Pleidooi voor real-life ontmoetingen in de aanloop naar de verkiezingen

Plato’s grot

Gisteren kwam ik tot de schokkende ontdekking dat er bij een politieke partij (waar ik niet van ben) best aardige mensen werken. Ik had dit natuurlijk kunnen weten, maar ergens verwacht je het kwaad van het kwaad: slinks-kijkende mensen die dingen aan het verzinnen zijn om je te misleiden over hun ware bedoelingen.

Ik bedenk me nu dat ze dat misschien wel aan het doen waren en dat ze eigenlijk nog erger zijn dan ik dacht door normaal over te komen en je daarmee expres op één been te zetten. En als je weg bent dan … Maar gisteren had ik dat idee even niet. En toen dacht ik dat er best een grote kloof is tussen wat we via sociale media met elkaar bespreken en de werkelijkheid.

Ik moest voor mijn werk bij die partij op bezoek. Mijn werk heeft niets met politiek te maken. De partij is de partij waar mijn vader op ging stemmen na zijn pensionering. Ik heb zelf nooit op deze partij gestemd. Er was een gesprek en ik kreeg een rondleiding. Tijdens de rondleiding kreeg ik dat gevoel: er is iets mis met de connectie tussen de werkelijkheid en wat er in sociale media aan de gang is. Het drijft ons uit elkaar en het stuurt aan op een verwoesting van alle grijstinten tussen wit en zwart. We worden zo allemaal extremisten.

Ik ben nog steeds niet van die partij, maar gisteren kon ik het me even voorstellen. Althans, dat we best overeenkomstige doelen hebben. En dat we daar meer aandacht aan moeten besteden. De overeenkomsten voeden, in plaats van de verschillen. Daarvoor moeten we de krant en tv dichtslaan (vooral de tv dichtslaan) en onze informatie weer gaan halen bij de bron: elkaar ontmoeten en discussiëren over onderwerpen terwijl we elkaar zien zonder scherm ertussen. Op de markt, in een zaaltje ergens, op school. In real-life dus, niet in sociale media.

Show your support

Clapping shows how much you appreciated nnmrht’s story.