Help. Ik ben een sociaal-democraat.
(Gebeurt in de beste families).
Onder leeftijdgenoten is het vrij zeldzaam om jezelf een sociaal-democraat te noemen. Misschien is dat eigenlijk überhaupt wel vrij zeldzaam momenteel. Toch heb ik een paar goede redenen om de verbondenheid met mijn sociaal-democratische partij te koesteren. De belangrijkste politieke problemen van nu zijn namelijk bij uitstek punten die het sociaal-democratisch programma adresseert. Ik noem er drie.
De open samenleving moet beschermd worden. Het soort rechts dat nu schijnbaar onstuitbaar opkomt is soms ronduit anti-rechtsstaat en het uitsluiten van bepaalde groepen is misschien wel de kern van haar programma. Ik zie dat als een gevaar. Een samenleving met eerste en tweederangs burgers is namelijk geen echte democratie. Te veel partijen gaan hier op een appeasende (lees: laffe) manier mee om terwijl er in mijn ogen onverbiddelijk een dam opgeworpen moet worden wanneer rechten van minderheden, maar ook de vrije pers of de rechtspraak aangevreten worden. De discussie hierover is te mild, het aantasten van fundamentele onderdelen van de open samenleving is niets minder dan democratische betonrot. Dat proces moet tegengehouden worden en ik koester geen enkele illusie dat dit vanzelf gaat.
Het economisch systeem is niet duurzaam. Er wordt te weinig gepraat over hoe ons economische systeem werkt. I love it dat de Partij voor de Dieren dat wel aandurft. Bijvoorbeeld de manier waarop geld gecreëerd word door private banken, hoe aandeelhouderschap korte termijn denken in de hand werkt, het feit dat economische macht zich steeds meer concentreert binnen een kleine kring multinationals. Deze onderwerpen zouden ter discussie moeten staan. Dat is ook onvermijdelijk. Het economische systeem is zowel ecologisch als maatschappelijk niet duurzaam in de zin dat de kosten van het economische crisis stelselmatig worden afgewenteld op de aarde, en op economisch kwetsbare groepen mensen (in binnen- en buitenland overigens). Ik geloof dat we maatschappelijk en ecologisch bijna door onze buffers heen zijn. Het is daarom geen vage hippiepraat om het economisch systeem ter discussie te stellen. Het is wat mij betreft aan sociaal-democraten om het kapitalisme (nogmaals) van zichzelf te redden.
Het land mag niet fragmenteren. Zowel de voortdurende aanval op de open samenleving als de manier waarop de economie werkt leiden tot fragmentatie van de maatschappij. Ten eerste komen verschillende groepen op basis van etniciteit en religie tegenover elkaar te staan. Een bekend verhaal. Daarboven op werkt het economische systeem een groeiende ongelijkheid in de hand. Ook dat zet groepen van haves en have nots tegenover elkaar. Het laatste probleem hebben we in Nederland overigens nog fors erger gemaakt door menig beleidsmatig probleem aan te pakken door insiders en outsiders te creëren. Zowel op de arbeidsmarkt, qua pensioen, als op de woningmarkt zijn duidelijk groepen te onderscheiden die gespaard worden en groepen die de klappen van flexibilisering en woningtekorten mogen opvangen.
Op zich vind ik het niet onbegrijpelijk dat sociaal-democratische partijen het in heel Europa zo slecht doen. Hoewel de bovenstaande problemen steeds duidelijker zichtbaar worden liggen de antwoorden in de vorm van concreet en haalbaar beleid nog niet altijd zo voor de hand. Overigens is het waarschijnlijk ook makkelijker om vanuit de oppositie te werken aan het formuleren van de juiste antwoorden. Regeringsverantwoordelijkheid is namelijk echt iets dat gedragen wordt. Je wordt er bepaald niet populair van en het staat volledig vrij nadenken over de toekomst in de weg. Hoe dan ook, ik denk dat de oplossingen uiteindelijk uit sociaal-democratische hoek moeten komen. Ondanks dat Nederlands sociaal-democratische partij momenteel ietwat in de verdrukking zit, zal ik mijn stem daarom weer met vertrouwen in de toekomst uitbrengen.
