Den Haag krijgt nieuw stadsbestuur
Tips voor het lezen van het nieuwe collegeakkoord
Het heeft even geduurd, maar het lijkt er nu echt aan te komen: een nieuw stadsbestuur voor Den Haag. De oude coalitie, aangevuld met nieuwkomer Haagse Stadspartij, heeft het voornemen om deze week een collegeakkoord te presenteren. Hieronder een paar tips — gebaseerd op mijn eigen ervaring de afgelopen 8 jaar in de Haagse gemeenteraad — om zelf tot een oordeel over dat akkoord te komen.
Het begin: lezen, lezen, lezen
Het begint toch vooral met het lezen van het hele akkoord. Klinkt als een open deur, maar je moet de raadsleden de kost geven die zelf eigenlijk niet precies weten wat er is afgesproken namens hun fractie. Het is misschien verleidelijk de pakkende samenvatting van de partij van jouw voorkeur — ook wel ‘ persbericht’ genoemd — tot je te nemen. Maar zelfs alle persberichten bij elkaar laten maar een klein deel zien van wat er tussen de deelnemende partijen is precies is afgesproken.
Staat het er echt?
Als je het gelezen hebt, lees dan de passages waar je vrolijk of verdrietig van wordt nog eens. Staat het er echt? Staat er dat de bomen op de Laan van Meerdervoort blijven staan, of is die passage ingebed in mitsen en maren? Staat er inderdaad dat de toeristenbelasting omhoog gaat, of is het een onderzoek naar de mogelijkheid om onder voorwaarden op termijn… U begrijpt wat ik bedoel. Hoe wolliger de tekst, hoe moeilijker er een compromis is bereikt. En hoe groter de kans dat de discussie later nog een keer terugkomt.
Follow the money
Uiteindelijk gaat het om keiharde knaken — om voormalig fractievertegenwoordiger Steven van Lummel maar eens aan te halen. En hij had gelijk. Geen geld, geen Zwitsers, boter bij de vis. Den Haag CO2-neutraal? Kost geld. Meer handhavers? Kost geld. Gratis openbaar vervoer? Kost geld. Inderdaad: eigenlijk kost alles geld. En omdat het geld een keertje ophoudt, moet het worden verdeeld. In die verdeling zie je goed wie er het meest zijn zin heeft gekregen. En hoe serieus je de in woorden genoteerde ambities precies moet nemen.
De pijnpunten
Het goede nieuws druppelt in aanloop van de presentatie al naar buiten. Ik begrijp dat eerlijk gezegd niet zo goed, want op die manier blijven tijdens te feestelijke presentatie van het akkoord alleen de vervelende dingen over. Die zitten er namelijk ook in. Niet álle partijen kunnen ál hun ambities waarmaken. Op grond van wat er nu naar buiten is gekomen ben ik heel benieuwd wat er op thema’s gebeurd waar ik me zelf de afgelopen jaren ook druk over heb gemaakt. Wordt de sluiting van de bibliotheken teruggedraaid? Welk deel van de bezuinigingen op cultuur wordt hersteld? Wordt er serieus geld uitgetrokken voor duurzaamheid? Komt het Fonds voor Ouderen terug? Wat doen de partijen aan dierenwelzijn? Blijft de gebruikersruimte aan het Zieken open? De echte liefhebbers pakken de verkiezingsprogramma’s van de coalitiepartijen erbij en kijken welke punten het verst verwijderd zijn van hun oorspronkelijke ambities. De partijen aan de uiteinden van het spectrum — in dit geval VVD en Haagse Stadspartij — zullen dan vermoedelijk het meest hebben ingeleverd ten opzichte van hun eigen programma.
Het is geven en nemen
Veel van de vervelende dingen worden gemotiveerd met een verwijzing naar het feit dat het een compromis is. En dat is natuurlijk terecht. Niet iedereen kan zijn zin krijgen. Het is wel aardig om in het achterhoofd te houden hoe het ook had gekund. Wat als Groep de Mos in plaats van het CDA had meeonderhandeld? Of wat als SP of GroenLinks in plaats van de VVD hadden meegepraat over het nieuwe beleid? Een ideaal compromis ligt in het midden van alle deelnemende partijen. Dan maakt het dus nogal wat uit wie die deelnemers precies zijn. Voor alle deelnemers geldt uiteindelijk wel dat ze het hele compromis de komende 4 jaar moeten willen uitdragen en verdedigen.
Buikpijn
Het sluiten van een akkoord is een van de lastigste momenten in de politiek. Kijk maar naar het akkoord tussen VVD en PvdA op landelijk niveau. Je maakt afspraken over van alles voor een termijn die je niet goed kunt overzien. Dat gaat soms goed, en soms wat minder. Dat kan grote gevolgen hebben. Weeffouten in een akkoord leggen een claim op de onderlinge verhoudingen tussen coalitiepartijen, of leiden zelfs tot interne spanningen binnen partijen. In zo’n geval zijn coalitiepartijen alleen maar met elkaar of zichzelf bezig, en dat draagt weer bij aan een gesloten bestuurscultuur. Het moet dus goed voelen voor iedereen die er aan meeschreef. Misschien is dat ook wel de eenvoudigste manier om tot een oordeel te komen: kun je het hele akkoord lezen zonder pijn in je buik te krijgen?