Macht en Invloed: De duistere rijders van het Liberalisme
Is vandaag de liberale utopie van vrijheid als recht, gelijke kansen voor iedereen en beloning voor iedereen die zich inzet, eigenlijk nog wel mogelijk? Of is dit een cynische marketing leugen geworden, geproduceerd door vrije markt extremisten om ons nog meer te onderwerpen? En wat is er nodig om de liberale utopie — en het liberalisme — weer wervend te maken? Dat is de vraag die ik in dit essay wil verkennen.

Hoe zat het ook al weer met de liberale utopie?
In deze onzekere tijd staat het liberale utopie van de open samenleving zwaar onder druk. Dat heeft het liberalisme voor een groot stuk aan zichzelf te danken omdat het veel te ver doorgestaan is in een extremistische variant: het rauwe vrije markt kapitalisme. Dat vrije markt kapitalisme is als een sterker wordend virus dat zijn kapitaal en invloed gebruikt om politiek en beleid steeds verder naar zijn hand te zetten. Dat leidt tot groeiende ongelijkheid, groeiend cynisme en vormt de voedingsbodem voor anti-establishment partijen.
De cynische paradox is dat het juist de vrije markt extremisten zijn die het anti-establishment sentiment compleet naar hun hand hebben gezet. Trump’s vermogen om de massa op te jutten is een godsgeschenk gebleken voor de superrijken en multinationals. Ook Brexit belooft een hoofdprijs te worden voor de vrijemarkt extremisten, eenmaal hetkleine Groot-Brittanië “deals” gaat moeten sluiten met de VS. Het is een publiek geheim dat Groot-Brittanië geen enkele onderhandelkracht heeft en totaal overgeleverd zal worden aan de handelsregels van de VS, die helemaal geschreven zijn in het voordeel van corporaties en hun aandeelhouders.
Liberalisme is een cynisch marketing instrument geworden. In Life.inc maakt Douglas Rushkoff een messcherpe analyse van hoe het cynische corporate denken zich diep doorgedrongen heeft in hoe we denken over onszelf, elkaar en de samenleving. In zijn meest cynische vorm geïllustreerd door de winkelvloer in een shopping mall waar allemaal “free agents” werken op commissie en die allemaal de illusie verkocht zijn dat dat ze zo hun eigen baas zijn en zelf kunnen bepalen hoe veel ze werken en hoeveel ze verdienen. Maar het winkelcentrum neemt vervolgens veel meer mensen aan dan nodig, waardoor ze keihard tegen elkaar uitgespeeld worden in een Darwiniaanse survival of the fittest strijd op leven en dood. Dat is in een notendop het verhaal ook van Uber, Amazon, PostNl en ga zo maar door.
Mensen voelen dat welvaart, vrijheid en kansen steeds meer voor een kleine groep weggelegd is en komen in opstand. Als het liberalisme een cynische marketing leugen is, fuck dan het liberalisme.
Dus hoe kan het liberalisme terug wervend worden? Hoe kunnen we mensen weer verliefd laten worden op de kracht van het liberale optimisme van de maakbare open samenleving waarin vrijheid een recht is, kansen voor het grijpen liggen en iedereen die zich inzet daarvoor beloond wordt?
Het liberalisme stelt zichzelf ter discussie
In het fascinerende discussiestuk “liberalisme dat werkt voor de mensen” maakte VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhof een interessante analyse van de huidige status van het liberalisme. Hij argumenteerde dat liberalisme verworden is tot ‘procesliberalisme”: een set van liberale stokpaartjes of dogma’s waar liberalen sowieso moeten achter staan. Kleine overheid, minder belasting voor bedrijven, dat soort werk. Het probleem, argumenteert Klaas Dijkhof, is dat liberalen zo overtuigd zijn van deze dogma’s, dat ze niet meer checken of ze nog wel tot de voor liberalen gewenste uitkomsten leiden. Belastingvermindering is goed, maar als bedrijven het geld gebruiken om eigen aandelen in te kopen en niet om te investeren, dan zou ook een liberaal zich achter de oren moeten durven krabben en zich de vraag stellen of dat nu echt is wat we nodig hebben. In plaats daarvan pleit Dijkhof voor “logisch liberalisme” of pragmatisch liberalisme. Liberalisme dat zich focust op de gewenste uitkomsten van beleidsinterventies. Uitkomsten als vrijheid, welvaart en gelijke kansen voor zo veel mogelijk mensen. Vanuit dat perspectief beken, zou het liberalisme dus best wat tegendraadse standpunten in kunnen nemen, want het doel heiligt de middelen. Liberalen houden van ondernemers, maar als die ondernemer zijn kapitaal gebruikt om tax-adviseurs veel geld te betalen om zo min mogelijk contributiegeld te betalen aan de infrastructuur van de BV Nederland — waar hij nochtans gretig gebruik van maakt-, dan moeten we misschien het liberale dogma dat ondernemers de scheppers van welvaart zijn, toch ook met enkele kantlijnen durven voorzien.
Volstaat deze upgrade om mensen terug te werven voor de liberale utopie? Ik denk dat we om deze vraag te beantwoorden eerst deze inside-out argumentatie over het liberalisme moeten aanvullen met een outside-in analyse van de huidige waarin het liberalisme concurreert met andere verhalen . Inside-out betekent dat de redenering begint bij het liberalisme en het gaat van daaruit op zoek naar manieren om het product liberalisme weer aantrekkelijk te maken. Outside-in betekent dat we onze blik eerst moeten richten op het krachtenveld van de samenleving en van daaruit de vraag stellen hoe het liberalisme daarin het best mogelijke antwoord kan geven op wat de samenleving wil en nodig heeft.
Het spel van Macht en Invloed
Ik ben geboren in 1975. Ik was 14 toen de muur viel. Ik was 17 toen Fukuyama het boek “The End of History” schreef, gebaseerd op zijn gelijknamige essay uit 1989. Hij argumenteerde dat we op het eindpunt van de geschiedenis waren beland. Dat de vaart der volkeren allemaal in de richting van liberale democratieën bewoog en dat dit het logische eindpunt was van de opeenvolgende pogingen van de geschiedenis om maatschappijen vorm te geven volgens telkens weer nieuwe ideeën. Hij was gruwelijk mis, maar hij vatte de tijdgeest wel perfect samen.
2019 had ik me dan ook heel anders voorgesteld. De geschiedenis is terug van weggeweest. Er raast een perfecte storm die verontwaardiging, angst en woede produceert, die op zijn beurt weer geoogst wordt door autoritaire leiders. De perfecte storm wordt geproduceerd door:
- Commerciële media die er alle commerciële belang bij hebben om ons in angst en boosheid aan de buis te kluisteren. Wie kwaad en bang is, blijft TV kijken. Wij blijft TV-kijken brengt meer op. If it bleeds, it leads, is een simpele vuistregel die door de TV-zenders en kranten van Media-maffioos Rupert Murdoch tot een kunstvorm verheven is.
- Het algoritme van Facebook en Google — de twee grootste aandachtsmonopolisten van deze tijd, heeft geleerd dat het voeden van woede, conflict en verontwaardig de beste manier is om mensen langer op hun platformen te houden. En dus probeert het algoritme ons steeds te voeden met content die ons op diepere lagen van onze hersenstam raken.
- Troll-farms en politieke campagnevoerders zonder scrupules weten vervolgens deze algoritmes voor zich te laten werken. Wat TV en cinema deed voor de propogandamachine voor Nazi-Duitsland, doen sociale media vandaag voor Trump, Brexit, Salvini, Orban, Kurz,…
De onbestemde angst en twijfel over de samenleving die niet meer voor hen werkt, wordt door deze algoritme-hackers netjes omgebogen tot een bestemde angst voor de vreemdeling en een bestemde woede tegen het politieke establishment en media. Deze blauwdruk van het oprukkend populisme is overal dezelfde. In deze perfect storm ligt macht en invloed voor het grijpen voor iedereen die bereid is de algoritmes van controverse, verontwaardiging en opruiing te bespelen
Hoe doet het liberalisme het in deze wereld?
Laat ons elkaar geen Liesbeth noemen: Liberalen, het liberalisme en de liberale utopie zijn gewoon niet uitgerust voor deze perfecte storm. Dat het liberalisme het nog zo goed doet in Nederland heeft minder met het liberalisme te maken en alles met het uitzonderlijke politieke talent van Mark Rutte en Klaas Dijkhof. In Canada, de andere posterchild van het liberalism, heeft het dan weer vooral met het mediagenieke talent van Justin Trudeau te maken.
Mensen die geloven in de waarden van open samenlevingen: verdraagzaamheid, beschaafdheid, gematigdheid, worden door de media algoritmes overstemd door iedereen die de tegenovergesteld waarden aanhoudt. Liberalen vechten niet smerig en dus verliezen we. Tobias Stone verwoordde het een paar jaar terug prachtig in het essay “History tells us what will happen next with Brexit and Trump”:
“What can we do? Well, again, looking back, probably not much. The liberal intellectuals are always in the minority. […] The people who see that open societies, being nice to other people, not being racist, not fighting wars, is a better way to live, they generally end up losing these fights. They don’t fight dirty. They are terrible at appealing to the populace. They are less violent, so end up in prisons, camps, and graves. We need to beware not to become divided (see: Labour party), we need to avoid getting lost in arguing through facts and logic, and counter the populist messages of passion and anger with our own similar messages. We need to understand and use social media. We need to harness a different fear. Fear of another World War nearly stopped World War 2, but didn’t. We need to avoid our own echo chambers. Trump and Putin supporters don’t read the Guardian, so writing there is just reassuring our friends. We need to find a way to bridge from our closed groups to other closed groups, try to cross the ever widening social divides”.
Hoe kan het liberalisme terug aan macht en invloed winnen?
De liberale utopie van vrijheid als recht, gelijke kansen en eerlijke beloning voor iedereen die zich inzet, is geen conservatief verlangen naar de status quo meer. Het is integendeel hét challenger verhaal van deze tijd. Het liberalisme zou hét wervende verhaal van deze tijd kunnen zijn. Het beste antwoord op alle misstanden die ons in een wurggreep houden (ongelijkheid en propaganda), en de uitdagingen en bedreigingen die op ons afkomen (klimaat-catastrofe, migratie, terrorisme, autoritarisme,… om er maar enkele te noemen).
Maar daarvoor moeten liberalen terug een honger naar macht en invloed krijgen. Een verlangen om de harten van de massa te winnen. En een verlangen om dat tegen elke prijs te doen, aangezien de tegenstander dat ook doet. Dat betekent dat liberalen een aantal nieuwe vaardigheden zullen moeten omarmen. Ik doe hierbij een voorzichtige eerste poging. Een eerste voorzet van wat hoop ik gaat uitgroeien tot een manifest met vuistregels voor een strijdlustig liberalisme. Als liberalen de harten van de massa willen winnen voor het liberale utopie, dan zullen ze de volgende regels moeten volgen
- Breek met de codes van het establishment: het doet er niet toe wat we zeggen. Als het nog maar van ver ruikt naar uitspraken van het establishment, dan proeven mensen meteen dat het “chocolate-covered broccoli is”: het ziet er op het eerste zicht uit als chocolade, tot je er in bijt. Veel uitspraken van politici over “de mensen” komen niet aan, juist omdat de mensen de gehate afzender al meteen verwerpen.
- Respect krijg je alleen maar door dapperheid, lef en koppigheid. Dat geldt voor je privé-leven, maar ook voor politiek: iemand die onder druk meteen de keutel terug intrekt, wordt gewoon niet meer serieus genomen. Dat is de paradox van de puber. De puber komt in opstand tegen autoriteit, maar als de puber voelt dat de autoriteit niet tegen hem opgewassen is, dan walst hij er over heen. Liberalen zullen moeten dappere keuzes maken en die met een compromisloze koppigheid, trots en lef verdedigen. We zullen moeten leren schijt hebben aan kritiek.
- Strijdlust is de motor van de algoritmes van de online en offline aandachtsmonopolisten. We zullen moeten leren houden van controverse en strijd. Deze vormen niet alleen de motor van media- aandacht en digitaal bereik, maar maken het bovendien ook makkelijker voor mensen om zich tot een kamp te voelen behoren. Mensen willen tot een kamp behoren.
- We hebben weer missies nodig die de verbeeldingskracht van een natie aanspreken. De welvaarts- en innovatie-boom in de jaren 60 is voor een groot stuk toe te schrijven aan Kennedy’s missie om voor het einde van het decennium een man op de maan te zetten en deze weer levend terug op aarde te brengen. Deze Big Hairy Audaciious Goal zorgde voor een Cambrische explosie aan innovatie en voedde het optimisme. De klimaatcrisis en de transformatie naar een fossielvrije wereld vraagt om tot de verbeelding sprekende missies door een inspirerende overheid.
De liberale utopie heeft liberalen nodig die de strijd aangaan tegen al de krachten die de geschiedenis weg bewegen van deze utopie. Liberalen die met plezier zich in het spel van macht en invloed bijten.
Liberalen die doordrongen zijn van het idee “let’s make optimism great again”.
Tom De Bruyne voor De Nieuwe Vrije Eeuw
(aka de Liberale Drinktank)
November 2019
tom@sueamsterdam.com
