DS Weekblad:

HILDE VAN MIEGHEM ZWIJGT NOOIT MEER

HILDE VAN MIEGHEM ZWIJGT NOOIT MEER

‘Als vrouw moet je een non zijn’11 APRIL 2015 | Griet Plets, foto’s Fred Debrock

Het was een lastige week voor slachtoffers van een verkrachting, zegt Hilde Van Mieghem, actrice en regisseuse. Vijftien jaar geleden overkwam het haar en ze kijkt met grote ogen naar het onbegrip dat onveranderd is. ‘Ik word woest als ik Sven Mary hoor: slachtoffer word je pas als de dader wordt veroordeeld. Walgelijk.’

Mail

Print Corrigeer

Vorige afbeeldingVolgende afbeelding

Vorige groep afbeeldingen in deze set

Volgende groep afbeeldingen in deze set

‘Och god, wij hadden een afspraak, ben ik helemaal vergeten. En jij staat voor mijn deur. Godverdomme.’ Maar dat ze in huis is, zegt ze gelukkig ook. ‘Ik zit een verdieping hoger, in mijn bureau. Ik kom.’

Hilde Van Mieghem (56) is moe. Twee avonden achtereen op de planken, gisternacht nog van Genk naar Antwerpen terug: het laat zich voelen. ‘Mijn knoken kraken al eens, ja’, en voor wat ze niet noteert, dreigt soms vergetelheid. Vlug verplaatst ze de afspraak die ze al met haar manicure had gemaakt: ze wil de gelnagels weg die ze voor Scarlet Anansi Ocloo had laten aanbrengen. Twee keer hebben ze de voorstelling gespeeld, het is wachten nu of ook andere cultuurcentra interesse tonen.

‘Ben ik niet gewoon’, geeft ze toe. ‘Als ik met Ivo van Hove of Josse De Pauw speel, is de hele tournee uitverkocht, en minutieus geregeld. Gorges Ocloo is pas 25, die moet nog alles leren. Dat is confronterend, maar ook louterend. En prikkelend. Ik ben als actrice tien jaar uit the picture geweest, ik begin weer helemaal van nul.’

Scarlet Anansi Ocloo is een moderne Medea, een zoektocht naar de oorsprong van genocides. Een monoloog ook, lang geleden dat Van Mieghem nog eens een hoofdrol — de enige rol — kreeg. Ze wil al lang weer meer gaan spelen, maar de kansen komen niet, of moeizaam. ‘In het buitenland wel. Ik zit dit jaar in een Franse film, Diamant noir, en binnenkort in een internationale serie, The team, met ook Veerle Baetens, Koen De Bouw en Filip Peeters. Maar mijn dochter Sara is casting agent: in België hoeft ze me zelfs niet voor te stellen. “Die regisseert, die is actrice af, toch?” is altijd de reactie. Scarlet Anansi Ocloowas als een vakantiekamp. Al brengt theater ook tristesse mee. Gisteravond reed ik naar huis, en ik voelde me de eenzaamste mens ter wereld.’

Hoezo?

‘Even ben je God, daarna niets meer. Niet dat ik goddelijk ben op een podium, maar ik controleer er alles. Ik heb de macht het publiek bij de neus te nemen, een illusie te creëren. Tot ik weer op aarde word gesmeten, als de engel uit Der Himmel über Berlin. Met mijn koffertje in het donker naar mijn auto en in mijn eentje naar huis. Plots moet ik weer eten, slapen, naar ’t wc. Het leven is weer wat het is.’

‘Bij film is dat anders. Er zit een hele poos tussen de periode waarin een film gemaakt wordt en het resultaat. Tegen die tijd ben ik al lang met iets anders bezig. Ik had vroeger ook de grootste moeite om te groeten na een voorstelling. Dat was het moment waarop ik weer Hilde werd, en ik wist niet hoe ik me als Hilde op het podium moest gedragen.’

‘Mijn huisarts heeft ooit gezegd, toen ik een jaar of 22 was en al Studio Herman Teirlinck deed: Hilde, dat moet een moeilijke wereld zijn, voor iemand die zo verlegen is als jij. En ik dacht: tiens, die kent mij écht. Ik overschreeuw mijn verlegenheid heel vaak. Ik heb ook geen verlegen kop, gewoon door mijn kaaklijn, mijn constitutie.Mijn hoofd is dat van een beest. Een schrijver zei eens, ik weet niet meer wie: mensen met een krachtig uiterlijk hebben dat meestal van de natuur gekregen om hun kwetsbare binnenkant te beschermen. Dat is juist, denk ik. Maar ook verwarrend, want ik word vaak heel anders beoordeeld dan ik ben.’

Je bent het cliché van de verlegen acteur die zichzelf op het podium overwint?

‘Nee, ik wou in het theater omdat je er emoties kunt tonen zonder daarvoor gestraft te worden. Ik was 8, we gingen met de klas naar het jeugdtoneel, het gordijn ging open en in het licht stonden daar mensen te brullen, te blèten, te bibberen, te bewegen — alles wat in mijn tijd als kind niet kon. Zij mochten dat wel, er werd zelfs voor geapplaudisseerd. Toen wist ik: dát is mijn wereld, daar moet ik staan.’

‘Ik ben opgegroeid in een gezin met een verpletterend zwijggebod: gij zult niet spreken. Achttien jaar heb ik mijn mond niet opengedaan. Maar er komt een dag dat ik wél spreek, heb ik me altijd voorgenomen. En dus ben ik bewust erg open nu.’

Heb je daarom een paar jaar geleden op de radio verteld dat je verkracht ben?

‘“Wat heb jij eruit geflapt?”, zeiden mensen. Maar ik had daar goed en lang over nagedacht, er was al tien jaar overgegaan. Het was ten tijde van de affaire-Pol Van Den Driessche, ik wou de omerta doorbreken: het moet maar eens geweten zijn, vond ik.’

De chef-kok van Chirac

Ze voelt het wéér, zegt ze, nu met de zaak-Steve Stevaert en de Willem Elias-rel. ‘De vrouwen… een zwakheid die we begrijpen’, tweette de VUB-professor naar aanleiding van Stevaerts dood. En ook: ‘Aan de dame die deze beslissing op haar geweten heeft, toch graag dit. Voor een verkrachting ga je onmiddellijk bij de politie, of desnoods de dag nadien. Niet drie jaar later.’

‘Kotsmisselijk word ik hiervan’, tweette Van Mieghem terug. In 1999 werd ze zelf het slachtoffer van een verkrachting, toen ze voor opnames in Frankrijk was. Ze had vier dagen vrij, had zichzelf een fijn hotel gezocht, wou even bekomen, tot de eigenaar/chef-kok op een nacht haar kamer binnenkwam en zich aan haar vergreep. Ze diende drie dagen later een klacht in, de man kreeg vijf jaar, maar de Elias-affaire rijt oude wonden open.

‘Ik slaap slecht, al de hele week. De uitspraken van Elias hebben mij tot in het diepst van mijn ziel geraakt. Maar ik kijk er niet van op. Ik ken de man vrij goed, en ik heb hem nooit anders geweten. Ooit nam hij de hele tijd foto’s van mijn decolleté. Elias mag dan ontwikkeld zijn, als het over vrouwen gaat, is hij een zielig ventje. De vieze man van Kees van Kooten. Zijn uitspraken zijn dodelijk. Het bewijst wat we al langer weten: verkrachting wordt nog steeds gebagatelliseerd.’

‘Ik herinner me hoe ik na míjn verkrachting naar vrienden belde. En meer dan eens de reactie kreeg: “Maar Hilde, wat heb je gedaan? Jij hebt zitten flirten, of met je zatte botten het beest uitgehangen?” Precies wat ook het meisje zei dat deze week in een video getuigde: mijn vrienden geloofden me niet, wat zou ik de politie vertellen?’

‘Toen ík indertijd bij de politie kwam, was er hoongelach. Mijn verkrachter was een notabele in de streek, ooit de chef-kok van Chirac, de reactie was steevast: lui? c’est pas possible. En toen ik met de dader geconfronteerd werd, zat het hele korps mee in dat kamertje: twaalf man. De laagste in rang heeft me na het verhoor gezegd: kies een advocaat uit Parijs, mevrouw, met een maître van hier hebt u geen schijn van kans. Om maar te zeggen: je moet als vrouw al verdomd sterk zijn om ermee door te gaan.’

Dat geldt ook in de zaak-Stevaert: het ging om een bekende politicus. En ook nu wordt gezegd: ze is wel met hem meegegaan naar zijn bureau.

‘Ze zal wel gevoeld hebben dat hij aan het flirten was, maar ze hoefde daarom nog geen seks met hem te hebben, toch! Als vrouw moet je een non zijn. Want o wee als je je niet als een non gedraagt, en tóch verkracht wordt, tja, dan vraag je erom. Dat zit er nog altijd in, en niet alleen in zogenaamd onderontwikkelde landen. Verkrachting heeft met macht te maken, niets met erotiek of lekker vrijen. Wie denk jij dat je bent om nee tegen mijn stijve te zeggen: daar draait het om.’

‘Toen ik voor mijn zaak in Frankrijk voor assisen moest verschijnen, heeft de verdediging er foto’s uit films bijgehaald, beelden van naaktscènes die ik had gedaan. Alles om te bewijzen dat ik een pornoactrice was, alsof dat een verschil had gemaakt. Alsof ik het dan zelf had gezocht. Ik vond dat proces zwaarder dan de verkrachting zelf. Alles wordt weer opgerakeld, en het duurt veel langer. Ik snap dat vrouwen lang wachten voor ze een klacht indienen.’

Dus het verbaast je niet dat in de zaak-Stevaert de vrouw in kwestie drie jaar heeft gewacht?

‘Allerminst. Ik heb het pas na drie dagen kunnen doen, toen ik mijn psychiater in België belde en hij zo lucide was om te zeggen: “bel iemand van je productieploeg, Hilde, vraag dat ze je komen halen en samen met jou naar de politie gaan”. Alleen zou ik het niet hebben gehaald, vrees ik — of pas veel later. Ik was in shock, ik wou naar een ander hotel, maar er was in de streek niets vrij, ik kon pas twee dagen later weg. Ik heb mijn deur gebarricadeerd, de luiken dichtgedaan en haast 72 uur onbeweeglijk op mijn bed gezeten. Verlamd was ik, de wereld draaide door en ik kon niet meer volgen.’

‘Een verkrachting is niet zomaar iets, het gaat om penetratie, een ander die ongevraagd jouw lijf binnendringt. Dat maakt je… intens verdrietig. En het ligt maatschappelijk nog altijd erg moeilijk. De eerste keer ben ik moederziel alleen naar mijn assisenproces gegaan. Pas toen de zaak in beroep voorkwam, is mijn zus meegegaan — vrienden en familie zwegen liever. Het vreemde is dat zelfs ík nog steeds met schaamte zit. Toen na dat radio-interview mijn foto in alle kranten stond, liep ik op de dijk van Oostende met mijn kop in de grond, ik wist niet hoe me te gedragen. “Hilde, je zou je hoofd hoog moeten houden!”, wist ik, maar het was het gevoel aangeraakt, besmeurd, bevuild te zijn.’

‘Er hebben zich in mijn leven nóg situaties voorgedaan waarin een klacht wenselijk was geweest. Ik heb hier ooit rond de tafel gelopen met een regisseur achter mijn gat, die zo nodig seks wou. Een vriend heeft me op een avond bij de keel gegrepen omdat hij al zo lang met mij naar bed wou. Ik heb regisseurs gekend die me midden in een scène in het oor fluisterden: met jou wil ik echt eens vrijen. Want ik was Hilde Van Mieghem de seksbom, ik speelde hoeren en femmes fatales, en ik had inPlayboy gestaan. En toch heb ik dat telkens met de mantel der liefde bedekt. Wij mogen als vrouwen vooral niet te zwaar aan zulke voorvallen tillen, zo zijn we opgevoed.’

‘Ik vind het vreselijk als mannen me tot seksueel object degraderen. Daarom is de zin “De vrouw… een zwakheid die wij begrijpen” de meest perverse uit dat hele bericht van Elias. Een zwakheid die wij begrijpen, als kaviaar: fret ervan, kerel. Of chocolade: och, een zwak van jou. Ik ga over mijn nek bij zo’n uitspraak: omdat ze er compleet aan voorbijgaat dat wij vrouwen mensen zijn.’

Fuck off, Sven Mary

In de zaak-Stevaert komt het niet meer tot een proces. Dus ook geen kans voor de vrouw in kwestie om, eventueel, haar gelijk te halen. En alleszins geen catharsis.

‘Dat moet verschrikkelijk zijn. Ik word woest als ik Sven Mary bezig hoor: “Slachtoffer word je pas als de dader wordt veroordeeld, niet voordien.” Wat een walgelijke, onbetamelijke uitspraak. Wat met al die moorden en verkrachtingen waarvan de dader nooit gevonden wordt, wat met al die gevallen van kindermisbruik waarin nooit iemand wordt opgepakt. Hoe wreed is het om dit puur juridisch te bekijken, zonder enige menselijkheid. Fuck off, Sven Mary!’

‘Er is de afgelopen dagen veel gediscussieerd over de vraag: pleeg je zelfmoord als je onschuldig bent? Ik weet dat niet, en ik ga daar niet over oordelen. Ik weet alleen dat onschuld je ongelofelijk sterk maakt. Als je onschuldig bent, dan denk je echt: no way, ik ga vechten met al wat ik in me heb. Mijn onschuld heeft mij een enorme kracht gegeven om die rechtszaak te doorstaan. Hoe hard ik ook werd aangepakt, ik had altijd een antwoord klaar.’

‘Wat ik wel heel erg vind in de zaak-Stevaert: dat de ijdelheid, of de schaamte, groter is dan de innerlijke kracht om de confrontatie aan te gaan. Dat is het écht tragische aan die hele kwestie, of hij nu schuldig is of niet. Niemand is heilig, maar het komt erop aan die blinde vlek bij onszelf te durven zien. Die kans rateren, liever sterven dan dát te doen: dat maakt hem werkelijk tragisch.’

‘Ik zou nochtans mededogen kunnen tonen voor mannen die een mea culpa slaan. Voor mij hoeft Elias niet ontslagen te worden: een paar maanden therapie lijken me veel beter. En oprechte excuses, niet zo’n gedwongen verontschuldiging. Mocht Elias tweeten: “ik begrijp dat ik een probleem heb, ik ga er wat aan doen”, dan ben ik de eerste om begrip te tonen.’

Wat kan er veranderen? Er zijn elke dag acht meldingen van verkrachting in ons land, en dat zou nog maar het topje van de ijsberg zijn.

‘Ik vind misbruik van en geweld tegen vrouwen net als racisme. Ik zit naar Adil (El Arbi, red.) te kijken in De slimste mens en ik hoor mezelf denken: fijn, een Marokkaan met verstand. Dat is racistisch, niet omdat ik racistisch ben, maar omdat onze maatschappij van dat gedachtegoed doordrongen is. En daar moeten we ons terdege van bewust zijn. Ik moet me ervoor hoeden de zwartepietendiscussie te snel te bagatelliseren: ach, die Hollanders. Want met vrouwen gebeurt net hetzelfde: kom je voor je rechten op, dan ben je flauw, of al snel een feeks. Dat “ambetante-wijven-etiket” moet eraf.’

‘Het proces tegen mijn verkrachter heeft me indertijd 2 miljoen Belgische frank gekost. Ik heb daar 900.000 frank van teruggekregen, ik heb nog altijd een rekening die loopt. Mijn dader heeft me 10 miljoen frank aangeboden, als minnelijke schikking. Ik heb geweigerd. Ik vond dat geen verontschuldiging, wel een afkoopsom — ze heeft hem, in beroep, ook de das om gedaan. Nochtans had ik het geld goed kunnen gebruiken. En veel mensen hebben me dat ook aangeraden: neem het , Hilde, zo’n som, je bent binnen. Maar ik ben niet verkracht om binnen te zijn. Mensen begrijpen niet wat de impact van een verkrachting is. Dus de mentaliteit veranderen: makkelijk wordt het niet.’

Just give me, give me, give me

Het is geen boutade, zegt ze, wat ze over mededogen, zelfs voor daders, vertelt. Hoe hard haar jeugd ook was met een tirannieke, gewelddadige moeder en een weliswaar artistieke maar alcoholverslaafde vader, die vader heeft haar wel dit proberen bij te brengen: ego te absolvo. Of nog: erbarme dich, heb erbarmen. Hij vroeg het niet zozeer voor zichzelf, wel voor haar moeder.

‘Met mijn vader, hij was toen al oud, heb ik ooit 18 uur over die kindertijd gepraat: we zijn om 12 uur ’s middags begonnen en de dag erop in een kroeg gestopt. Hij heeft me toen gevraagd hem bij de broeders Alexianen af te zetten, hij is daarna twee jaar nuchter gebleven — later is hij hervallen. “Heb erbarmen met het lijden van de mens, Hilde,” zei hij, “met onwetendheid, zelfs bij je moeder”. Dat mededogen vind ik ook in het boeddhisme. En in de psychoanalyse. Ik ben twaalf jaar bij een psychiater in behandeling geweest, ik ga er soms nog langs, en ik heb geleerd ook naar de achtergrond van mensen te kijken, het grotere geheel te zien.’

‘Ik ben lang erg serviel geweest, dat speelt me nog altijd parten in relaties. Het is niet zomaar dat ik al lang geen man meer heb.’

Wil je er nog één?

‘Natuurlijk. Maar ik ben vorig jaar opnieuw tegen een idioot aangelopen, en dat doet pijn. Twaalf jaar therapie en ik kijk er nog altijd niet door.(lacht) In een relatie moet je durven te zeggen: dit wil ik niet, hier heb ik problemen mee. Begint de andere te brullen, tant pis; doet hij dat niet, dan kun je voort. Zo werken relaties. Maar ik verval snel in mijn oude patroon van het mishandelde kind. Ik taxeer een man voortdurend: in welke stemming is hij, heeft hij gedronken, hoe moet ik me gedragen? Als je achttien jaar in een disfunctioneel gezin hebt geleefd, dan zit dat in je blauwdruk.’

‘Na De suikerpot, mijn eerste (kort)film, heb ik diep gezeten. Die film vertelde het verhaal van mijn moeder en mij — weliswaar maar een fractie van wat echt is gebeurd, anders zou niemand hem zijn gaan zien — maar ik had de impact ervan onderschat. Ik heb hulp bij een psychiater gezocht en ik herinner me dat ik zei: het lukt me nooit om gelukkig te worden. Maar hij heeft dat meteen weerlegd: jawel, zei hij, dat is als een andere taal leren. “Jij hebt je blauwdruk en je maakt daar een nieuwe naast”. En dat klopt. Sinds mijn 40ste kan ik oprecht gelukkig zijn. Het is ook dankzij die therapie dat ik regisseuse ben geworden: ik durfde het serviele af te leggen, en leiding te nemen.’

‘Alles kan hersteld worden, zegt mijn psychiater, en dat ben ik nooit vergeten. Dat betekent niet dat de wonde verdwijnt. Maar je legt er wel zalf op, en die heelt.’

Kan zelfs de relatie met je ouders na zo’n kindertijd worden hersteld?

‘Met mijn vader is dat in dat lange gesprek gebeurd, met mijn moeder kan dat niet. Het hoeft ook niet meer, zover ben ik wel. Ze is niet meer wie ze was. Een oude vrouw die sinds de dood van mijn vader vrij mild — voor haar doen — is geworden. Die af en toe zegt, weliswaar alleen aan de telefoon, dat ze me graag ziet. En dan denk ik: laat maar komen, just give me, give me, give me.’

Dat neem je nog met graagte aan?

‘Natuurlijk. Als ik ziek ben, is zíj overbezorgd, wat ze vroeger nooit is geweest. Dan weet ik: dat is haar schuldgevoel, haar angst en alles wat daaronder zit. Ik neem die kleine tekenen als reparatie aan. En ik kan “dank u” zeggen, dat ook. Ik geloof niet in mensen die breken met hun beulen. Ik heb maar één moeder, met haar moet ik het doen. Wat zou ik anders? Haar weggooien is ook iets in mezelf weggooien, alles verbreken is ook breken met een stuk van mezelf. Dat is traumatiserend, denk ik. Ik kijk het liever recht in het gezicht.’

‘Door zo naar mijn ouders te kijken heb ik hun gedrag ook niet herhaald, ik ben niet zelf een dader geworden. Ooit heb ik mijn kat een paar schoppen gegeven, uit schrik dat ik mijn kinderen iets zou aandoen — dat was net voor ik in therapie ging. Zoals ik aandachtig moet zijn in mijn omgang met mannen, zo ben ik dat ook als moeder altijd geweest. Ik heb veel uit boeken gehaald, wat een moeder hoorde te zijn: dat kende ik niet. En ik heb op mijn beurt dingen verkeerd gedaan ómdat ik zo perfect wou zijn. Maar zoals Jung zegt: doe het goed genoeg, en dat is al heel goed.’

‘Als het over vrouwen gaat, is Willem Elias een zielig ventje. Ooit nam hij de hele tijd foto’s van mijn decolleté’

Lees de volledige editie >