Security

Zo’n eerste werkdag is altijd spannend, denk ik terwijl ik naar de portiersloge loop. De Portier Van Dienst is een grote, brede man in een streng zwart uniform met bijbehorende politiepet, die me op barse toon toespreekt. Eerst dien ik een set Persoonlijke BeschermingsMiddelen te ontvangen, zoals daar zijn: oordopjes, veiligheidsschoenen, een uniform in blauwgrijs, een haarnetje en een helm. Dit alles dient aangetrokken te worden in een kleedkamer die zich achter de portiersloge bevindt, en daar moet ik ook mijn eigen spullen in een kluisje achterlaten. Dan krijg ik een pasje uitgereikt en een Handboek dat ik nauwgezet door dien te lezen. 
 
 Na enig rondlopen vind ik het gebouw waar ik moet zijn, en daar tref ik een ietwat sombere man in een zelfde outfit als de mijne, die zich voorstelt als Vanderveen en mij mijn bureau wijst met een stapel papieren die ingetikt moeten worden en daarna wegsjokt. Terwijl ik het bovenste papier pak, verschijnt plots de strengzwarte Portier weer, die me een brief overhandigt. Er staat op dat ik terstond updates moet ophalen. Ook staat er een adres bij, wat ergens in de stad is. Dus verontschuldig ik me bij Vanderveen en wandel langs de portierloge naar buiten. Vlak buiten de poort staat er een man windjacks van Albert Heijn uit te delen, en omdat mijn uniform nogal koud is, neem ik er dankbaar een van hem aan. 
 
 Na een tijdje kom ik bij het opgegeven adres, waar ik in een rij moet staan en uiteindelijk een nieuw Handboek krijg uitgereikt. Terwijl ik in de rij sta, komt er een groep blij zingende Hare Krishna’s langs en van een van hen krijg ik een een oranje jurk toegestopt, met de woorden: “doe maar aan, lekker warm!” En omdat ik niet weet wat ik er anders mee moet, trek ik ook die maar aan.
 
 Op de terugweg, vlak voor de poort, staat nog een man oranje ijsmutsen van Unox uit te delen. Hoewel ik niet weet wat ik er mee zou moeten, neem ik ook die maar aan. Dan loop ik weer naar mijn bureau, waar ik het nieuwe handboek doorworstel. Het staat gelukkig vol met plaatjes, dus dat gaat vrij vlot, maar op de laatste bladzijde staat vetgedrukt: “Start Nu Opnieuw Op.”
 
 Dus loop ik maar weer langs de Portier naar buiten, ga naar huis, kleed me uit, ga naar bed, sta weer op, poets mijn tanden en stap onder de douche, waarna ik alles weer aantrek. Dat duurt wel wat langer dan vanochtend, vooral vanwege het windjack, de jurk, het haarnetje, de helm en de Unoxmuts, maar dan ga ik toch maar weer die kant op. Onderweg kom ik Jan de Roos tegen, met roze microfoon en al, die me vertelt dat hij met me mee wil. Ik zeg er maar niet al te veel van, maar als ik bij de portier kom, wijst die me streng op een controlepoortje waar ik doorheen moet. Dat gaat natuurlijk piepen, zodat de Portier me geheel moet fouilleren. Hij vindt niks en laat me brommend en hoofdschuddend door. 
 
 Maar als ik bij mijn bureau aanbeland ben, staat hij alweer achter me. Hij is niet tevreden, dat merk ik aan alles. “Spywarecontrole” zegt hij met zware stem, en hij haalt een grote handscanner te voorschijn. Jan de Roos wordt het eerst ontdekt, en die wordt dan ook luid scheldend afgevoerd, maar er blijkt nog meer aan de hand! Uit zowel het windjack als de Unoxmuts en de Hare Krishnajurk komen verborgen microfoons en zelfs een paar camera’s te voorschijn. Alles wordt in beslag genomen. Dan heeft hij nog een verrassing: hij haalt een grote glazen injectiespuit te voorschijn: “tegen virussen”. Ik moet de mouw van mijn uniform oprollen en de spuit wordt in mijn arm geplant.
 
 Dan verdwijnt hij gelukkig weer, maar niet voor lang. Als ik wil gaan tikken, staat hij er al weer! Weer met een brief: “haal nu Werkschoenen 2.0 op” met een adres er bij. Dus ik ga maar weer, deze keer naar een kamer op het terrein. Ik moet daar mijn vanochtend ontvangen schoenen inleveren en krijg een nieuwe versie uitgereikt. De man achter de balie is heel aardig. Hij doet er ook een boekje van Scientology bij en wat foldertjes van Schoenenreus en Mediamarkt, en als toegift krijg ik een nieuw windjack van Albert Heijn. Daar ben ik blij mee, want ik miste het na die inbeslagname toch wel. 
 
 Als laatste krijg ik een briefje: “Start Nu Opnieuw Op.” Dus ik loop maar weer richting portiersloge. De Portier knikt me minzaam toe; hij kent me ondertussen. Op weg naar huis zie ik een cameraploeg van RTL staan die leuke tasjes uitdeelt, en Jan de Roos loopt er ook nog steeds. Thuisgekomen kleed ik me uit en ga ik naar bed. Plots word ik door elkaar geschud. Verschrikt kijk ik om me heen en zie mijn vrouw bezorgd kijkend naast mij liggen. “Had je een nachtmerrie?” zegt ze: “je deed zo raar…”

Sierk Meijer, 30 januari 2016.

Like what you read? Give Sierk Meijer a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.