Disconnected

Ineens heb ik het! Terwijl de updates zich op mijn telefoon installeren en huisvesten en ik het warme water in het bad laat stromen heb ik het. Een paar minuten eerder was ik nog zo slim geweest om de updates te installeren. Ik had nog enige hoop dat het niet zo lang zou duren, zodat ik snel zou kunnen genieten van de mannen van Top Gear (niet om fysieke redenen, maar gewoon puur voor de gortdroge Britse humor).

Helaas, het groene scherm waarop de updates uitgevoerd worden blijft langer op groen dan ik zou hopen. Het warme water heeft mij inmiddels volledig onder water gezet. Gefrust(j)eerd kijk ik nog een keer naar het scherm, nog steeds staart het groene scherm naar mij. Het schiet gewoon niet op en met een diepe zucht geef ik mij over. Ik heb even niet de controle over wat ik kan zien of lezen, mijn contact met de buitenwereld wordt afgesloten.

Ik betrap mezelf er steeds meer op. De hartaanval die je krijgt als je even je telefoon kwijt bent, de stress die mij grijpt als mijn telefoon nog boven ligt of als ik mijn batterij zie slinken, terwijl ik nog een uur in de trein moet zitten. We zullen en moeten in de gaten houden wat de wereld om ons heen doet. Tot dit ene moment, het kwartiertje dat ik in bad zit, terwijl mijn telefoon aan het updaten is. Ik word door de technologie gedwongen om even niet de controle te hebben. Ik bedoel, ik lig net lekker in bad, de schuimkraag komt tot de rand en buiten dat is het uit bad gewoon verschrikkelijk koud.

In ieder geval moeten mijn hersenen nu dwangarbeid verrichten. Ik moet wel even stil staan bij het moment, de laatste weken zijn intensief geweest en ik heb mezelf nog niet de tijd gegund om te realiseren wat ik mee maak. Om heel eerlijk te zijn vind ik het vanzelfsprekend dat ik nu op deze plek sta, ik ben het aan mezelf ‘verplicht’. Of ja, zo zie ik het, want ik weet dat ik veel meer kan dan in een, met alle respect, magazijn werken. Absoluut niks ten nadele tegen mijn collega’s (ik werk nog steeds in een magazijn), daar lopen topgozers rond die ontzettend goed zijn in wat ze doen, maar daar ligt niet mijn talent, dat is niet mijn referentiekader.

Een jaar of wat geleden had ik nooit gedacht dat het zo snel zou kunnen gaan. Ik stopte met journalistiek, omdat ik hét mistte. Ik mistte de voldoening, de uitdaging, maar dit kwam vooral door hoe ik zelf tegen het schrijven aan keek. Ik vond mezelf vooral goed en trok te grote schoenen aan, zodat ik er naast ging lopen. En buiten dat waren de feestjes ook gewoon te leuk, wat dat betreft had ik geen sterke ruggengraat. Ik was voortdurend op de vlucht, zonder te praten over wat me dwars heeft gezeten, want dat kwam er ook nog eens bovenop.

Gelukkig ligt dat achter me, of tenminste het grootste gedeelte. Dat zwarte gat waarin ik heb gebivakkeerd is dicht gegooid en aan mijn voetafdrukken kun je nog zien waar dat gat is geweest. Het zwarte gat waarin ik voortdurend na heb kunnen denken, soms wel een beetje teveel. Het zwarte gat waar ik uit ben geklommen. Achteraf is het voor mij altijd zeker geweest dat ik er uit ben gekomen, er is altijd een klein lichtje blijven branden.

Sommigen zeggen dat het iets over mij als persoon verteld, dat het een karaktertrek is. Ik weet het niet, ik ga het beestje geen naam geven, omdat ik niet degene ben die daar een oordeel over kan geven. Iedereen ervaart gebeurtenissen op zijn eigen manier, interpreteert een situatie anders dan dat ik doe en gelukkig maar. Het is een dynamiek die we niet kunnen missen in deze wereld.

Ondertussen is mijn spreekbuis klaar met updaten. Het groene scherm is verdwenen en mijn startscherm wordt zichtbaar. Een zucht van opluchting ontsnapt uit mijn lichaam. Het water is lauw geworden en mijn vingers zijn 60 jaar ouder. De mannen van Top Gear kunnen wel even wachten, het verplichte moment van rust heeft me goed gedaan. Ik stap uit bad en doe mijn telefoon uit. Het nadenken heeft me laten zien dat ik niet overal controle over kan hebben en dat moet ik ook niet willen, ik hoef niet ieder moment van de dag een kattenfilmpje te zien of een gesprek aan te knopen. Ik hoef niet verbonden te zijn, want soms moet je juist loslaten.

Like what you read? Give Tjeerd Leendertse a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.