Maatschappelijk Verdedigbaar Ondernemen

De bakker in het dorp waar ik woonde had geen sociaal jaarverslag. En ook het landbouwmechanisatiebedrijf, dat toch miljoenen per jaar omzette, had geen directeur Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Logisch. Als je lokaal zaken doet, dan zitten je klanten, je buren en je werknemers bij elkaar “op verjaardag”. Iedereen weet alles van je, en als je de gemeenschap onbehoorlijk behandelt, dan is het snel gedaan met je handel.
Het is de eerste wet van sociale hygiëne: you don’t shit where you eat (“and you especially don’t shit where *I* eat,” aldus Tony Soprano).
Het grote probleem met schaalvergroting en globalisering is dat deze logica doorbroken wordt. Ja, de wereld is een dorp, en iedereen kan alles weten (nou ja, in principe), maar daarmee is de wereld nog geen gemeenschap. Ik vind het vreselijk hoor, die arbeidsomstandigheden in de textielindustrie in Bangladesh, maar het is niet mijn nichtje dat daar werkt, niet mijn buurmeisje, niet de dochter van mijn collega. Het wordt niet persoonlijk. En dus kan ik er makkelijk overheen stappen als ik in de winkel sta.
Een bedrijf als Shell rekent daar inmiddels op. Shell heeft het gedoe met apartheid overleefd, en de ophef rond de Brent Spar, en dat akkefietje in Nigeria. En dan hebben we het nog niet eens over de kernactiviteit van het bedrijf. Allemaal gebeurd, allemaal openbare informatie, en geen liter benzine minder om verkocht. Geen wonder dus dat Shell niet bepaald in de stress schiet van de aardbevingsproblematiek in Groningen, waar 50%-dochter NAM nu mee te maken heeft. Ze weten hoe het werkt. Medewerking toezeggen, traineren, toegeven wat je niet kunt ontkennen, lastige gevallen uitkopen en zwijgplicht opleggen. Containment.
En vooral: zakelijk blijven. Kosten en baten. Als we schade hebben veroorzaakt, dan zullen we die vergoeden, maar we kunnen natuurlijk niet op zaken vooruitlopen. Het gesprek is schade en vergoeding, niet schuld en boete. Er is geen ethische dimensie. Het moet niet persoonlijk worden.
Ondertussen is in Den Haag het ingehuurde public affairs bureau druk bezig kamerleden wijs te maken dat het in deze zakelijke benadering niet past om de gasproductie nog verder terug te schroeven. Met een economische argumentatie die precies aansluit bij het kennisniveau van het gemiddelde kamerlid, maar (en, dus) die eigenlijk nergens op slaat.
Het gaat er bij dit soort bedrijven niet om het juiste te doen, het gaat erom waar je mee wegkomt.