direct te oordelen of iets nuttig of interessant is.

Ik krijg per dag 50 a 80 e-mails.
Die lees ik niet natuurlijk.
Ik scan alleen, om te zien of er iets belangrijk is.
Na een half uur zijn er nog tien over waar ik iets mee moet.

Als je sneller wilt waarnemen, begrijpen, reageren, zul je niet echt meer mee kunnen doen.
Je neemt afstand.

De wereld is tastbaar dichtbij, maar zelf trek je je terug.

Er was een advertentie op het station.
Je kon een sms-je sturen tegen onrecht in Tibet.
Dat kostte 1€.
Nou, dat heb ik er wel voor over.
Goede actie.
Later werd ik gebeld.
Of ik meer wilde doen.
Ik zal in het vervolg oppassen met zulke acties, want het is echt hinderlijk als je daarna wordt opgebeld.

Snelheid levert veel op.
Wat er in één krant staat is meer informatie dan iemand 400 jaar geleden in zijn hele leven tot zich kreeg.
Een miljoen handtekeningen tegen iets onrechtvaardigs zijn in een week via internet verzameld.

Ik heb mijn naam gezet op een lijst om de bijen te redden.
Enkele dagen later kreeg ik het volgeden bericht:

“Wow! Over the weekend half a million of us have signed up to save the world’s bees.”

Ik weet niet zeker of ik dat bericht leuk vond om te lezen. Ik denk wel dat bijen niet geven om een half miljoen namen op een website.

Aandacht kan niet zonder tijd.

Ik ben soms trots als ik een uur lang aan bepaald computerwerk heb gezeten zonder tussendoor mijn e-mail te checken of het laatste nieuws te lezen.

Kennis zonder een verbintenis met het onderwerp zal oppervlakkig blijven.
Oppervlakkige veelheid is totaal verschillend dan een ervaring die ontstaat vanuit een verbintenis.
Het is minder rijk, minder diep.

Het is ook minder waar.
Als ik snel leer oordelen over de indrukken die op me afkomen, zal dat oordeel niet gebaseerd zijn op kennis, maar op intuïtie. Die intuïtie kan makkelijk gemanipuleerd worden. Politiek en commercie gebruiken vluchtige, éénzijdige beelden, uitspraken en verdraaide feiten om jou oordeel te beïnvloeden.
Dat wil je waarschijnlijk niet.
Je wilt de vrijheid om zelf je waarneming te interpreteren. Een oprecht en waar beeld van de werkelijkheid is daarbij essentieel.

Waarheid is gebaat bij tijd.
Tijd nemen is geen luxe, maar noodzaak wil je niet de connectie met de realiteit verliezen. 
Het nemen van tijd is in deze wereld een kunst die opnieuw geleerd en ontwikkeld moet worden.

Muziek kan helpen.

Muziek geeft adem omdat het niet sneller kan, dan het gaat.

Ik ben blij dat ik componist ben.
Publiek loopt vaak na 2 seconden weer weg bij een schilderij.
In een concertzaal kan ik een verhaal beginnen en ook afmaken.
Het publiek kan alleen de muziek ervaren in het tempo van de muziek zelf.
Het haastig screenen van een concert is onmogelijk.

Een concertzaal kan de plek zijn om weer om te leren gaan met tijd.
Om connectie te maken met indrukken die niet sneller kunnen dan ze komen.

Dat klinkt mooi.
Maar vaak ervaar ik de tijd in een concertzaal heel intens.
Dat komt niet omdat ik geboeid ben, maar omdat ik me verveel.
Doordat je ingesloten zit tussen ander publiek, kun je niet ontsnappen.
Ook het lezen van een boek is niet de bedoeling.

Tijdens een live gespeeld concert kun je de tijd beleven, zonder afgeleid te worden door een verhaal.
In een concert versmelten klank en tijd met elkaar. De muziek vertelt niets meer of minder dan haar eigen klank.
Ze staat niet ten dienst van iets anders, maar is alleen zichzelf.
De concertzaal is daarom de ultieme plek om het wezen van de tijd te ervaren. Het biedt de kans om een rusteloze, volle en geprikkelde binnenwereld weer aansluiting te geven aan het ritme van onze fysieke werkelijkheid.

Althans, dat zou zo mooi zijn.

De concertzaal is een gespecialiseerde plek, geoptimaliseerd voor een specifieke ervaring. De akoestiek is perfect. Temperatuur en vochtigheid exact op orde zodat de piano niet vals wordt.

Je stapt een andere wereld in als je een concertzaal ingaat.
Het normale leven wordt buitengesloten.
Je betreedt een plek waar andere regels gelden.
Je gaat mee in een verfijnde code van gedrag, observatie en reflectie.

Bijna elke plek in de wereld heeft een eigen code, met bijbehorend gedrag.
Ook elk stukje tijd krijgt een labeltje: werk, sociaal, ontspanning, verdieping etc. Hoe preciezer de rol en functie van een mens, ruimte of moment, hoe beter ons leven is geregeld.

Ik moet voor het eerst rekening houden met het plannen van mijn vrije tijd.
Jarenlang plande ik alleen mijn werk. Nut, noodzaak en passie waren zodanig versmolten met elkaar dat mijn activiteiten een orchanische eenheid waren.
Nu, met vrouw en kind, is er een onderscheid ontstaan tussen werk en privé.

Dat is wennen.

Alles heeft zijn plek.
Zo ook muziek.
Elk genre of subcultuur heeft een eigen podium.
Los van de rest. Onafhankelijk.
Het is een teken hoe rijk onze cultuur is. Hoe gedifferentieerd.

Ik bezocht een Pakistaans concert in de RAI.
Ik bleek de enige niet-Pakistaan.
Het was vreemd om in het grote RAI-gebouw in een kale zaal een stukje cultuur te ontmoeten dat totaal was losgeknipt uit haar normale context.

Kunst is versnipperd in talloze kleine stukjes.
We zijn vrij om dergelijke stukjes te bekijken in een veelheid aan podia, galeries en zalen.
Het is de kunst om in deze veelheid de juiste keuzes te maken.

Ik probeer zo goed mogelijk op de hoogte te zijn van wat er speelt op muziekgebied.
Als ik naar een concert ga, wil ik zeker weten dat ik de goede keuze heb gemaakt.
Als het concert tegenvalt verwijt ik mezelf dat ik beter had moeten oordelen van te voren.

Niet iedereen heeft de expertise om de goed te kunnen kiezen.
Je kijkt dan naar wat een goede recensie heeft gekregen.
Of iets met een leuke poster.
Of je gaat af op wat je vrienden leuk vinden.
Je laat de keuze over aan anderen.

Fijn dat er zoveel keus is.
Er is zoveel informatie, als ik een foute keuze maak, dan ligt het aan mezelf.

Als er veel aanbod is, en het publiek goed wil kiezen, zal een zaal, band of artiest precies moeten vertellen wat het publiek kan verwachten. Het publiek wil zeker zijn van een goede ervaring. De ruimte voor verrassingen wordt zo klein mogelijk. Genres die niet precies te omschrijven zijn zijn onverkoopbaar.

Ik ga graag alleen naar concerten of theater.
Ik kies wat ik interessant vind; soms zelfs iets waarvan ik geen idee van heb hoe het zal zijn.
Soms valt dat tegen.
Als ik met anderen ga, wil ik zeker zijn dat het een succes wordt.
Dat de sfeer goed blijft.Dan ga ik niet iets onzekers doen.
Neem ik geen risico.

En muziek liefhebber die de totale vrijheid heeft om te kiezen wat hij wil zal zich niet ergens mee verbinden. Zijn keuzes zijn altijd voorlopig. In een veelheid van aanbod is er weinig tijd om verder te kijken dan de oppervlakte.

Ik koop eigenlijk nooit kaartjes in de voorverkoop.
Ik weet immers niet of er uiteindelijk toch iets anders op die avond is dat ik liever wil zien of horen.

Er is zoveel dat je onmogelijk alles kan meemaken.
Zelfs de meest fantastische muziek is misbaar.

Ik heb zelden het gevoel dat ik iets echt niet kan missen.
Te vaak zijn er concerten die worden aangekondigd als iets heel bijzonders.
Te vaak staan er goede recensies in de krant.
Te vaak raden vrienden me aan om bepaalde concerten te bezoeken.
Niet zelden wil ik naar drie dingen op een avond.
Soms blijf ik dan maar thuis.

De sociale verbanden zijn extreem veel losser geworden in pakweg 50 jaar.
Je kunt nu helemaal kiezen voor wat je mooi vindt, en je hoeft geen rekening te houden met wat men van je verwacht.

Gelukkig voel ik me bijna nooit verplicht om naar een concert te gaan.
Natuurlijk zou ik graag de concerten van mijn collega’s en vrienden bijwonen, maar dat zijn er zoveel, het is niet haalbaar.
Naar mijn eigen concerten komen ook zelden collega’s en vrienden.
Iedereen is druk met zijn eigen dingen.

Het bezoeken van een voetbalwedstrijd is niet meer voorbehouden aan een specifiek publiek. Net als het ook niet raar is om naar een exclusieve operavoorstelling te gaan terwijl je helemaal niet rijk bent. Het zijn ervaringen, steeds meer losgekoppeld van je sociale status. Je bent vrij om dergelijke ervaringen uit te kiezen, zoals je vrij bent in je keuze voor een type auto, behang of maandverband.

Er zijn grote verschillen tussen muziekgenres, bands, podia, artiesten.

Toch maken ze allemaal gebruik van posters, flyers, een website en advertenties om hun publiek aan te spreken. Net als commerciële bedrijven proberen ze zo professioneel en gelikt mogelijk te communiceren en gaan ze mee in de brij aan informatie die het publiek bereiken wil.

Ik heb me leren indekken tegen reclame. Zodra ik merk dat iemand mij een bepaald product of dienst wil verkopen, haak ik af.

We worden getraind om muziek te negeren.
Muziek wordt vaak gebruikt om sfeer te maken. Het kleurt onze omgeving, speelt vaak op achtergrond van films, in winkels en restaurants.

Als ik een gesprek heb ik een café, wordt ik vaak afgeleid door de muziek.
Het lukt me dan even niet om muziek te zien als behang.
Komt dat door mijn professionele oren?
Zit er teveel informatie in muziek waardoor ik plots aan iets denken moet?

De techniek brengt de beste musici in je woonkamer.
Op elk moment kun je perfect uitgevoerde muziek beluisteren.
Dat is niet meer bijzonder of verbazend, dat is heel gewoon, goedkoop of zelfs gratis.
We zijn gewend om de beste, internationale artiesten te horen en te zien. Als we naar een concertzaal gaan, verwachten we dan ook tenminste hetzelfde niveau.

Ik schrik soms van de gesprekken in de pauze van een concert.
Je hebt net iets heel bijzonders gehoord, en mensen hebben direct kritiek.
Ben ik dom omdat ik genoten heb van iets dat misschien helemaal niet zo goed was?
Of heb ik gewoon geen zin om de musici een examen af te nemen?

Perfectie is standaard.
Ook een cd-opname van een klassiek stuk bestaat uit soms wel honderden fragmentjes die apart zijn opgenomen en vervolgens zijn samengevoegd.
Net als in films het verschil tussen echte acteurs en special effects niet meer te zien zijn, zo weten we bij opgenomen muziek niet wat virtuoos is of wat door techniek is geperfectioneerd.
We zijn onverschillig geworden, verwend met smetteloze producten. De fysieke strijd die door de artiesten geleverd is om de topprestaties te bereiken wordt buiten ons zicht gehouden.

Ik ken klassieke musici die nog altijd vreselijke zenuwen hebben voor een optreden.
Dat gaat niet over. Je leeft ermee en laat niets blijken aan de buiten wereld.

Musici zijn afstandelijke personen.
Een musicus heeft immers geen tijd om een relatie aan te gaan met het publiek. Om rond te komen dient hij of zij telkens op andere plekken concerten te geven. Rondom een concert is weinig tijd voor iets anders. De planning is immers helemaal efficiënt en strak.

Ik had een stuk voor een groot orkest geschreven.
Voor de eerste repetitie had de dirigent genoeg aan een ontmoeting van drie minuten.
Hij had eigenlijk geen vragen, maar wees me op enkele foutjes in de partituur.
Toen ik aan het orkest wilde vertellen wat de achterliggende gedachten waren bij mijn stuk kreeg ik met tegenzin een minuut het woord.

Een musicus zal zich niet snel door een locatie laten beïnvloeden. Wat hij doet is al in de repetitiestudio geperfectioneerd. Daar wil hij geen afbreuk aan doen.
Ook in de concertzaal moet het klinken zoals op de cd: perfect.
Een musicus kan zich geen risico’s permitteren. Om perfect te spelen moeten alle onzekerheden worden uitgebannen.

Ik vroeg een klarinettist van het orkest waarmee ik werkte om een bijna-te-hoge noot te spelen.
Zijn antwoord: ik kan geen bijna-te-hoge noot spelen, want die klinkt niet perfect.
Ik vroeg hem om het toch te proberen, omdat het gevoel van de muziek juist onmacht en streven naar iets dat moeilijk bereikbaar is moet uitdrukken.
Maar hij bleef weigeren omdat hij alleen dingen wilde doen die hij perfect en mooi kon afwerken.

Terwijl er duizenden professionele musici zijn in Nederland, zie je op televisie vooral amateurs en wannabees die in auditieprogramma’s elkaar beconcurreren.
Het is natuurlijk gaaf dat zulke programma’s zo populair zijn. Jongeren worden enorm gestimuleerd om zelf te zingen of dansen. Het publiek wordt getraind in scherp en kritisch luisteren.

Ik probeerde deelnemers te vinden voor een muziektheaterproject.
Ik deed mijn verhaal bij koren, op scholen en in buurthuizen.
De animo was matig.
Toen heb ik gewoon aangekondigd: AUDITIES.
Zonder verdere uitleg.
Ik had meteen tientallen geïnteresseerden.

Publiek lijkt meer geïnteresseerd om iemand te zien zwoegen en strijden in een auditie dan om een prof heel goed te horen zingen.

Als ik een onervaren zanger hoor, fascineert dat me meer dan een prof die geen fouten maakt.
Het is voor mij spannend omdat ik weet dat het voor die persoon zo enorm eng is.

Een ongeoefende zanger maakt weer hoorbaar hoe moeilijk perfectie is. Publiek kan zich verbinden met de auditiekandidaat omdat je je voor kan stellen wat die ander doormaakt.

Toen ik altviool speelde, was het mooiste om midden in het orkest te zitten.
Het gevoel om deel te zijn van één grootse orkestklank is geweldig.
De klank is overal. Om je heen, maar ook buiten en binnenin je.

Muziek was eeuwenlang in de eerste plaats iets om te doen.
Een concert was geen passieve ervaring maar een activiteit.
In een kerk of bij feesten en vieringen benadrukte je deelname aan de muziek de eenheid van de groep.

In een popconcert staat de muziek zo hard dat je de trillingen helemaal voelt.
Daarnaast is stilstaan geen optie. Door op en neer te springen, mee te zingen en te schreeuwen wordt je fysiek één met de muziek.

De opstelling van rijen met stoelen in een concertzaal is nog maar een jaar of honderd gebruikelijk. Daarvoor stonden de stoelen rondom tafeltjes en werd er koffie rondgebracht.
Een concert was een sociale belevenis. Nu dient men tijdens de muziek helemaal stil te zitten.

Soms blijf ik in de pauze in de zaal zitten.
Weldadig dat het even stil is.
De muziek werkt nog na.
Om naar de pauze te gaan, allerlei mensen te spreken en de muziek te gaan beoordelen staat me dan tegen.

Sinds ongeveer een eeuw is een klassiek concert een eenzame ervaring.
De musici zijn vaak ver weg, op een hoog podium.
Op je kaartje staat op welke stoel je mag zitten. Naast welke onbekende je het komende uur gaat doorbrengen.

In een kleinere zaal is de sfeer minder stijf.
Je mag bijvoorbeeld zelf je plek kiezen.
Soms praten de musici zelfs vrolijk als introductie bij de muziek. Dan is het even gezellig. Vaak wordt er zelfs een grapje gemaakt.

Zodra het stuk begint, gaan de musici op in hun klank.

Als ik mee wil gaan met het muzikale verhaal, sluit ik soms mijn ogen.
De compositie klinkt dan puur en dichtbij.
Je wordt niet afgeleid door de bewegingen drukte van de musici.
Ik ben dan heel voorzichtig, bang om uiterlijk iets te laten blijken. Om me heen zitten immers allemaal mensen die ik niet ken, en niets is zo vernederend als een boze blik of geërgerde opmerking.

Zodra het applaus verstomd is verdwijnen de musici naar de kleedkamer. Het publiek valt ook direct uiteen. Sommigen gaan direct naar huis, anderen druk in gesprek. Misschien was er even sprake van verbinding, van een gedeelde ervaring. Na de muziek is dat weer voorbij.

Professionaliteit is efficientie. Als contact tussen mensen op een professionele manier verloopt is dat heel doelgericht. Maar je ontmoet niet echt iemand. Een ontmoeting is gebaat bij openheid, en je bent pas open als de situatie niet voorspelbaar is, als je alert moet zijn op onverwachte dingen.

Ik vraag vaak niet-profs om mee te doen met een concert.
De spanning en het avontuur is voelbaar bij scholieren of amateurs.
Natuurlijk moet je ze niet dingen laten doen die profs beter kunnen, maar een rol geven waarin ze eenvoudige dingen vol overgave kunnen doen.

Niemand is amateur in het zijn van zichzelf.

Ik probeer in mijn concerten een mix te vinden van muziek die zo perfect mogelijk moet klinken en een samenkomst tussen mensen die spannend en oprecht is.
Perfecte muziek is immers pas interessant als je open en nieuwsgierig bent.
Inhoud en vorm zijn helemaal met elkaar verbonden.

Patronen zitten diep in de mensen.
Om die te doorbreken zonder gewoon een nieuw patroon te maken is de kunst.
Want zonder een voorgeschreven gedragspatroon zul je alert moeten zijn om je omgeving. Je kijkt en luistert zeer precies.

Het moment dat het publiek een zaal binnenkomt is belangrijk.
Dan is men open voor wat komt.
Als je wacht met het begin van het concert gaan mensen praten en kiezen hun patronen.

Hoe componeer je een moment waarin de tijd wordt gedeeld?
Hoe kan muziek mensen bijeen brengen voor meer dan een vluchtige, esthetische ervaring?
Hoe maak je muziek waarbij het publiek niet afstandelijk oordeelt maar zich verbindt met uitvoerders en mede luisteraars?

Hier heb ik op dit moment geen andere antwoorden op dan mijn concerten zelf.
Het zijn slechts pogingen om momenten van aandacht te scheppen in een wereld gericht op vluchtigheid en efficiëntie.
Of het echt lukt is de vraag.