#13 IJs

Wat als… mijn beroep ijsventer zou zijn?

Stel dat ik op een dag wakker word en beslis om ijsjes te gaan verkopen. Mensen die mij kennen, weten dat ik een ijsjesliefhebber ben. Sommigen beweren dat ik mijn ziel zou verkopen voor een Dame Blanche maar dat ontken ik. Ik zou dat alleen doen als er warme chocoladesaus bij is.

Als je aan de uitdaging begint om ijsventer te worden, dan moet je het goed doen. Dan moet je de ijsventerindustrie op zijn grondvesten doen daveren. Zoals Uber deed met de taxi’s en Airbnb met de hotels. Maar dan nog beter.

Dit is mijn masterplan:

Het begint uiteraard met een naam.

Omdat Vlaanderen ongetwijfeld snel te klein zou zijn, moet die een internationale uitstraling hebben. De naam moet opvallen en meteen doen denken aan uitzonderlijk vakmanschap, hemelse service en ongeëvenaarde smaken.

Later zou men in marketingopleidingen aan wereldvermaarde universiteiten mijn bedrijfsnaam in hetzelfde rijtje plaatsen als Apple, Facebook en Het IJsboerke.

Dit zou het zijn:

Nice

Met als baseline:

Only nice ice-cream

Het volgende dat ik nodig zou hebben: een ijskar. Maar geen gewone ijskar. Om de wereld te veroveren, heb je meer nodig. Daarom dat het eigenlijk geen ijskar zou zijn maar eerder een ijsbus. Omgedoopt tot: ice-car. Kwestie dat mijn toekomstige Amerikaanse investeerders het ook zouden snappen.

De ice-car zou een state-of-the-art rijdend ijssalon zijn. Wanneer je binnenkomt vooraan de bus, scan je met je Nice App. Want uiteraard hebben we een app ontwikkeld. Op basis van data die we via Facebook hebben gestolen, euhm ‘vriendelijk hebben gevraagd’, bepalen we jouw ijsprofiel. Rekening houdend met jouw religie, gewicht, seksuele voorkeur en andere uiterst relevante factoren bevelen we jou zo specifieke ijsjes aan.

Je plaatst met jouw Nice App je bestelling en betaalt meteen met Nice-coins, onze eigen munteenheid die kort na de lancering Bitcoin zou voorbij steken. Niemand die snapt hoe we de koers van de Nice-coin bepalen maar toch worden we dé hype.

Snel na de lancering van de ice-car zou het succesverhaal zich vanzelf schrijven. Waarom? Ik zou de ice-car voorzien van een DJ booth. Gedaan met die irritante deuntjes waarvan je trommelvliezen spontaan scheuren.

Ik nodig Dimitri Vegas en Like Mike uit en laat hen vanuit het open dak coole beats uit de ice-car blazen. Al snel wordt Ice Ice Baby van Vanilla Ice het lijflied van Nice. Voor een kleine meerprijs kan je genieten van je ijsje in onze VIP-ruimte met airco en wie voldoende Nice-coins neertelt kan dat zelf vanuit de jacuzzi achteraan. Via de Nice App krijg je trouwens een location-based notificatie wanneer de ice-car langs komt, handig toch?

Ik huur Tom Boonen in, die ondertussen een persoonlijke vriend is geworden, als chauffeur voor de ice-car. Filmpjes van mijn ice-car surfen als vanzelf door het web en bereiken al snel alle uithoeken van de wereld. Iedereen zou mij, de Nice CEO, leren kennen en gestaag bouw ik aan mijn cultstatus.

Ondertussen solliciteren Sergio Herman en Jeroen Meus spontaan bij Nice. Uiteraard aanvaard ik hun voorstel. Vervolgens maak in hen verantwoordelijk voor het kuisen van de koelcellen. We beginnen immers allemaal onderaan de ladder, niet?

De VRT zou smeken om met hen samen te werken. Ik besluit een geste te doen. Voortaan zal ik elke dag tussen 18u en 19u live vanuit mijn ice-car een programma presenteren: ‘Elke dag ijs’.

Als vanzelf smijten de uitgeverijen zich daarna aan mijn voeten. Of ik geen boekendeal wil tekenen bij hen? Ik geef toe en laat vervolgens een ghostwriter mijn boeken ‘Nice Readings’ schrijven zonder er zelf ooit naar te kijken. Op het einde van het jaar sta ik met alle vijf mijn boeken in de top vijf van non-fictie.

Nu ik helemaal gelanceerd ben, besluit ik alle andere ijsventers in de wereld over te kopen. Ze zwichten allemaal in ruil voor Nice-coins die in werkelijkheid geen cent blijken waard te zijn. Maar weten zij veel.

Hierop zou ik besluiten de hele productiekolom van ijs te koloniseren. De hoorntjes — en de potjesindustrie sidderen en beven. En terecht. Ik zet de hele industrie naar mijn hand en neem alles en iedereen over. Daarna verhoog ik de prijs van mijn ijsjes tot nooit geziene hoogtes.

Mijn personeel zou wel moeten werken voor een habbekrats. Wanneer er protest ontstaat doordat ik mijn ijsboeren in Kenia voor een hongerloon laat werken, besluit ik een geste te doen en stuur ik hen een vliegtuig vol met ijsjes die nét niet over datum zijn. Tegelijkertijd maak ik zo een statement ten aanzien van voedselverspilling en ligt de wereld opnieuw aan mijn voeten. Het is op dat moment dat mijn bijnaam ontstaat: Mr. Nice.

Om succesvol te blijven, zou ik daarna besluiten om opnieuw te innoveren. De e-commerce blijkt een logische stap. Ik lanceer het bestellen en leveren van ijsjes via drones. Tegelijkertijd stel ik de grootste innovatie ooit voor in de wereld van de ijsventers die de wetten van fysica belachelijk maakt: onsmeltbaar ijs. Ik noem het ‘Forever Nice’.

Het zou opnieuw een schot in de roos zijn. Afrika, een tot dan toe oninneembare vestiging voor ijsventers blijkt plots een goudmijn van nieuwe klanten. Forbes zal mij dat jaar op hun cover zetten afgebeeld als missionaris.

Ik moet wel toegeven, zoals elke succesvolle ondernemer moet je ook wat geluk hebben. Bij mij was dat de klimaatopwarming. Goddank dat die er was. De vraag naar ijs schiet omhoog hierdoor en de prijs van ijsjes doet wederom hetzelfde. IJs wordt het nieuwe olie.

Mijn programma bij de VRT heb ik ondertussen al lang stopgezet want ik heb mijn eigen zender opgericht: Be Nice. De klok rond zie je er programma’s over ijsjes. Het weerbericht voorspelt altijd warm weer, omgedoopt tot: ijsjesweer. ‘s Nachts zijn er belspelletjes waaraan je kan deelnemen aan 500 Nice-coins per minuut. Het programma ‘Het IJspaleis’ op zondagavond breekt alle televisierecords.

De lancering van Be Nice verloopt wel niet vlekkeloos. Netflix was namelijk net op hetzelfde moment een documentaire aan het draaien over Mr. Nice. Om geen kwaad bloed te stellen, besluit ik om Netflix over te kopen.

Met de winst van mijn boekenverkoop, ondertussen vertaald in meer dan vijftig talen, besluit ik een festival in Boom over te kopen. Ik doop het om tot ‘Land of Nice’ en verbied alle eetkraampjes iets anders dan ijs te verkopen. Drankkraampjes moeten zich houden aan Nice-tea. Het eerste jaar sluit Vanilla Ice af op het hoofdpodium en besluit ik door het onwaarschijnlijke succes het festival om te vormen tot een pretpark.

Maar dan zou mijn grootste verwezenlijking nog moeten komen. Mijn magnum opus waarvoor ik voorgoed mijn stempel op de mensheid zou drukken.

Waar Elon Musk, Jeff Bezos en andere megalomanen faalden, overwin ik: ik verover de ruimte.

Ik ontdek een onbeperkte ijsvoorraad op mars tijdens een hobbyprojectje: Nice on Mars. Ik besluit daarop al mijn productiecentra naar Mars te verhuizen zodat ik de lonen nog meer kan drukken want CAO’s bestaan nog niet op Mars. Vervolgens bouw ik een pijplijn van Mars naar de aarde om het ijs te transporteren.

Space Nice zou die zomer de ijsventerindustrie voorgoed veranderen…

Blondeel, zijt ge weer aan het dromen ja?!

Verschrikt kijk ik op. Ik kijk rond. Voor mij staat mijn baas met een woedende blik. De laptop voor mij toont: Ongelezen e-mails (27).

Is dat rapport nu bijna klaar? Dat is toch altijd hetzelfde met u. Zo gaat ge nooit iets bereiken in uw leven!

Ik knik schaapachtig en draai mijn hoofd terug naar mijn scherm. Mijn baas beent weg. In de verte hoor ik het deuntje van een ijskar spelen.


Volgend woord: nostalgie.

Wie wil, kan de teksten over de andere woorden hier lezen.

In een nieuwsbrief bundel ik ook af en toe mijn stukjes. Benieuwd? Hier kan je op de hoogte blijven: Pieterjan zijn woorden.