Hoe Jaap Purmer ruimte maakt door mensen individueel in hun kracht te zetten

Happyplaces Stories (video)

Uitzicht maakt inzicht

Het aspect ruimte heeft voor mij vele betekenissen. Wat ik daarin heel essentieel vind is de ruimte die je jezelf biedt. Ruimte in de zin van dingen doen, dingen creëren, of zorgdragen dat de wereld verandert heeft in mijn ogen direct te maken met het verschijnsel hoeveel ruimte biedt je jezelf om ideeën en gevoelens tot uiting te brengen. Ik realiseer me heel goed, ik ben nu 58 jaar, dat naarmate jezelf ontwikkelt in je leven dat je je de gelegenheid te baat hebt genomen — ikzelf wel — om die ruimte zo goed mogelijk te benutten. Zeker daar waar het kan ook te vergroten. Over ruimte gesproken, ik kom uit een agrarisch milieu. Ik ben opgevoed in een omgeving waar heel veel uitzicht was. Ik vind dat heel belangrijk, uitzicht. Omdat je daar het ruimtelijk perspectief ziet om inzicht te krijgen. Dat wist ik, toen ik als jong jongetje door de polders en de weilanden liep, niet zo te verwoorden als nu. De kracht en de inspiratie die de natuurlijke ruimte je biedt, is groter dan we soms wel eens vermoeden. Omdat daar ook de inspiratie in zit om te relativeren in alles wat er gezegd en gedaan wordt.

Verstand en gevoel

Terug naar mijn ontwikkeling als het gaat om het kiezen tussen verstand en gevoel. Ik ben ook opgeleid, heb mijn studies gedaan, bedrijfskunde, bedrijfspsychologie. Dat is allemaal prima om te doen, maar de beste opleiding die ik in mijn ogen heb gehad is de praktijk. Door samen te werken, door leiding te geven, door leiding te krijgen, door leiding te ontvangen, leer je jezelf enorm goed kennen. Ik vind zelfkennis, zonder altruïstisch te worden of egocentrisch te worden, ik vind zelfkennis van groot belang om in het leven te staan. Ik moedig alle mensen aan in mijn werk als noem het maar veranderkundige, om dicht te blijven bij de kracht die iedereen heeft. Want ik geloof er heilig in, dat als je gevoel en verstand in balans is en dat je die ook van jezelf kent, dat je dan ten volste je eigen capaciteiten op een goede manier kunt gebruiken.

Invloed aanwenden daar waar je invloed op hebt

Ruimte is er ook niet voor niets in de wereld. De wereld om je heen, en de kwaliteit van leven, vind ik een belangrijk principe. Om ruimte te benutten om een bijdrage te leveren aan maatschappelijke ontwikkelingen, aan organisatorische ontwikkelingen, aan collega’s om je heen. Aan wereldproblematiek als armoede, verdeling van water, voedsel, verdeling van gerechtigheid, verdeling van vrede. Dat soort elementen vind ik belangrijk, omdat je dat alleen maar kunt als je in balans bent met jezelf. Omdat je vanuit die vrede die je in je eigen hart hebt aan de vrede in de wereld kunt werken. Uiteindelijk gaat het om dat soort zaken. Doe ik er toe? Kan ik er toe doen in de directe wereld om me heen? En in het perspectief van de mondiale wereld in het groot. Met name heb ik in die 58 jaar geleerd dat je daar invloed op moet aanwenden waar je direct invloed op hebt. Dat wil niet zeggen dat je naïef moet zijn, onwillekeurig of onverschillig als het gaat om de zaken die je niet kunt beïnvloeden, maar als je je focust op die tien zaken waarvan je weet: ‘Die kan ik beïnvloeden’, dan denk ik dat je al een hele goede deal maakt met de omgeving als zodanig.

Ontmanagen

Leiderschap en leiding aanvaarden vind ik belangrijk. Om sturing te geven aan niet alleen jezelf binnen de ruimte, maar ook aan het totaal in de tribe, in de community waarin je leeft, om daar richting aan te geven. Nou is leiderschap een enorm raar fenomeen. Er wordt enorm veel over leiderschap geschreven en gesproken, maar ik wil het liever hebben over de kracht van individuele mensen zelf. Ik geloof niet in management. Ik geloof dat management een keer stopt. Ik geloof ook dat we misschien wel veel teveel managers hebben en te weinig echte leidinggevenden. Belangrijk is wel dat er iemand aan kop loopt of sturing geeft aan de richting. Maar niet meer dan dat.

Ik denk dat we veel meer waarde moeten toekennen aan de onderste laag in organisaties. Aan medewerkers die waterdragers zijn, die verantwoordelijkheid kunnen nemen. In dat kader zijn er wel een aantal aspecten die ik dan zie om die ruimte zo goed mogelijk te benutten. We moeten weg van ‘control’. We moeten weg van teveel macht. We moeten weg van dat we machthebbers hebben die het voor het zeggen hebben. We moeten veel meer het gezag neerleggen bij medewerkers zelf. Geen medewerkers vertrouwen, vrijheid, verantwoordelijkheid. Wees in verbinding met je medewerkers. En kijk welke ontwikkelingen er dan gaande zijn. Dat is in mijn ogen een nieuwe wereld die ik propagandeer.

In verbinding voor elkaar

In de nieuwe wereld van de kwaliteit van met elkaar omgaan. We moeten niet de gedachte hebben dat we over mensen moeten regeren, maar we moeten mensen veel meer in hun eigen kracht zetten zodat ze dat gaan delen met elkaar. Mensen moeten die krachten niet voor zichzelf benutten, maar in de ruimte om zich heen zorgdragen dat je met elkaar samenwerkt. Dat je met elkaar in verbinding staat om een bepaald doel te bereiken. Dat doel kan zijn een betere organisatie. Dat doel kan zijn toponderwijs. Dat doel kan zijn dat mijn buurt optimaal functioneert, dat iedereen tot zijn recht komt. Dat doel kan ook zijn dat je werkt aan de wereldvrede. Dat doel kan ook zijn dat je zorgdraagt dat duurzaamheid echt geïntegreerd wordt.

Bundelen

Dat politiek niet meer een spel wordt, maar politiek echt ingezet wordt voor maatschappelijke ontwikkelingen, sociale ontwikkelingen. Dat vind ik met name belangrijk in de ruimte die ons in de toekomst nog geboden wordt, omdat sociale en maatschappelijke ontwikkelingen misschien wel belangrijker worden dan economische ontwikkelingen. Het kapitalisme is, in mijn ogen, dood. Of dood aan het gaan. Er ontstaan nieuwe vormen van wezenlijke filosofieën die meer op de voorgrond komen. Dus alleen maar meer vergaren in materie, meer vergaren in geld, steeds maar meer winst te boeken, daar wordt de aarde en de wereld waarin we leven niet ruimer van. Ik ben er dus ook van overtuigd dat er meer Boeddhistische stromingen, ook dat is een stroming, maar nieuwe stromingen zullen komen om ons verder te helpen. Daar moeten we met elkaar oom de ruimte voor nemen om dat ook te bewerkstelligen. Want dat gebeurt niet vanzelf. Ik hoop echt dat de komende 30 jaar dat de verandering van het beëindigen van het kapitalisme en het meer inzetten van communities, qua kwaliteit en mensen met elkaar bundelen, dat daardoor de wereld er veel beter uit gaat zien. De hele grote wereld, maar ook de kleine wereld waarin ik zelf en jij in leeft. In je gezin. In je familie. In je vriendenkring. In het bedrijf waarin je werkt. In de samenwerking. Dat er verschillende tribes ontstaan, communities ontstaan waarin je je kracht en je eigenheid op een goede manier kunt benutten.

Bevragen

Daarvoor is het leven, daar begonnen we ook mee, heel belangrijk. Het leven waarin we elke dag weer opstaan en naar bed gaan ’s avonds laat. Als je je dat beseft, kun je dus ook elke minuut weer de ruimte benutten die er is. Dat doe je vanuit de intrinsieke kracht. Dat je pro-actief bent. Dat je mensen in hun waarde laat. Dat je mensen stimuleert. Dat je mensen bevraagt. Mensen niet veroordeelt. En ook jezelf niet veroordeelt. Er zijn allemaal prachtige combinaties: als je iemand veroordeelt ben je gestopt met het steeds maar bevragen. En ik denk dat we elkaar veel meer moeten bevragen dan veroordelen. Dat is een hele negatieve vorm om de ruimte te beperken. Ik denk dat als je die vorm weet te vinden, dat je dan de kwaliteit van het leven positiever kunt beïnvloeden. Als je kijkt naar de tijd dat wereld bestaat en de tijd dat de mensheid bestaat, dan zijn wij allemaal grassprietjes. In het begin zei ik: ‘Wat doen we er toe? En doen we er in principe wel toe?’ Ik denk het zeker, maar in de tijd gezien zitten we in een kleine fase van het wereldbestaan. Daarin hebben we een bepaalde invloed. De steen die we in de vijver gooien, is maar een klein steentje in een grote vijver. Je leeft en uiteindelijk sterven we. Op het moment dat je de ruimte hebt genomen om te leven, dan sterf je ook op een hele fijne manier. Dan hoef je ook helemaal niet meer bang te zijn dat je sterft. Ik vind dat zo’n mooie gedachte. Dat wanneer je voor jezelf kunt verantwoorden dat je geleefd hebt, niet alleen maar in Bourgondisch opzicht, maar ook in materieel opzicht, filosofisch opzicht, dan is het ook op het moment dat de tijd daar is een zegen als je kunt sterven.