Popmuziek en voetbal

northern soul als soundtrack voor voetbalfans in Manchester, Liverpool, Blackpool en Wigan in de jaren 1970.

Wie de herrie hoort die losbarst wanneer in het stadion wordt gescoord zal er ander over denken, maar popmuziek en voetbal gaan prima samen.

GEORGE BEST
In het verleden waren subculturen vaak verbonden met voetbal. Zo luisterden de fans van Manchester United in de jaren zeventig graag naar northern soul. Wanneer de club een uitwedstrijd speelde in Londen, werden de platenzaken in West Ham bijkans geplunderd. Gastjes met zwaar Noord-Engels accent en roodwit-gestreepte sjaals verdrongen zich rond de bakken vinyl in de vele winkel met importplaten uit de Verenigde Staten. De Londense voetballiefhebbers luisterden inmiddels al niet meer naar de ouderwetse soul die in Wigan en Blackpool onverminderd populair bleef. Van verzoening door muziek was dus geen sprake. Over Manchester United gesproken: een van de beste indiepop-albums ooit is opgedragen aan de beste buitenspeler aller tijden. ‘George Best’ van The Wedding Present verscheen in 1987. Het toonaangevende Britse muziektijdschrift MNE zette het album op de lijst van beste vijfhonderd albums ooit. Terecht. De breekbare indie, in de typisch Britse traditie van Buzzcocks en The Fall, past bij de grillige carrière van de voetballer. Best, als klein jongetje vanuit Noord-Ierland terecht gekomen bij de grootste voetbalclub van die tijd, vocht zijn hele volwassen leven tegen verslaving. Dat hij in de jaren zeventig het eerste echte voetbal-icoon werd, hielp niet mee. Best ging eraan onderdoor en dat maakt hem ook zo tragisch. Die tragiek weet de band uit Leeds op het debuutalbum perfect te vangen.

VOETBAl IS SLECHTS VOETBAL
Alternatieve underground-cultuur in Engeland en voetbalcultuur bijten elkaar niet. De keren dat ik er op bezoek was op een universiteit gingen de gesprekken binnen een uur steevast over voetbal, en niet over het academische onderwerp waarvoor ik er naartoe was gereisd. Een paar jaar geleden moest ik m’n verblijf in Birmingham met een dag verlengen omdat mijn gastheer en ik de eerste dag enkel spraken over de rivaliteit tussen Aston Villa an Birmingham City en besloten beide stadions spontaan met een bezoek te vereren. Dat is me in Nederland nooit overkomen. Sterker nog: daar is het onderwerp voetbal taboe. Want volks, niet academisch en enkel voor mensen van lager allooi. Voetbal is in Nederland besmet. Bij De Wereld Draait Door aan tafel schuiven om besmuikt te praten over popliedjes die je geweldig vindt, maar eigenlijk niet goed mag vinden? Geen probleem. Daar smullen we van. Iedereen heeft toch z’n eigen ‘guilty pleasures’? Niet dan? Over voetbal praten bij De Wereld Draait Door? Ik zie het niet gebeuren. Voetbal hoort er gewoon niet bij. Het is een andere wereld. Je kunt van alles iets hips maken, zelfs van quantumfysica. Maar voetbal? Dat blijft slechts voetbal. Terwijl in Engeland de studenten tijdens college sjaaltjes van hun favoriete team dragen, wordt in Nederland die ene gast met z’n Fortuna Sittard-sjaaltje niet voor vol aangezien. In Amsterdam durfden studenten pas nadat ik mijn liefje voor Fortuna Sittard publiekelijk had beleden uit te komen voor hun liefje voor NAC Breda, Feyenoord of Ajax. In de lift, of in het voorbijgaan in de gang.

NOOIT ALLEEN
Dat was ook in Nederland ooit anders. In 1978 zong iedereen ook hier ’We’ve got the Whole World in Our Hands’ mee, een cover van het traditionele Amerikaanse folkliedje ‘He’s Got the Whole World in His Hands’ door Nottingham Forest FC met de lokale band Paper Lace. Een paar jaar later bracht postpunkband The Fall the geweldige ‘Kicker Conspiracy’ uit. Vermoedelijk over Southampton FC, maar dat weet je bij die band nooit zeker. Zanger Mark E Smith is namelijk een enorme Manchester City-fan. Wel duidelijk: het opzwepende punkliedje ‘Cardiff City Superstar’ van Helen Love dat in 2008, toen Cardiff de FA Cup Final speelde, opnieuw is opgenomen en uitgebracht door leden van de band Super Furry Animals. Het geweldige New Order, bekend van onder andere ‘Blue Monday’, schreef met ‘World in Motion’ het strijdlied voor het Engelse team voor het wereldkampioenschap van 1990 in Italië. Weer eens iets anders dan die slappe volkse hap die er voor Oranje wordt geschreven. Engeland werd knap vierde en Duitsland ging er natuurlijk weer met de buit vandoor. Rampen leveren ook altijd goede liedjes op. ‘You’ll Never Walk Alone’ bijvoorbeeld van The Crowd voor de brand bij Bradford City in 1985 en ‘Ferry ‘Cross The Mersey’ van The Cristians, Holly Johnson, Paul McCartney, Gerry Marsden en Stock Aitken Waterman in 1989. En zo kan ik nog wel een tijdje door gaan. Over fans die popliedjes uit hun eigen stad zingen. Manchester City-fans die in het stadion Oasis’ ‘Wonderwall’ uit volle borst meezingen. Of ‘She Loves You’ dat in Liverpool uit duizenden kelen klinkt. Enfin, punt gemaakt.

AJAX!
En Nederland? Daar is voetbal voornamelijk het terrein van volkszangers. Hoe simpeler en geschikter om op te hossen, hoe beter. Weinig hippe popmuzikanten belijden hier hun liefde voor voetbal openlijk. Misschien houden hippe Nederlandse popmuzikanten wel gewoon niet van voetbal. Of toch wel? In een interview met de website 3voor12 van de VPRO bekent rapper Mr. Polska: “Hier in Nederland letten mensen gewoon op elkaar. Een simpel voorbeeld: ik was op een tankstation, en daar stond op een wc met viltstift een grap geschreven over een voetbalclub. Ik moest er smakelijk om lachen, dus postte het op Instagram.” Wat er vervolgens gebeurde? “Ik werd er door een paar collega-muzikanten op geattendeerd ‘dat je je als artiest vooral niet met voetbal moet bemoeien, die bal kan terugkaatsen, hè?’” Misschien heeft schrijver Nick Hornby gelijk als hij het verschil tussen popmuziek en voetbal uitlegt: “Voetbal is in feite een emotieloos onderwerp dat buitengewoon hartstochtelijk beleefd wordt. Voor popmuziek geldt het tegenovergestelde; dat is wèl een emotioneel onderwerp, maar alle emotie wordt eruit weggezogen door de manier waarop het geconsumeerd wordt.” Klinkt aannemelijk, maar is eenvoudig te pareren met een goed voorbeeld. De funk-band Gotcha! uit Haarlem sloot in de jaren negentig vrijwel elk nummer af met de kreet ‘Ajax!’. Al moet ik niets van de Amsterdamse club hebben: veel hartstochtelijker wordt het niet. De band maakte overigens ook nog het nummer ‘Stronger Than Ajax, Sava Da Day’. Daarna werd het weer doodstil in het Nederlandse poplandschap. Misschien eens langsgaan bij de Geleense band DeWolff. Die hebben vast een reeds opgenomen nummer over hun liefde voor Fortuna Sittard op de planken liggen die ze niet uit durven te brengen. Kunnen ze er meteen een minuut over oreren bij De Wereld Draait Door.

Dit artikel verscheen eerder in Fortuna SC Magazine #4, seizoen 2015/2016.

One clap, two clap, three clap, forty?

By clapping more or less, you can signal to us which stories really stand out.