Slam Poetry: een genre van Poetry Slam

Poetry Slam — van stroming naar genre

Zoals de Historische Roman een genre was binnen de Romantiek, is Slam Poetry een genre geworden van Poetry Slam. Dit heeft begripsdifferentiatie teweeggebracht, omdat de gelijkenis tussen beide termen de verschillen neigen te verdoezelen.

Op de Engelstalige wikipediapagina worden de begrippen bijvoorbeeld door elkaar gebruikt en dit is kenmerkend voor de meeste teksten waarin wordt gesproken over tekstperformances.

Een analyse op ‘Google Trends’ over de populariteit van beide termen sinds 2004 geeft het volgende aan:

- wereldwijd werd er steeds twee keer zo veel gezocht op ‘Slam Poetry’ als op ‘Poetry Slam’. 
 — In Nederland is de term ‘Poetry Slam’ drie keer zo populair als ‘Slam Poetry’
 — In België zijn beide zoekopdrachten even populair, maar niet in dezelfde perioden
 
 Een belangrijke reden van de laatste kan bijvoorbeeld zijn dat de bekendste kampioenschappen ‘Poetry Slam’ worden genoemd. 
 
 Het is echter vooral kenmerkend dat, hoewel er wereldwijd een voorkeur uitgaat naar de term als genre, er meer aandacht gaat naar de term als stroming vanuit het Nederlands taalgebied. 
 
 Het Vlaams Literair Fonds is wel duidelijk: zij onderkennen in de eerste plaats het genre, en noemen dit terecht ‘Slam Poetry’. Maar zouden zij niet juist de stroming moeten waarderen? In vergelijking zouden we het vreemd vinden als een jazzcafé subsidie zou krijgen en een bluescafé niet. 
 
 Onderliggend probleem is dat er moeilijk andere genres kunnen worden benoemd onder Poetry Slam. We zijn namelijk niet concreet genoeg als we spreken over ‘Tekstperformance’ en ‘Beat Poetry’ is volgens Google Trends al helemaal niet populair meer sinds de jaren 60. Wereldwijd wordt er overigens nog wel relatief meer gezocht op die term dan in het Nederlands taalgebied.

Het lijkt er in ieder geval op alsof het huidige genre geen ruimte biedt voor vernieuwing binnen de discipline. Momenteel is nagenoeg elk event dat iets met Poetry Slam doet, geïnspireerd door hip-hop en is de inhoud in de eerste plaats maatschappelijk geëngageerd.

Of ‘Poetry Slam’ als stroming een stijl op zich is geworden of niet zal de toekomst moeten uitwijzen. Het probleem met de term momenteel is echter vooral dat literair talent dat zich ook op theatraal-performend vlak wil ontwikkelen en daarvoor niet of nauwelijks de kans krijgt buiten ‘Poetry Slam’. Het zou hetzelfde zijn voor een post-modernist die detectives schrijft, maar tussen wal en schip valt vanwege de beperkte publieke aandacht die zich vooral richt tot westernschijvers.
 
 ‘Genoodzaakt’ is in dit geval natuurlijk een sterke term. In principe is geen enkele artiest gedwongen zichzelf in een subcategorie te plaatsen en is het de taak van de artiest die strijd te ontstijgen. Toch blijft de voorkeur voor het genre boven de stroming ergens wringen.

Het is immers frappant dat een genre wordt weggeniveleerd in een post-modernistische periode waarin gespeeld wordt met verschillende genres.

Slamlezingen

Het Vlaams Literair Fonds omarmt Slam Poetry, maar laat de betekenis ervan over aan de Slam Poets zelf. In een filmpje komen verschillende dichters aan bod. Het opmerkelijke is dat sommige dichters elkaar tegenspreken. Moya De Feyter voelt zich bijvoorbeeld niet zo zeer politiek geëngageerd, de rest van de Slam Poets zijn hier meer uitgesproken over.
 
 Het is dan ook niet verrassend dat ze tijdens de finale van BK Poetry Slam de slechtste punten kreeg toegekend.

Zoals Martijn Nelen zegt: het gaat bij Poetry Slam niet om kunst, maar om een strijdkreet. Het lijkt hierbij te gaan om het aankweken van een soort sociaal-politiek bewustzijn. Bovendien geeft Nelen hier aan dat het niet eens in de eerste plaats een strijdkreet is naar hun publiek, maar zelfs naar collega’s die niet dezelfde poëtica delen. Wat Nelenbetreft is Poetry Slam dus niet het brede platform voor tekstperformance, maar een heel selectieve stroming die beschermd moet worden tegen invloeden die hij ‘elitair’ noemt. In wezen schermt hij hiermee juist tekstperformances uit die een abstracte, artistieke waarde hebben, een romantisch-expressieve poëtica.

Hij beschrijft een zwart-wit visie op tekstperformance, waarbij twee vage concepten tegenover elkaar worden gezet. Beide concepten zijn onduidelijk: ‘elitair, abstract’ vs ‘een strijdkreet, een groot publiek aansprekend’. 
 
 Wat is er mis met een subtiele, stekende, impliciete strijdkreet die net zo goed een stadion kan beroeren? Meersman impliceert misschien dat voetbalsupporters immuun zijn voor kunst. Ik weet niet of zij dat als compliment zouden beschouwen.

Dans! Dichter! Dans!

Om een voorbeeld te nemen van hoe het anders kan, neem Dans! Dichter! Dans!, een terugkerend evenement dat is gegroeid uit het verlangen naar een tekstpodium waar crossmediaal experiment mogelijk is én volledig wordt ondersteund. Die ondersteuning gebeurt niet door coaching in de courante betekenis, maar door praktische organisatie.

Want wat is nodig voor een goed evenement? Een plaats met een imago dat overeenstemt met het beeld dat schrijvers-performers van zichzelf wensen, techniek waarop die schrijvers-performers kunnen rekenen en een groep verschillende performers die elkaar ertoe bewegen hun individuele niveau te ontstijgen. Een sterke organisatie die alles vloet doet verlopen, wat promotie vooraf en een feest met dj’s na de performances, zorgen bovendien voor een groter publiek dan bij de meeste literaire avonden. 
 
 Een gevestigd artiest kan natuurlijk ook coaching bieden, maar het is niet de enige manier waarop kunstenaars kunnen worden begeleid. Sterker nog, er zijn veel kunstenaars waarbij theoretische coaching in overvloed is, maar praktische coaching broodnodig. Het is daarom jammer om te merken dat dergelijke alternatieven niet als volwaardig worden aanzien en een evenement als Dans! Dichter! Dans! om juist die reden tussen wal en schip valt bij subsidie-aanvragen.

Poetry Slam als semantisch sleepnet

Op zichzelf is Poetry Slam een semantisch sleepnet geworden voor alles dat met tekstperformance te maken heeft. Tekstperformance in Nederland en in België is al een klein en geschakeerd veld. Hoewel benadrukt mag worden dat het goed is dat culturele minderheden hier hun plek in kunnen vinden, is het niet onbelangrijk kennis te nemen van andere genres.

Poetry Slam heeft historisch gezien dan wel een ‘open karakter’, maar het is momenteel een gesloten concept waarbij niet alle vormen van tekstperformance worden gewaardeerd. Vanwege het spelelement missen vormen die niet binnen de verwachtingen vallen van de jury de kans om Poetry Slam als kunststroming te verrijken met artisticiteit.

Het is goed dat Slam Poetry (het genre) de aandacht krijgt die het verdient, en dat Poetry Slam (de stroming) de diversiteit krijgt die het nodig heeft. Daarom zou het goed zijn om de aandacht beter te verdelen over het hele literaire speelveld.