Illustratie: Tsjisse Talsma

Barbapapa-ontwerpers

In de serie ‘Changing Jobs’ voor Fontanel — deel 1 van 4

Geschreven voor Fontanel in de serie Changing Jobs. Eindredactie: Rens Peters.

Uit de categorie dooddoeners komt de vraag: “Wat doe jij nu eigenlijk precies?” Nou is dat eerste deel van die vraag — ‘wat doe jij nu eigenlijk’ — over het algemeen vrij makkelijk te beantwoorden. Vaak kan ik prima opsommen waar ik op dat moment mee bezig ben. Het probleem is voornamelijk dat het nogal niet precies is. En dat het dan een vrij lang verhaal wordt; vaak een opsomming van de nogal uiteenlopende lopende projecten, aangevuld met welke rol ik dan in een dergelijk project vervul. Soms ontwerper, soms art director, soms regisseur, soms design director, soms creatief strateeg, soms strategisch creatief, soms creatief strateeg, soms copywriter, soms consultant. Ik pas me aan de omgeving aan, dat wat de omgeving van me verlangt of nodig heeft is prima. En voor je het weet ben je Barbapapa. Maar dat maakt dergelijke gesprekken niet gemakkelijker. De verwachting is vaak iets van een titel die te vatten is in een of twee woorden. In het begin is dat ongemakkelijk, langzaamaan went het en leer je vanzelf dat het eerder een zegen dan een vloek is. Als je iets bent, kun je het niet meer worden.

De verwachting is vaak iets van een titel die te vatten is in een of twee woorden.

Ik vind de titel creatief eigenlijk wel prima. Dat houdt veel open en je kunt het overal voor zetten; dat is de flexibiliteit van een bijvoeglijk naamwoord in plaats van een zelfstandig naamwoord. Als het op zichzelf staat, voegt het moeilijk bij. Dan kun je dingen wel naast elkaar zetten, maar heb je nooit mooie vloeiende overgangen. Misschien ben je wel bekend met het idee van ‘T-shaped’ mensen, een begrip bedacht door Tim Brown van designbureau IDEO. De zogenaamde ‘I-shaped’ mensen zijn mensen die een smalle maar diepe expertise en kunde hebben, zoals een ‘I’. De T-variant daarentegen heeft én die diepe expertise en kunde, maar heeft ook verbindende ‘armen’ aan de I, zodat een T vormt en waarmee deze mensen verbinden en zorgen voor aansluiting en overlap: diepe expertise en kunde, bredere interesse. Dus geen ‘engineer’, maar maar een engineer die zich makkelijk bij anderen voegt. Dus niet alleen een zelfstandig engineer, ook bijvoeglijk engineer.

Illustratie: Tsjisse Talsma

Creativiteit is wél wat het allemaal gemeenschappelijk heeft. Alles in projecten waar ik bij betrokken ben, komt voort uit een creatief proces, vanuit nieuwsgierigheid en verkenning, waarin het bestaande wordt bevraagd of betwijfeld en er behoefte is aan anders, nieuw, fris. Of — komt ie — innovatie, out-of-the-box denken, vrije geesten en meer van dat. De realiteit is vaak dat de vrager zijn box sterk heeft versmald en verkleind en behoefte heeft aan meer, diverser, anders. Meestal niet bewust hoor, meestal omdat vraagstellers het zelf niet kunnen omdat ze het nog nooit hebben gedaan, er niet voor zijn opgeleid, er niet goed in zijn, er geen zin in hebben, het niet in de functiebeschrijving staat, het niet geen core competence is van een organisatie, de expertise elders ligt etc.

Welke kennis, ervaring en/of talenten zijn essentieel om als creatief anno 2017 succesvol te zijn?

Tel daarbij op het vermogen om te kunnen verbaliseren: kunnen vatten, in welke taal dan ook, wat precies de bedoeling is. Of het nou een logo, een plaatje, muziek, een ruimte, een service, of wat dan ook is. En dat invoelend vanuit een ander te kunnen doen. Zodat degene voor wie het is, het van waarde acht, omdat het aanspreekt, het leuk of mooi is, er een probleem wordt opgelost. Iedereen vervult zo een rol. Samen maak je, als iedereen zijn beste best doet, werkend werk. Maar welke kennis, ervaring en/of talenten zijn dan essentieel om als creatief anno 2017 succesvol te zijn?

Illustratie: Tsjisse Talsma

Barbapapa-shaped people

Nadat ik ruim vier jaar hoofd was van de opleiding Interactive/Media/Design aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunst in Den Haag, kwamen we als team tot een soort van model. Dat viel uiteen in vier overlappende cirkels: ik (persoonlijk leiderschap), wereld (aanleiding, markt, context), skills(vaardigheden) en head (uitdagingen). Waarbij we in alles uitgingen van niet alleen denken vanuit rollen tijdens lestijd, maar de volledige wakkere 16 uur. Die andere 8 als je slaapt, ben je meestal druk met hopelijk dromen. En tijdens die 16 uur met ze te realiseren. Dus telde alles mee in wie iemand was en deed, niet alleen die handige Photoshop-kennis, of alleen die geniale ideeën, maar ook alles buiten de context van de academie.

Als je de wereld niet kent, er niet naar luistert, vindt dat wat je maakt lastig een plek.

Dat allemaal opgeteld maakt jou jij. Wat je doet, de vrienden die je hebt, waar je bent opgegroeid, de tentoonstellingen die je bezoekt, de muziek die je luistert. Als je jezelf niet kent, maak je nooit uniek werk. Als je de wereld niet kent, er niet naar luistert, vindt dat wat je maakt lastig een plek. Als je geen skills hebt, hoe maakt je jezelf dan verstaanbaar, hoe maak je dan je werk concreet in plaats van alleen een idee? En als je je hoofd niet genoeg uitdaagt, hoe vernieuw je dan? Daarom probeerden we studenten vooral zichzelf te laten vinden, uit te rusten met zoveel mogelijk skills zodat ze uit dat arsenaal konden gebruiken wat het beste bij ze paste, om met voldoende uitdaging iets te maken voor anderen. Maar wel zo dat ze én breed geïnformeerd waren én ook een rijk arsenaal aan competenties en kennis hadden.

Illustratie: Tsjisse Talsma

Dus geen ‘T-shape’, maar ‘Barbapapa-shape’: mensen die zowel diepgaande kennis en vaardigheden hebben in een breed scala aan terreinen en het vermogen hebben om met wie dan ook samen te werken en hun kennis makkelijk kunnen toepassen in andere domeinen. ‘Barbapapa-shaped’ mensen zijn mensen die zich snel kunnen aanpassen of kunnen anticiperen op veranderende contexten. En ze weten, wanneer ze samenwerken met anderen, welke rol ze vervullen in de mix van mensen, terwijl ze anderen in hun rol kunnen helpen en ondersteunen. Ze zien in de complexiteit de patronen en in de veelheid en verscheidenheid voeden ze hun nieuwsgierigheid.

Gewoon beginnen met doen en niet te veel nadenken over wat je nog niet kunt.

Werken is leren en leren is werken, alles om hen heen is input. En wanneer als je niet belemmerd wordt door software, gereedschap, gebrek aan kennis, heb je de ruimte om alles te maken wat je wilt. Niet makkelijk, want dit vergt verdomd hard werken, onuitputtelijke energie en nieuwsgierigheid. Maar als je daar komt, sta je in het oog van de orkaan, word je niet meegesleurd, maar is het windstil en spint de wereld om je heen. Haalbaar? Misschien. Gewoon beginnen met doen en niet te veel nadenken over wat je nog niet kunt. Dat komt vaak vanzelf goed als je aan het doen bent. Dan zijn er vaak mensen die wat jij wilt gaan doen al eens hebben gedaan en graag met je delen hoe je iets doet. Vind je de informatie die je nodig hebt onderweg wel tijdens het maken. Al die doe-momenten en wat je er door hebt geleerd tellen uiteindelijk op tot een grote dikke makkelijk aanpassende Barbapapa-vormige-spekkoek.