Dirk Polak

Suicity pt. II — 30


‘Rendez-vous der Deelgenoten’ was af.

Het magnum opus van Geraldine Gris werd gepresenteerd in het Abyssariaat en ging gepaard met een bescheiden feestje. Meest opvallende detail aan het kundig bijna classicistisch uitgeschilderd tafereel was het ontbreken van de zintuigen bij alle eenentwintig figuren. Desondanks was iedereen herkenbaar, karakteristiek afgebeeld. Het betrof zeven dode en zeven nog levende mannelijke leden, van de zeven vrouwen was raar genoeg nog niemand verscheiden. Ducasse hield een pretsigaretje tussen de vingers en stond pontificaal in het midden, links naast hem Beauregard, herkenbaar aan de monocle, rechts de Sfinx met glazen kin. Naast de Abyssionaris Jasz in zijn honingraat kostuum, waarachter Castro zittend op zijn bakfiets half verscholen ging. De getatoeëerde tweeling op de rug gezien daarnaast en dus face to face met Langnese en Felix Flint op de tweede rij. Naast de Sfinx Gordolev met zijn onafscheidelijke schaduwgras, Lupe en Desiderius; op de tweede rij Crackle, Magenta met drie vlechten en halsketting uit adelaarsveren, Déjà vu met zijn eeuwige vliegje keurig tussen het echtpaar Gris in. Op de voorgrond Vogue-face en Nora Lux zittend en geflankeerd door Odessa en Blanchette. Het landschap combineerde diverse elementen uit Droomoord met de grillige verbeelding van de kunstenaar. Ook Geronimo kwam op het doek voor, evenals de Dictator. Het openingswoord was dit keer van Beauregard, een cadavre exquis vervaardigd door Magenta, Plimsoll, Ducasse en de spreker zelf. Zinnen, zo goed mogelijk direct ontsproten aan het onderbewuste, in elk geval buiten de controle van de rede om, vormden een onverwachte samenhang bij het ‘stellen’ van het indrukwekkende schilderij. Supplementaire poëtische taal, zeldzaam geabstraheerd en verwant aan de gedeclameerde oerklank, nam het gezelschap in een houdgreep van vervoering.

Ducasse ontnuchterde al snel door zich af te vragen waarom het percentage zelfdodingen onder mannen veel hoger lag dan bij vrouwen. Naast Seppuka en de mislukte poging van Lupe waren er weinig wapenfeiten. Hij kon niet bevroeden dat de statistiek spoedig gelogenstraft zou worden. Allereerst liet Nora Lux zich zonder aankondiging invriezen, vervolgens maakten drie mecaniciennes er volgens streng schema een eind aan en reed het echtpaar Vega zich te pletter met de zijspan motor tegen de poort die toegang verschafte tot Droomoord. En dat alles voltrok zich binnen enkele uren! Nora had alles goed voorbereid, Felix in het ongewisse gelaten en de hulp van haar zuster Meta ingeroepen om de noodzakelijke handelingen buiten de dewar voor haar rekening te nemen. Zij was in blakende conditie maar er dreigde een teleurstelling betreffende eenzijdige liefdesperikelen, waardoor zij besloot haar invriezen in versneld tempo te realiseren.

Een ijselijke kalmte nam bezit van haar toen zij de cilinder betrad, haar kapsel fatsoeneerde en de ogen half sloot, in afwachting van de naderende tijdelijke dood. Zij liet haar appartement keurig opgeruimd achter en een fenomenale maquette na; de werktekeningen chronologisch op de muren gepind. Architectonische ontwerpen voor de toekomst van een uitgebreid Droomoord, waar zij hopelijk opnieuw deel van uit zou maken. Een verzegelde brief gericht aan Vogue face lag op de salontafel, waarin zij zakelijk haar onbeantwoorde liefde toelicht.

Haar vredige gezichtsuitdrukking was nog net zichtbaar door de gecondenseerde opkomende mist die de cilinder versluierde, waardoor Meta het afscheid schijnbaar onbewogen onderging en het paviljoen haastig verliet. Zij spoedde zich naar het nog enige braak liggende terrein van Droomoord, het noordoostelijk deel tussen Japanse tuin, begraafplaats en de energiebronnen. In een provisorische hut wachtten twee mede-mecaniciennes ongeduldig haar komst af. Wat zich liet aan zien als een Hawaïaanse folklore, ontbloot bovenlijf omgord met een krans van kleurige snijbloemen, was niet meer dan de opstap tot de gemeenschappelijke zelfmoord van Dinah Hayes, Oki Doré en dus Meta Lux.

Dit drietal had besloten, op grond van een combinatie depressionisme en de matrianarchie van Blanchette Noir, een ultieme daad te stellen door de dood laconiek tegemoet te treden. Zinloos, om te sterven, maar niet minder zinloos dan te leven. Pure onbevangenheid zou wel eens de ideale sleutel kunnen zijn tot de Hades, of de eeuwige jachtvelden zo men wil. In elk geval wierpen de eigentijdse amazones zich vol overgave op de nauwkeurige naleving van het uitgestippelde scenario. Toen Meta verscheen glipte zij onmiddellijk uit haar overall en tooide zich met de bloemenslingers, die verbonden waren met haar ‘sisters of act’. Tussen de bloemenpracht zaten kleine staven dynamiet, die volgens een gelijk ingestelde tijdklok tot ontsteking gebracht zouden worden. Zoals de feestverlichting zich om de kerstboom drapeert, werd het explosieve goedje geleidelijk verdeeld over het geconcentreerde trio, dat bijna ambachtelijk te werk ging. De manhaftige vrouwen keken elkaar uiteindelijk strak aan, zonder het verraad van een enkele emotie en drukten tegelijk af, als betrof het een camera met zelfontspanner. De hut spatte uit elkaar en kwam in een regen van splinters weer op aarde; van de mecaniciennes bleef hoegenaamd niets over, behalve dan wat onverteerbare, mechanische, technisch hoogstaande elementen van de half bionische Meta. De klap donderde als een onweer in de wijde omtrek en deed heel Droomoord schudden.

Vogue-face rukte zelf uit, met Odessa en Holdsock, om poolshoogte te gaan nemen. Slagregens doofden nog smeulende resten voorgoed, waardoor de rust betrekkelijk snel weerkeerde. Nauwelijks terug bij de villa volgde opnieuw een knal, nu uit zuidelijke richting en wel bij de toegangspoort tot het landgoed. Pirmin en Francine Vega hadden hun motor met zijspan op volle snelheid tegen de bakstenen muur gedreven en waren op slag dood. De realisatie van dit plan was versneld door de voor Pippo Langnese fatale dis, waar zij zo een groot aandeel in hadden gehad.

Toen Ducasse, in gezelschap van Beauregard, een kijkje ging nemen, waren wat mecaniciennes bezig het puin te ruimen en borg de Sfinx de lichamen, die voor nadere observatie en taxidermie naar Paviljoen 3 werden vervoerd. Daar wachtte de onmiddellijk doorgereisde Walter Holdsock, geassisteerd door zijn verre achterneef Hero Alt, af in volle wapenrusting en toog direct aan het werk, terwijl de Depressionistenleider en zijn vice-voorzitter afsloegen naar de Sybariet voor een stevig ontbijt. Tijdens het nuttigen van een omelet Sjanghai en donkergebrande mokka stelden zij vast dat de nachtelijke rust die gewoonlijk over Droomoord hing behoorlijk werd gehinderd, wat op zich prima paste binnen de visie van het genootschap, maar toch onverwacht akelig, nachtmerrieachtig effect sorteerde. Afwezigheid van de controle van alledag zorgde voor verwarring en consternatie, dus werd besloten dat het invoeren van ‘windstille’uren een vanzelfsprekende noodzakelijkheid werd. Enkele uren voor en na zonsopgang gold een verbod op zelfmoord, om het maar zonder verdere omhaal te stellen, wat onverwacht snel werd bestreden door Blanchette Noir. Op de vergadering waar de regel werd gelanceerd, uiteraard in het Abyssariaat, trok de inmiddels beruchte piratendochter ongemeen fel van leer tegen wat zij een reactionaire Depressionistonwaardige beslissing noemde. Ducasse voelde zich in het nauw gedreven, vond in principe dat de vrouw gelijk had, maar achtte het toch nodig haar subtiel de nuances uit te leggen die maakten dat hij geen tegenspraak duldde. Windstilte stond voor time-out, drinkpauze, staakt-het-vuren, het moment dat de verhouding arbeid/rust moest waarborgen, zodat de weloverwogenheid een dienst werd bewezen om tot de werkelijke doodsrite over te gaan. Onbezonnen zelfmoord hoorde thuis buiten Droomoord; daarbinnen was het een eis het eigen einde zelfbewust te kiezen en ondergaan, nog net niet volgens contract.

Blanchette verbeet zich en verliet woedend de vergadering. Zij trok zich terug in de schermzaal van de villa en werkte een motie van wantrouwen uit die ze te elfder ure zou bezorgen bij het Abyssariaat.

Zij mobiliseerde wat getrouwen in het teepeepark en was vast van zin tegengas te bieden aan wat conditioneerde of zweemde naar conservatisme; zelfs, nee vooral, als het bij het hoogste orgaan vandaan kwam.

Het was de eerste openlijke kritiek op Ducasse die geboekstaafd kon worden. Het gevolg was dat hij zich zelf vervoegde bij het kamp der mecaniciennes om tekst en uitleg te geven bij de nieuwe, beperkende regel. Hij werd vergezeld door Magenta, in de rol van secretaresse, en door Vogue-face, die Beauregard verving, wat hem de enige man in de rumoerige moeder teepee deed zijn. Hij ontvlamde met égards een pretsigaretje als ook de sigaar van Vogue-face voor hij met een zwoele bariton in strakke bewoordingen uiteenzette waarom sommige maatregelen genomen dienden te worden. Hij voegde er aan toe dat deze ook zo maar weer konden worden ingetrokken, dat hing af van de situatie.

Geronimo streek neer op zijn schouder toen hij uit de doeken deed dat het Depressionisme een centraal geleide matriarchale maatschappij voorstond, mits daar ruimte bleef voor de patriarch als filosoof, als dichter, als uitvinder. “Het oestrogeen aan de macht, testosteron in dienende functie, het zou me wat zijn”, baste Ducasse er vrolijk op los. “Al het haantjesgedrag herleid tot de kip en het ei. Tot een nieuwe bewustwording, waar competitiegeest, misplaatste trots, valse ijdelheid en corrumperende macht voorgoed zijn verbannen naar het rijk der fabelen, voorafgegaan door de oorlogszuchtige schermutselingen van het belegen manvolk”. De bloemrijke uiteenzetting van Ducasse en zijn zalvend stemgeluid maakten een verpletterende indruk op de doorgaans nuchtere mecaniciennes, die bijna apathisch zijn pleidooi ondergingen. Enkel Blanchette liet zich niet overtuigen. Zij vond het echter wijzer haar verweer in te slikken en sloop ongemerkt de tent uit, een ongebruikelijke actie voor de doorgewinterde activiste, maar een stuk begrijpelijker toen bleek dat zij een belangrijk onderhoud had bij de eendenvijver met Imogen Muir, dat verstrekkende gevolgen zou hebben.


Uit: Suicity, een surrealistisch feuilleton in drie delen; elk deel bestaat uit 18 hoofdstukken. Van deel 1 maakten we een bibliofielcollector’s item, er zijn slechts 50 exemplaren gedrukt, in een luxe gebonden uitgave. Suicity pt. IIbegint met hoofdstuk 19 en zal eindigen met hoofdstuk 36.

Wilt u een exemplaar van Suicity pt. 1 bestellen, mail dan naar marianne.prins@dutch-media.nl.


Dirk Maurits Polak (1953) is een fenomeen in de culturele scene van Amsterdam: vriend van Ramses Shaffy, Rob Scholte, Peter Schat en met name van Theo van Gogh. Hij is een rasmuzikant (oprichter en bandleider van de cultgroep Mecano) én een rasverteller. Polak groeide op tijdens de Europese wederopbouw in het levendige Amsterdam van de zestiger en zeventiger jaren. Hij was frontman van de spraakmakende in het alternatieve circuit opererende groep Mecano, vernoemd naar het in 1901 gepatenteerde speelgoed Meccano, waarvan één c werd geofferd omwille van eventuele strafvervolging. Polak is vader van twee kinderen, een zoon en een dochter, en is behept met zowel de signatuur van rebels beminnelijke authenticiteit, als met de sporen van een gelaagd leven zonder al te veel concessies.