Collectiewacht: hoe bewaar je kunstwerken en oude objecten?

Op 9 juli vindt de cursus Beheer en Behoud plaats, een samenwerking tussen Erfgoed Gelderland en CultuurCollege. Collectiebeheerders van musea, kerken, bedrijven, gemeenten en privécollecties leren in deze cursus hoe ze de levensduur van objecten en kunstwerken kunnen verlengen. Om het natuurlijke proces van verval in te perken en voorwerpen zo lang mogelijk toonbaar te houden, is specifieke kennis van omgevingsfactoren en klimaat vereist. Hoe weer je bijvoorbeeld stof of direct licht? En hoe voorkom of behandel je schimmels, insecten of handel je bij breuken? In gesprek met Ingrid Gerritsen en Kelly Witteveen van Erfgoed Gelderland.

Vanwaar jullie passie voor conserveren?
Ingrid
: In 2005 ben ik gestart met de opleiding tot restaurator en sindsdien werk ik in het erfgoed. Mijn drive is het in dezelfde staat houden van een kunstwerk of object en dat in de toekomst toonbaar te kunnen houden.
Kelly: Het mooie aan dit werk is het met kleine ingrepen zichtbaar kunnen maken van objecten en kunstwerken die anders in een depot worden weggezet. Het werk weer kunnen presenteren aan publiek geeft veel voldoening.

Waaruit ontstond het idee om deze cursus aan te bieden?
Ingrid
: De cursus werd voorheen al aangeboden door Erfgoed Gelderland. De inhoud van de cursus is aangepast en up-to-date gemaakt naar de huidige maatstaven en actuele kennis. Door onder andere de Rijksdienst Cultureel Erfgoed (RCE) wordt onderzoek gedaan naar conservering en restauratie. De nieuwste feiten, inzichten en ontwikkelingen gaan wij delen met de cursisten. Door theorie gelijk toe te passen in de praktijk onthoud je de kennis sneller en beter.

Krijgen jullie veel te maken met conserveringsfouten die voorkomen hadden kunnen worden?
Kelly
: Men leest bijvoorbeeld dat je met azijn beton kunt verwijderen van de achterzijde van tegels. Dat helpt inderdaad om het beton te verwijderen, maar is absoluut niet goed voor de tegel. Een jaar later is het object wit uitgeslagen door de zoutkristallen. Om zulke fouten te voorkomen zijn er mensen die gespecialiseerd zijn in het behoud van specifieke materialen en daarover goede tips en adviezen kunnen geven.
Ingrid: Metaal kan je poetsen. Daarvoor bestaan commerciële schoonmaakmiddelen, maar die kunnen na vijf jaar vreemde vlekken en corrosie veroorzaken. Dan ben je verder van huis.

Ervaren jullie een gebrek aan scholing of kennis binnen jullie vakgebied?Ingrid: Er is een vierjarige opleiding conservering en restauratie aan de Universiteit van Amsterdam. Kortere cursussen zijn er weinig, zeker in Gelderland.
Kelly: Er zijn bijvoorbeeld zeer gepassioneerde vrijwilligers die zich graag willen inzetten voor een museum. Zij krijgen geleidelijk de taak voor een collectie te zorgen, wat een hele verantwoordelijkheid is. Het is niet realistisch dat zij een vierjarige opleiding gaan volgen. Veel nuttiger voor collectiebeheerders is een cursus om in ieder geval de basis en actuele kennis onder de knie te krijgen.
Ingrid: Ik denk dat juist vrijwilligers en particuliere verzamelaars zich door zo’n korte cursus realiseren wat zij zelf kunnen doen en wanneer er een professional of specialist bij gehaald moet worden. Met deze cursus worden daarvoor handvatten gegeven. Het belangrijkste doel van de cursus is het delen van kennis.

Belangrijk cursusonderdeel zijn omgevingsfactoren. Kunnen jullie voorbeelden geven van risico’s die men zelf misschien over het hoofd ziet?
Ingrid
: Hoge luchtvochtigheid is een veelvoorkomend probleem. Daardoor krijg je roest op ijzer en dat wil je uiteraard voorkomen. Je moet het klimaat in de gaten houden én goed blijven kijken naar je objecten. Maar dan moet je wel weten waarop je moet letten. Dat leer je in deze cursus.
Kelly: Het verschil tussen depots schoonhouden of er iedere week met een natte dweil doorheengaan is een belangrijke afweging: de ruimte moet wel schoon worden, maar niet te vochtig.
Ingrid: En wat doe je als je zilvervisjes vindt? Moet je dan gelijk de bestrijdingsdienst bellen of kun je zelf iets doen? Ook schimmel is een groot probleem, waarbij mensen vaak niet weten of zij het zelf kunnen oplossen of iemand moeten inschakelen.

Kunnen jullie een voorbeeld geven van de praktijkonderdelen?
Ingrid
: We gaan oefenen met objecten verplaatsen. Een kopje aan het oor pakken moet je niet doen: het kan een teer object zijn. Daarom kun je een object beter met twee handen vastpakken, zodat er geen onderdelen afvallen of -breken. We gaan oefenen bewust te worden van handelingen omtrent objecten. Van tevoren bedenken we verschillende scenario’s waarmee we gaan oefenen. Als een cursist een specifiek voorbeeld uit de praktijk heeft, kunnen we daar natuurlijk aandacht aan besteden.

Voor wie is de cursus en wat nemen de verschillende cursisten mee naar hun praktijk?
Kelly
: Iedereen die een collectie beheert kan meedoen. Denk aan particulieren, gemeenten, beheerders van bedrijvencollectie, of een kerkbestuur dat bijvoorbeeld een zilveren avondmaalstel heeft.
Ingrid: Cursisten kunnen hun opgedane kennis delen met hun achterban en collega’s. Het belangrijkste dat cursisten zullen meenemen is het bewustzijn van wat zij zelf kunnen doen en wat een specialist moet doen. En dat ze weten dat ze na de cursus altijd bij ons terecht kunnen voor advies.


Voor Collegestof interview ik cursisten en cursusdocenten over hun ervaringen met de bij- en nascholing aangeboden door CultuurCollege. Daarnaast schrijf ik voornamelijk non-fictie voor o.a. DJBroadcast en Hard//hoofd, studeer ik Creative Writing aan ArtEZ in Arnhem, en ben ik freelance fotograaf.

– Lisanne Onderwater, www.lisannedidi.nl