Hackathon

Een weekend lang coderen, weinig slapen en slecht eten. Is het écht zo erg als wordt beweerd?


Je hebt ze vast weleens op tv gezien. Wellicht heb je er internetjournalist Alexander Klöpping over horen vertellen bij de DWDD University.

Ik heb het over hackathons.

Een menigte van honderden programmeurs, designers en entrepreneurs komen bijeen om in 24 of 48 uur een werkende app te maken. Dat is voor alle aanwezigen meestal geen glamoureuze bezigheid. Meedoen aan een hackathon staat namelijk ongeveer gelijk aan jezelf bijna doodwerken. Twee dagen lang zit je achter een computer te coderen. Als eten krijg je een karig rantsoen van ongezonde diepvriespizza’s met veel kaas en transvetten erin en cola en koffie om jezelf wakker te houden want slapen doe je maar zodra de hackathon is afgelopen, oftewel over twee dagen. Mocht je toch in slaap vallen, dan maar op je toetsenbord, of op het vieze tapijt dat waarschijnlijk al een paar jaar niet is schoongemaakt. Wel valt er altijd een geldprijs te winnen en dat maakt alles toch wel een beetje de moeite waard.

Melvin doet regelmatig mee aan hackathons en wint daarbij af en toe ook wat. De eerste keer dat hij meedeed had hij 500 dollar gewonnen voor de Facebook app “Groupchat” waarmee je met maximaal vijftig vrienden konden chatten. Bij een andere hackathon had hij 2500 duizend dollar gewonnen voor zijn app Instahipster. Daarmee kon je van iedereen een hipster maken. Je voegde dan een foto toe en plakte een gekrulde snor, een bril of een hoedje op, en voilá, je had zowaar van je Ome Henk een moderne hipster gemaakt.

Ja, er worden de gekste dingen bedacht, maar zo zeggen de organisatoren meestal aan het begin van de hackathon: “Het gaat er vooral om dat je een leuke tijd hebt, dat je nieuwe mensen leert kennen en dat je wat leert.” De deelnemers denken daar grotendeels anders over, zij gaan meestal voor de geldprijs. “Ik moet mijn rekeningen betalen” hoorde ik een deelnemer naast me wanhopig zeggen.

Salesforce 1 million hackathon 2014

Dit jaar besloot ik voor het eerst mee te gaan naar de Salesforce Million Dollar Hackathon in San Francisco. Een miljoen dollar kon je winnen, een aanzienlijk hoger bedrag dan bij de meeste andere hackathons. Ik had me vanzelfsprekend mentaal voorbereid op het slechte eten, het slapen op de grond en het feit dat ik twee dagen ongewassen door het leven zou moeten.

Tot mijn grote verbazing viel het allemaal heel erg mee en dat is nader bekeken ook niet zo gek als je bedenkt dat Salesforce, het bedrijf dat de hackathon organiseerde, een internationaal “cloud computing” bedrijf is die 36 miljard dollar waard is en dus goed in de slappe was zit. Ja, kon ik maar, na drie jaar in Silicon Valley te hebben gezeten, uitleggen wat cloud computing precies inhield, maar helaas. Sommige dingen zal mijn welwillende brein nooit geheel begrijpen zoals “naar de beurs gaan”, “opties”, “Application Program Interface” en nog meer van dergelijke onmenselijke bedenkselen, hoe hard ik ook mijn best doe. Maar goed, het punt is: Salesforce heeft veel geld en dat was ook te zien want alles was tot in de puntjes verzorgd.

Vrijdag 16:00
De hackathon werd georganiseerd in het City View at Metreon, een grote evenementenzaal met een waanzinnig uitzicht op de wijk South of Market (SOMA), het hart van de bruisende tech startups in San Francisco. Bij aankomst bleek, geloof of het niet, het internet niet te werken en dan kan je moeilijk aan een hackathon beginnen. Gelukkig had het technisch personeel de problemen na een half uurtje opgelost en konden we ons registreren. Toen we eenmaal geregistreerd waren liepen we verder door een poort waar we verwelkomd werden door het Salesforce hackathonteam die ons met een vriendelijk handgebaar in de richting van een grote zaal wees. In deze ruimte stonden rijen tafels met gezellige lampenkapjes, veel stekkers en verlengsnoeren. Er waren zithoeken met comfortabele banken en Fatboy zitzakken en in het midden van de zaal stond een podium waar over twee dagen de winnaars van de hackathon bekend zouden worden gemaakt. Het beste van alles was dat er heel het weekend ontbijt, lunch en avondeten, fruit en tussendoortjes verzorgd zouden worden. Oh en oneindig veel koffie, thee en koekjes niet te vergeten. Jason, een vriend van Melvin met wie hij een team vormde voor deze hackathon had alvast een plekje uitgekozen waar we gingen zitten.

Tegenover ons zat een vrouw met strakke paardenstaart en grote gouden oorbellen bevlogen haar ideëen voor een app voor te dragen aan haar buurman, een ijverige en waarschijnlijk heel erg slimme, Aziatische man die veel ja knikte en alles opschreef wat zijn buurvrouw hem vertelde. Omdat je tijdens zo’n hackathon een groepje moet samenstellen van twee á vier personen, waren ze tegelijkertijd bezig met het werven van nieuwe teamgenoten. De hele avond was er een toevoer van potentiële kandidaten waaraan de vrouw zichzelf steeds voorstelde:

“Hi my name is Harbir. Not YOUR beer but HER beer. That’s how you pronounce my name. We willen een app ontwikkelen waarbij je tijdens een presentatie op een makkelijke manier een vraag kan stellen aan de spreker. Via de app typ je dan de vraag in en de gespreksleider kan deze vragen zien in zijn app en vervolgens stellen aan de spreker. “Hij,” ze wees naar haar buurman, “is programmeur en híj gaat de app maken. Waar ben jíj goed in? Je bent een designer, oké dan kan jij de interface maken. Dan moet je even met hem overleggen hoe je het een en ander kan synchroniseren en bla bla bla bla bla.

De vrouw ratelde aan een stuk door vanaf het moment dat ze daar ging zitten, zo rond zes uur in de middag tot middernacht. De Aziatische man zat al die tijd rustig notities te schrijven en tegen het einde van de avond had ze twee andere jongens uit Los Angeles weten te strikken. Wat zij precies deden, weet ik eigenlijk niet, want ze kregen niet echt de kans om over Harbir’s gepraat uit te komen. Wel knikten ze allebei braafjes naar Harbir en parafraseerden ze alles wat ze zei.

Melvin tikte me aan en fluisterde: “Bij elke hackathon heb je van die wijven die niet kunnen coderen maar wel alles willen bepalen, terwijl ze kunnen zelf niks doen”.

Deze vrouw was overduidelijk zo’n persoon.

“Wat voor types komen hier nog meer dan?”

Nou je hebt altijd ideeën personen, dat zijn personen die niet kunnen programmeren maar die ideeën aanleveren. Dan heb je de programmeurs zelf, die eigenlijk het meeste werk doen. En je hebt de bullshitters, dat zijn mensen die veel en goed lullen maar weinig kunnen”, zei hij tot slot.

Aha, de bullshitters, meestal van het mannelijk geslacht, daar heb je er in Silicon Valley veel van.

Vrijdagavond 23:00
Later in de avond brak er paniek uit in het groepje van Harbir. De Aziatische man was zonder wat te zeggen ineens vertrokken en Harbir was nu enorm aan het stressen, want wie ging nu de app maken?

“Hey, wat is je naam ook alweer? Ja Stanley, jij kan toch programmeren? Oké, als jij nu het front-end design maakt voor de app, dat is namelijk het belangrijkste, dan hebben we dat in ieder geval af.” Stanley, haar groepsgenoot, keek wat verschrikt op en zei vervolgens “Oké, maar dan moet jij de wireframes maken want ik weet niet exact wat jij en je teamgenoot hebben besproken toen ik er nog niet was”. “Goed, dat stuur ik dan vanavond op, wat is je email adres?” zei Harbir nog steeds hoofdschuddend en vol ongeloof over het plotselinge vertrek van haar ijverige teamgenoot.

Het was inmiddels middernacht. Ik hoorde het allemaal aan en dacht: Harbir, veel succes, ik ga nu lekker op de bank van Lorenzo slapen, zonder stress. Lorenzo is onze voormalige huisgenoot die ons een plek had aangeboden om te blijven slapen dat deden we dan ook de eerste nacht.

Zaterdagochtend 8:00
De volgende dag waren Melvin en Jason al druk bezig met het ontwikkelen van hun app: Rendez-Vous. Hiermee kon je automatisch afspraken coördineren tussen twee personen. De app kijkt naar beide kalenders en suggereert een tijd en datum waarbij ze allebei kunnen. Hierdoor hoef je niet steeds heen en weer te mailen om af te spreken.

Af en toe liep ik langs Harbir’s groepje om een beetje af te luisteren, maar veel was er niet veranderd ten opzichte van de dag daarvoor, behalve dan dat de Aziatische man er ineens weer zat plus een meneer met een grote tulband, waarschijnlijk de broer/man/vriend van Harbir. Elke keer als ik langsliep was ze aan het woord en hoe langer ze maar bleef praten over haar product, hoe groter mijn glimlach op mijn gezicht werd. Niet alleen omdat ik mensen die urenlang een monoloog kunnen houden een beetje vreemd vind, maar vooral omdat het me herinnerde aan mijn studententijd en ik lachte heimelijk om het feit dat ik nooit meer die stress van groepswerk hoefde te ervaren, in ieder geval niet dat weekend.

Ik had namelijk van tevoren tegen Melvin gezegd dat ik niet mee ging doen, ook niet als ideeën persoon. Voor mezelf had ik dat weekend andere plannen. Ik had voor mezelf een bookathon georganiseerd. Deze hackathon was het perfecte moment om nu eens eindelijk te beginnen aan mijn e-book voor Airbnb hosts en om weer eens een blog te schrijven voor mijn Nederlandse blog die ik ongeveer al een jaar aan het uitstellen ben.

Twitter cupcakes

Nou, en dat heb ik dus heel het weekend gedaan, onder het genot van heerlijke ontbijten, broodjes, thee met koekjes, pulled pork broodjes met augurken, merguez worstjes met Mediterraanse yoghurtsaus, warme zon en een prachtig uitzicht schreef ik af en toe wat op en keek ik naar het grote aantal zwoegende hackers die allemaal druk bezig waren met hun one-million-dollar app.

Tussendoor werd er af en toe getrakteerd op een handjevol échte McDonalds friet of smeuïge cupcakes met Twitterlogo’s erop gesponsord door Twitter en stormde de hele zaal, ik natuurlijk ook, naar de tafel om de verrassende lekkernijen te pakken, die helaas na een minuut allemaal al waren vergeven. Het allermooiste was dat ik heel het weekend helemaal niks hoefde te doen, geen vervelende huishoudelijke rotklusjes in ieder geval. Ik hoefde niet af te wassen, geen boodschappen te doen, niet te koken, geen bergen kleding te wassen. En ik hoefde ook niet in een groepje samen te werken aan een tot mislukking gedoemde app. Dit allemaal, smaakte naar meer.

Zaterdag 23:00
Tegen de avond zag je steeds meer mensen ernstig vermoeid zitten achter hun computer. Melvin en zijn teamgenoot liepen een beetje achter en waren dus gedwongen om de hele nacht door te werken, de deadline was namelijk de volgende dag om twaalf uur in de middag. Ik zei iedereen welterusten en keek een beetje om me heen. Sommige mensen waren nog aan het coderen, anderen sliepen in hun slaapzak op de grond of als je geluk had op de bank. Ik dook onder de tafel mijn slaapzak in. Aangezien de zaal gigantische ramen had, kon ik zo vanaf de grond naar de sterrenhemel en de wolkenkrabbers kijken. De vloer was een beetje hard, maar wie moe is slaapt overal. De volgende ochtend, de laatste dag van de hackathon, zal ik nooit meer vergeten. Ik ontwaakte in een ochtend zoals alle ochtenden zouden moeten zijn: met zon die de hele ruimte mooi verlicht, mensen die vanaf vroeg in de ochtend gedisciplineerd werken achter hun computertje, koffie, thee en broodjes die al klaar staan om genuttigd te worden op een warm terras in het midden van stad. Het leven was mooi.

Ik kon weliswaar niet douchen, maar ik had de dag daarvoor al gedoucht dus zo erg was het niet en bovendien kon je wel ergens je tanden poetsen. Melvin en zijn vriend hadden niet geslapen en waren nog druk bezig de laatste codes te schrijven want rond het middaguur moest de app worden geupload en mocht er niet meer aan gewerkt worden.

Zondag 12:00
Tussen twaalf en vier uur s’middags liep de jury langs om alle apps te beoordelen. Bij de meeste hackathons worden slechts de finalisten uitgenodigd om hun app te presenteren op het podium, maar bij deze hackathon werden de apps op een “science fair”-achtige wijze beoordeeld. Alle teams mochten hun apps presenteren aan de jury-leden die in de zaal rondliepen. De presentatie van Melvin en Jason ging goed, maar helaas bleek tegen de avond dat ze niks hadden gewonnen. Niet de één miljoen dollar en ook niet de overige 30 troostprijzen van 10.000 dollar. Dat was natuurlijk heel erg jammer, maar ach, ik heb tenminste kunnen ervaren hoe het is om een man te zijn en ongestoord te kunnen doorwerken (de vrouw ruimt die troep thuis wel op) of een rijke mevrouw waar alles voor wordt gedaan.

Het was het beste weekend van mijn leven.