68 Not amused (1993)

Het personeelsuitje

Een van mijn klanten was een klein uitzendbureau in Amsterdam dat een uitstekend jaar achter de rug had. De directeur wilde dat met zijn medewerkers vieren met een diner op een bijzondere locatie. Hij vroeg mij of ik een goed restaurant kon aanbevelen. Mijn kennis van het culinaire tableau in Amsterdam was niet meer actueel, maar ik kon van harte het Amstel Hotel aanbevelen. Een voortreffelijke keuken op een bijzondere locatie. 
Ik had goede herinneringen aan het hotel, waar in mijn Amsterdamse periode met enige regelmaat De Ontbijtclub bijeen kwam. Een groep interessante mensen die ‘s morgen vroeg ongestoord wilde netwerken. Veel namen herinner ik me niet, maar Maurice de Hond had ik daar leren kennen als een studiegenoot.
De directeur had blijkbaar geen trek om het ‘gemene volk’ aan zijn tafel te noden en vroeg of ik — vergezeld van mijn echtgenote — ook van de partij wilde zijn. En waarom zou je een goede relatie zoiets weigeren?

Het diner

Het restaurant zag er sfeervol uit, met mooi gedekte tafels, voorzien van uitbundige boeketten.
Onze gastheer had het menu geregeld, waardoor de keuken tijdig haar voorbereidingen had kunnen treffen. Hij had zelfs geïnformeerd naar eventuele vegetarische of dieet wensen, opdat niets het gezellig samenzijn zou kunnen verstoren.
Zoals gepland, zaten mijn vrouw en ik aan de ‘directietafel’ waardoor we in staat waren de huiswijn te vermijden en iets van de wijnkaart uit te kiezen. Als voorondersteld wijnkenner mocht ik advies uitbrengen en koos de op twee na duurste fles van de kaart. Daar kon ik me geen buil aan vallen.
Wat niet gepland was in het menu was de amuse, de kleine ‘appetizer’ van de Chef-kok om de papillen te strelen en het wachten op het voorgerecht te veraangenamen.

“Wat is dit?”, vroeg onze gastheer en keek naar het hapje of er een handgranaat geserveerd werd. 
“Dat heb ik niet besteld”, riep hij iets te hard.

En hij schoof de amuse demonstratief van zich af. Uit het niets dook er naast onze tafel een ober op en nam de amuse mee, zonder iets te zeggen. Ik vermoedde dat de ober ‘not amused’ was.
Onze gastheer keek de ober verbluft na, geïmponeerd door de snelle, geruisloze actie. Hij keek me vragend aan en ik begreep dat ik iets moest zeggen:

“In dit soort exclusieve restaurants staat er vaak een ober in een hoekje om direct aan de wensen van een gast te kunnen voldoen. Als je een sigaret te voorschijn haalt, staan ze al naast je met een aansteker. Of je glas wordt ongevraagd bijgevuld. Dat is best irritant zo’n starende blik die constant op je tafel is gericht.
In het Amstel Hotel hebben ze meer discretie en monitoren ze de wensen van hun gasten door middel van een microfoontje in het boeket bloemen op de tafel.”

Ik had al een paar glazen wijn op en dat maakte me wat balorig. Bovendien vond ik de reactie van onze gastheer op de amuse erg gênant. Maar wat me bezielde om deze vreemde opmerking te maken is me nog steeds een raadsel.
Wat ook raadselachtig was dat mijn uitspraak serieus werd genomen. De rest van het diner was onze gasheer erg stil en áls hij wat zei, ging zijn blik steels naar het boeket bloemen op tafel. Het diner was voortreffelijk, evenals de wijn. Er viel ook geen onvertogen woord meer.

© Frank van Exter

A single golf clap? Or a long standing ovation?

By clapping more or less, you can signal to us which stories really stand out.