Hippocrates versus lineariteit
‘Now I promised to show that what are according to me the constituents of man remain always the same, according to both convention and nature.’ Dit schreef Hippocrates in zijn invloedrijke werk Nature of Man.
Uit deze zin blijkt een belangrijk verschil in uitgangspunt tussen het wereldbeeld van Hippocrates en dat van de moderne Europese samenleving. Hippocrates’ theorieën over de ‘constituents of man’ suggereren een statisch wereldbeeld met een cyclisch niveau daarbinnen.
Hippocrates spreekt over de gele en zwarte gal, het slijm en het bloed; deze vier elementen maken een mens tot wat hij of zij is. Uiteindelijk draait het menselijk leven om de balans (of het verlies daarvan) tussen deze elementen. Het feit dat deze balans, dit evenwicht, wordt benadrukt getuigt al van een bijzonder verschil met de huidige medische wetenschap. Waarin Hippocrates een eeuwige, vaste balans en ernstige afwijkingen daarvan zag, wordt er in de huidige medische wetenschappen een lineaire causaliteit aangehouden: een ziekte of afwijking komt op en loopt langs verschillende stadia — tot er wordt geprobeerd het medische probleem terug te dringen. Dit denken in lineaire progressies en degressies die alsmaar verder lopen door tijd en ruimte (ziektes in verschillende ‘stadia’, een proces van ‘verbetering’ of ‘verslechtering’) is afwezig in Hippocrates’ beeld. Hij ziet de balans van de elementen zwarte gal, gele gal, slijm en bloed als een constante factor die in ieder mens op dezelfde manier plaatsvind waarbij de verhoudingen tussen elementen heen en weer kunnen zwaaien, maar zich altijd blijven bewegen rond het continue punt van balans. Daarnaast houdt hij er een cyclisch wereldbeeld op na; de seizoenen beïnvloeden de verhoudingen tussen de elementen op een alsmaar routerende manier. In de zomer vindt er een verhoging van de hoeveelheid bloed plaats; de volgende zomer gebeurt dit weer en zijn we weer rond.
Dit aanzienlijke verschil getuigt ervan dat er in de geschiedenis en over de wereld belangrijke fundamenten van kennis op een volkomen verschillende manier worden opgebouwd. Alles wat Hippocrates heeft geschreven is nooit meer te begrijpen op de manier waarop de man het zelf bedoelde; we hebben gewoonweg niet meer hetzelfde framework van algemene kennis. Dit is natuurlijk niet per se iets slechts, het is enkel onvermijdelijk — en er zou daarom altijd stil bij gestaan moeten worden.