Hoe Willem Velthoven ruimte maakt door samen te struikelen

Happyplaces stories (video)

Bepalende ruimte

We zitten nu bij Mediamatic. Dit is de elfde ruimte van Mediamatic waar we zitten, 25 jaar verhuisd. Steeds op zoek geweest naar plekken die we ons konden veroorloven en die op dat moment ook een geschikte ruimte waren voor wat we wilden doen. Alhoewel het ook wel eens omgekeerd is. Soms hebben we ook wel eens ruimte gevonden en die begon dan meteen ook te beïnvloeden wat we deden bij Mediamatic. Ik denk dat dat een heel belangrijk aspect is aan de ruimte die je gebruikt als organisatie. Bijvoorbeeld, we zitten hier nu in het restaurant. Het was niet echt een beleidsdoel om een restaurant te maken, maar toen we deze plek vonden, toen was dit hier een stoep, een ongebruikte stoep voor een kantoortje vol met technici. En als je hier op die stoep stond, dan wist je dat je op de stoep wilde zijn en helemaal niet in het gebouw. En de enige manier om dat voor elkaar te krijgen, was die stoep ontwikkelen tot een plek waar je elkaar kunt ontmoeten en waar je graag verblijft. En om dat te financieren moet je dan wel horeca worden. Dus toen was het logisch dat we dat dan maar gingen doen.

Het paste ook wel bij de dingen die we op dat moment aan het ontdekken waren over onszelf. Namelijk dat we na 25 jaar intense betrokkenheid bij de mogelijkheden van elektronische beeldmedia, elektronische communicatiemedia, daar langzaamaan wat op uitgekeken begonnen te raken. Niet dat we daar tegen zijn of dat we dat niet willen gebruiken, maar wel dat we de culturele mogelijkheden van die elektronische media een beetje in beeld kregen en ook de beperkingen steeds pijnlijker begonnen te voelen. Dus we zijn de afgelopen tien jaar steeds verder op zoek gegaan naar plekken die ook een fysieke verblijfsruimte ook werkelijk een sterke kwaliteit hadden op dat gebied; niet zozeer kantoor, maar in de stad, waar je heen kunt gaan. En dat je dan ook weet dat je op een plek bent. Zover dat die plek wel een aantal kerndingen wel moet ondersteunen die we nog steeds graag willen doen, maar dat die ook zichzelf mag zijn. En dat die dus ook ons eigen programma kan beïnvloeden. We zijn bijvoorbeeld op onze vorige locatie wat een oude lekkende fabriekshal was, heel veel ruimte maar niet te verwarmen, geen verblijfsvergunning, geen huur, ook programma’s gaan draaien die daar over gingen. We zijn heel uitgebreid bezig geweest met een project dat heette Freezing Favela, waar dat de basisuitgangspunten van waren. We hebben geen vergunning, we hebben geen verwarming, het wordt winter: wie doet er mee? We hebben wel 2.000 vierkante meter, en op sommige plekken lekt het dak niet. Andere wel. Dat was een fantastische aanleiding om niet programma te gaan maken. We hebben ook meer conventionele dingen gedaan, maar het spelen met de ruimte… Het eerste dat we daar deden was schommelen. Een fantastische ruimte van 1.000 vierkante meter, en om die ruimte te leren kennen hebben we er zes schommels in gehangen. En hebben we iedereen uitgenodigd om te komen schommelen. Een hele fijne manier om de ruimte te leren kennen. En van daaruit ga je dan wel andere dingen bedenken die je samen gaat doen. Nu is dat dus het restaurant, de horeca. We zitten nog steeds op de stoep die we vonden toen we kwamen. Maar we hebben er een hoop omheen gemaakt waardoor het een verblijfsplek geworden is.

Struikelen gaat het beste samen

Het is een plek waar mensen samenkomen om dingen te ontdekken. We zijn een kunstencentrum. Dus dat betekent dat we in principe meer bezig zijn met het ontwikkelen, het ondersteunen en het ontdekken van nieuwe kunstvormen. Dat doe je samen. Je moet een plek hebben waar je elkaar kunt ontmoeten. Je kunt ook zeggen dat je een mediaplek maakt. We hebben 15 jaar een papieren tijdschrift uitgegeven toen er nog geen blogs waren en we toch met vrienden wilden communiceren die niet in de buurt waren. maar dat doen we eigenlijk niet meer nu. We gebruiken internet zoals iedereen. maar het samenkomen en samen spelen is superbelangrijk, juist als je nog niet helemaal weet waar het heen gaat. Juist als je risico’s wilt nemen en wilt onderzoeken wat de mogelijkheden van een domein waar je net in struikelt, wat die zijn. Struikelen gaat het beste samen. Dus daar heb je hier een plek voor. Afgelopen weekend hadden we bijvoorbeeld een veertigtal mensen die allemaal bezig zijn met geur. Parfumeurs, geurkunstenaars, chemici, historici die zich bezig houden met geur zijn drie dagen met elkaar aan het werk geweest om voorstellen te ontwikkelen en ervaringen uit te wisselen. Er is geen enkele manier om dat te mediëren. Er is ook door de enorme kracht van de elektronische communicatiemedia een soort vacuüm aan het ontstaan voor alle dingen die niet via internet gaan, zoals elkaar aanraken, dingen ruiken, dingen proeven. na die 25 jaar elektronische media zijn we eigenlijk tot de ontdekking gekomen dat we dat nu willen inhalen. En dat is niet omdat wij dat persoonlijk zo hard nodig hebben, maar omdat we merken dat er meer mensen zo langzamerhand aan toe zijn. En dan wordt plek weer veel belangrijker. We zitten niet in mediaruimte, we zitten met onze lichamen in fysieke ruimte. En we doen dingen aan elkaar. We trekken aan dingen samen. Dus ja, die ruimte is meer dan ooit belangrijk. Het was ook interessant om mee te maken hoe dat anderhalf jaar geleden leidde tot opheffing van onze landelijke cultuursubsidie. De landelijke commissie vond opeens dat we te lokaal waren. Dat hebben we gelukkig weten te voorkomen, maar dat vergde een hoop extra aandacht. We waren denk ik toch vergeten uit te leggen waarom we dat zo belangrijk vonden. We dachten dat ze dat wel zouden snappen, maar dat ging niet vanzelf.

Ruimte onderzoeken

We denken dat het enorm belangrijk is om gezamenlijk ruimte te maken. Als je denkt over de toekomst van je leven, over waar het heen moet met de stad, maar ook bijvoorbeeld hele essentiële dingen als weten wat je eet. Waar komt dat eigenlijk vandaan? Snap je nog wat dat voor ruimte is waarbinnen dat allemaal gebeurt? Of sta je toe dat de hele wereld gemanaged wordt vanuit abstracte logistieke efficiency en economische efficiencymodellen? Dan is het heel fijn om de ruimte te hebben, als een boer 100 kilometer verderop zegt: ‘Ik heb teveel kool, ik raak ze niet kwijt.’ Dat je dan zegt: ‘Nou, stuur maar een vrachtwagen met kolen onze kant uit. We gaan wel aan het werk. We gaan wel onderzoeken wat dat is.’ Eigenlijk heel interessant dat je berg kolen hebt en dat je die niet kwijt kan. Je kan hem niet opslaan, je kan hem niet archiveren voor later. Je moet hem gebruiken en beleven. En de economie kan het niet. Dan moet je wel in staat zijn om 20.000 kilo kool te ontvangen en er met zijn allen aan te gaan trekken. Dat is wat mij betreft nu ruimte. Dat is een heel fysiek ding. Het is heel belangrijk om hout te hakken en te vegen. En daarbinnen kan je dan nog heel veel intellectuele avonturen bereiken en heel veel discussies hebben, heel veel uitzenden en delen, maar die essentie is nu ruimte voor ons.

Allemansplek

De plek is helemaal niet mij, de plek is van ons allemaal hier. Van de bezoekers, van de mensen die hier meedoen. En dat doen ze met verschillende rollen. Het is wel zo dat ik veel invloed heb op de vormgeving van die ruimte. Ik had architecten gevraagd om dat te doen, die kwamen met fantastische maar onbetaalbare voorstellen. Dus toen ben ik uiteindelijk maar met een reparateur van tuinbouwkassen gaan praten en me laten uitleggen hoe dat nou eigenlijk werkt. Die enorm efficiënte, enorm betaalbare tuinbouwarchitectuur. En toen heb ik samen met hem gepuzzeld tot we een goede ruimte rondom dit gebouw hadden. En dat is wel een ruimte waar ik mezelf heel goed voel. Ik ben hier graag, ook voor de camera hier binnenkomt, voor de anderen hier binnenkomen, zit ik hier heel graag een kopje thee te drinken en het begin van de dag te ervaren. Ik heb ook boven een studio waar een bed staat waardoor ik ’s nachts ook kan blijven als ik wil. Doe ik veel.

Samen

Omdat het me enorm gelukkig maakt als mensen bij elkaar komen op een plek en samen geïnspireerd raken. Als je ziet hoe ze met elkaar mooie dingen maken. Ik vind het een geweldig voorrecht om dat te mogen faciliteren. Ik vind het ook heel fijn om zelf dingen te maken. Maar ik heb ontdekt dat het maken van zo’n plek waar anderen dan ook dat kunnen en samen gaan doen, dat ik dat het mooiste vind. En daarbinnen mag ik dan ook gewoon zelf. Ik kan in de keuken gewoon iets gaan koken. En ik kan ook in de fotostudio boven meteen portretten gaan maken. En ik kan ook direct in het biolab dingen kweken. Dat doe ik ook. Maar de essentie is toch wel dat er veel meer mensen kunnen komen en dat die samen allerlei dingen ontdekken die ik niet ontdek, pas als zij het gaan doen.

Dat er dingen kunnen

Ik denk dat ik dat al als tiener deed. Gewoon met mijn vriendjes dingen organiseren waardoor mensen bij elkaar kwamen. Ik had een bloedhekel aan kerstmis. Omdat het een… Ja, ik weet niet. Een kerstboom. En dat bij elkaar opgesloten zitten in een gezin, waar ik me overigens helemaal niet slecht voelde, maar dat kerstmis daar heb ik weinig goede herinneringen aan. Wat ik wel ging doen dan was met vrienden in een kleuterschoolgebouwtje in het dorp waar ik woonde een open kerst plek maken voor mensen die alleen waren. Dus blijkbaar is dat een soort oude impuls, waarbij ik terugkijkend denk: ‘Oja, verrek, dat is eigenlijk hetzelfde.’ Dat is dus altijd een plek maken. Er zijn ook wel eens tijden geweest dat we niet een plek hadden en ons tijdschrift gingen uitgeven. Allemaal fantastisch. Maar, de mooiste momenten zijn toch als er een ruimte is en als er mensen binnen komen en voelen dat zij misschien ook iets moeten doen. En dat ze voelen dat er dingen kunnen hier. Ja. Dat.

Like what you read? Give Marcel Kampman a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.