Gerichtheid zonder doel

Het logische verband tussen karaoke en gagaku.

Dit artikel verscheen eerder in Mens en Melodie, voorjaar 2002

Hier in Tokyo zijn veel mensen verbazend goed in drumstel spelen. Er is namelijk een spelcomputer waarbij je patronen die op het scherm verschijnen neer moet mikken met drumstokken op een reeks namaaktrommels. Om je heen dendert luide muziek de speakers uit en zolang je je slagen exact in de groove plaatst mag je door naar de volgende ronde. Dit machien heet Drummania en is in elke speelhal te vinden. Onder soortgelijke apparaten als scratchtafels, keyboards, sambaballen, tambourijnen en zelfs gitaren is dit het populairst en vooral ernstige zakenlieden en jonge vrouwen zijn verbluffend virtuoos. Een soortgelijk en nog wijdverbreider fenomeen is karaoke zingen: met vrienden, je ouders of je chef huur je een cabine waarin op een scherm de text van populaire liedjes langskomt. De begeleidingsmuziek staat keihard en met de vette galm op je microfoon waan je je al snel de officiele zanger van het geheel. Vooral de verrassing van het verborgen zangtalent en het plotseling heen en weer springen van je meest verlegen cabinegenoten is verrukkelijk en als avondje uit is dit bijzonder aan te raden voor een ieder die bereid is ter plekke plotseling muzikaal te raken.

Waarom bestaat dit niet in Nederland? Waarom wel een flightsimulator op de PC voor het Manhatten-gevoel, maar niet een Ahoysimulator voor de popsterkick? Is er iets waardoor Japanners dit te gek vinden en het in Nederland niet aanslaat, of is het domweg gewoon nog niet ontdekt bij ons?

Helaas ben ik niet in staat geweest om degelijk te onderzoeken of de mate waarin er onder de douche wordt gezongen van invloed is op de karaoke bereidheid van een volk. Wel zie ik dat de manier waarop mensen zich uiten heel anders is, en sterk bepaald is door opvoeding, schoolsysteem en maatschappij. De nadruk op zorgvuldigheid en juistheid en de enorme betrokkenheid waarmee men schijnbaar onbeduidende dingen uitvoert is te vinden in veel hoeken en gaten van de Japanse cultuur. Een bijzonder voorbeeld is Chado; de Weg van Thee. Lang geleden heeft iemand besloten dat het zinvol en essentieel is een willekeurig alledaags ding, namelijk theeinschenken, uit te verkiezen als Zeer Belangrijk. Juist de alledaagsheid van thee bewijst naar mijn mening dat alle rituelen en verfijning waarmee Chado omgeven is, niet gericht zijn op het theedrinken zelf, maar op Bezig Zijn. Zo is de aandacht en betrokkenheid belangrijker dan het doel waar je voor werkt. Just Be, leert de westerling van Zenmeester Suzuki. Just Work, leert de Japanner van zijn chef. Al op heel jonge leeftijd worden schoolkinderen enorm gestimuleerd heel goed te presteren. Dit leidt vaak tot heel goed presteren van schoolkinderen. Bijna altijd leidt dit echter ook tot een grote voorzichtigheid aangaande dingen die mislukken kunnen, of zelfs vrees voor kritiek. Omdat bij eigenzinnige en creatieve uiting per definitie de reacties van de buitenwereld niet vaststaan, en de onzekerheid juist het kenmerk is van originaliteit, is persoonlijke expressie voor Japanners vaak doodeng. In mijn workshops voor lagere schoolklassen heb ik best flinke kinderen in tranen uit zien barsten toen ik vroeg of ze konden reageren op mijn altviool spel. Het bleek te eng om zelf te beslissen of mijn muziek een vrolijke, droevige dan wel boze aard vertoonde. In mijn werk met kinderen en amateurs heb ik geleerd dat creativiteit een basis van vrijheid en onkwetsbaarheid vereist.

De onkwetsbaarheid kan liggen in een feilloze techniek, zodat men risicos durft te nemen. Dit is naar mijn mening het geval bij goede klassieke musici. Reproductie van een bejaard stuk kan zo totaal artistieke creatie worden. Ook kan onkwetsbaarheid worden veroorzaakt door een veilige omgeving. Dit is belangrijk als je bijvoorbeeld als amateur of jong iemand creatief wilt zijn. Ofwel je omgeving moet alles acceptabel vinden, ofwel kritiek moet je niks kunnen schelen. Dit laatste is ook heel belangrijk als je weinig talent bezit, en je toch wilt uiten, al was het maar om je onderbewuste een schoonmaak te geven. Een onkwetsbare houding ten opzichte van anderen heet vaak zelfverzekerdheid of brutaliteit. Ook in Europa wordt dit aan veel mensen geleerd als onbeleefd en inderdaad is creativiteit een soort expantie die ruimte inneemt. Een levenshouding gericht op uitbreiding van jezelf (vaak een essentiele eigenschap van een kunstenaar) ontmoet weerstand omdat ze grenzen opzoekt. Het omgaan met weerstand en het durven duwen en trekken aan waarden en gebruiken is denk ik een tamelijk centraal gegeven in de westerse wereld. Zoals ik beschreef in mijn vorige stuk, zie je in heel veel details van de dagelijkse omgang in Japan, dat men weerstand vermijdt, en ten koste van veel duidelijkheid de harmonie bewaart.

Zo zijn respect, beleefdheid, zorgvuldigheid, vakbekwaamheid en bescheidenheid onlosmakelijk verbonden aan voorzichtigheid, vaagheid, dubbelzinnigheid en schuwheid. Een kunstenaar (lees: componist) is per definitie iemand die zoekt naar uitbreiding en dus ruimte nodig heeft. Een centraal plan van me was te onderzoeken in hoeverre componisten in Japan worden beinvloed door de zojuist beschreven eigenschappen van hun cultuur. De wereld van hedendaagse serieuze muziek is bijzonder internationaal, en inderdaad gaan gesprekken met componisten ook in Tokyo over strukturen, vorm en inhoud. Toch durf ik enkele tendenzen te bespeuren die mijn artikel net de juiste en benodigde sluitendheid en consistentie zullen verlenen. De muziek die ik hoorde van compositiestudenten en jongeren in het algemeen is enorm knap en kloppend. Het vertoont een goede kennis van wat er tegenwoordig smaakvol en belangrijk gevonden wordt en lijkt in die zin op een soort samenvatting van de belangrijkste tendenzen uit de afgelopen 100 jaar. De kenners reageren begripvol op de toch vaak saaie en conservatieve stukken omdat het logisch is dat je je als student eerst degelijk bekendmaakt met de geschiedenis alvorens je het aantedurft een eigen stijl te ontwikkelen. Zelfs onder de oudere componisten heerst vaak de opvatting dat er vooral goed en integer geschreven moet worden; veel componisten hebben een tamelijk bescheiden instelling en geen openlijke pretenties de wereld te kunnen veranderen. Ook de reacties op de vraag of ze traditionele instrumenten gebruiken in hun muziek zijn voorzichtig: “Nog niet” is meestalhet antwoord. “Later; als ik het aandurf…” Daarnaast is men verbazend mild over collega`s en respecteert men elkaars visie waar men in het westen heftige discussies zou voeren. In mijn schooltijd heb ik geleerd de westerse muziekgeschiedenis in klassieke en romantische stijlen in te delen, die globaal gezien afwisselend per generatie domineerden. Door de focus op vernieuwing ontstond zo een lappendeken aan stijlen en artistieke motieven. Speciaal als kunstenaar dien je je af te zetten tegen een voorgaande generatie, en vooral een nieuw wiel uit te vinden. Ook de waarde die er gehecht wordt aan het genie, de persoonlijke visie en onafhankelijkheid van de kunstenaar is denk ik specifiek westers. Lekker zwart-wit gesteld: het Hegeliaanse confliktmodel van het westen versus het oosterse harmoniemodel en het Zen-Boedistische streven naar waarden-loosheid.

Ook de vergelijking met de Christelijke oordeelszucht en moraal van goed en kwaad met het principe ‘niets is helemaal waar en zelfs dat niet’ dat in het oosten lijkt te overheersen is verleidelijk. Er zijn meer verleidingen moeilijk te weerstaan voor me. Zo zie ik duidelijk verband tussen bovengenoemde tendenzen en het bestaan van een traditionele muziek die in meer dan duizend jaar niet meer veranderd is dan wat er per ongeluk tijdens de overlevering tussen generaties gemiscommuniceerd is. Ik heb veelvuldig contact met studenten van traditionele muziek die vol toewijding de traditie voortzetten. Juist door een pure gerichtheid op de zorgvuldige beheersing van een oude stijl zonder de drang hier een eigen kleurtje aan te geven, bezitten bijvoorbeeld Gagaku muziek en Noh theater een verbluffende en indrukwekkende kracht. Wat is een brandglas anders dan een focus? Hoe bizar en archaisch bepaalde vormen van Japanse estethiek soms ook op mij overkomen, de zuivere gerichtheid van de spelers en deze klanken die al eeuwen in een veranderende wereld klinken, hebben een impact als een bijzonder voorwerp dat mijn gebruikelijke barrieres van kennis, ervaring en verwachting sluw weet te omzeilen.

Show your support

Clapping shows how much you appreciated Merlijn Twaalfhoven’s story.