Bart Slabbekoorn: ‘Ik vind radio maken echt leuk: dingen vertellen, de connectie en de muziekjes luisteren.’

Image for post
Image for post
Bart voor het stadion van PEC Zwolle.

Om alvast te oefenen met portretinterviews hebben de redactieleden ook elkaar geïnterviewd.

Door Quinten Kaisam

Cornelius Bart Jan Slabbekoorn, oftewel Bart, is 20 jarig en tweedejaars journalistiekstudent op de CHE. Hij is geboren in Ede, maar woont al heel zijn leven in Veenendaal. Hij woont thuis met zijn ouders, twee broertjes en zusje, maar hij heeft zeker plannen voor de toekomst. Ik interview hem naar aanleiding van een interview-opdracht voor onze studie journalistiek: maak een zo’n compleet mogelijk portret van een studiegenoot.

Het interview vindt plaats in de Vrije Evangelische Kerk in Bennekom, in een enorme zaal. Alle journalistiekstudenten zijn aanwezig. Het is even geleden dat wij elkaar zo zagen: corona maakt het studentenleven niet gemakkelijk. Ik sluit mij aan bij de tafel waar Bart al zit. Zo is het al iets huiselijker. Ik mag beginnen.

Bart is een sympathieke en rustige jongen. Sinds begin dit schooljaar heb ik hem mogen leren kennen. Hij heeft een passie voor radio maken, is opgegroeid met het geloof en heeft een leuke vriendengroep. Dat weet ik van hem. Oh, en tijdens het videobellen zie je op de achtergrond een plank met een lange rij Donald Duck pockets staan.

Wat is daar het verhaal eigenlijk achter, Bart? Hij moet lachen.
“Ik heb vroeger heel veel gelezen. De Donald Duck pockets kocht ik meestal op rommelmarkten. Mijn moeder heeft ze een keer op volgorde op de plank gezet, zo zie je die plaatjes op de kaften. Ik heb er denk ik zeven compleet (22 pockets per plaatje). Dus die heb ik gewoon bewaard.

Ik las ook normale kinderboeken thuis en op school. Daar heb ik er in mijn kamer nu ook nog wat van staan. De laatste jaren lees ik minder. Minder tijd voor, minder zin. Als ik dan nu een boek lees is het vaak een boek over voetbal. Ik vind tactiek in het voetbal altijd interessant, daar ben ik nu over aan het lezen.”

Image for post
Image for post
De planken met de Donald Duck pockets en voetbalartikelen.

Hoe ziet je kamer er verder uit?
“Op de plank boven de pockets staan mijn voetbaltrofeeën. Toen ik rond de 10 was wonnen we nog best vaak toernooitjes of werden we kampioen. En omdat mijn vader de trainer was, kreeg ik vaak de beker. Of ik won er een bij de loting. Op het moment is het een grote rommel op mijn kamer, maar verder heb ik een ingelijst PSV-shirt, een poster van het Nederland elftal, drie voetbalsjaals en twee spandoeken van PSV. Oja, en in mijn kledingkast heb ik talloze voetbalshirtjes die ik wel eens draag.

Image for post
Image for post
Op het voetbalveld in 2017.

Voetbal je nu nog steeds?
“Ik voetbal al sinds mijn 8ste bij DOVO in Veenendaal. Dit wordt mijn laatste seizoen. Ik heb minder motivatie om elke week te trainen en ik krijg steeds vaker te maken met blessures. Het spelen vind ik op zich nog wel leuk. En nu ik een nieuw baantje heb, is het de bedoeling dat ik op zaterdag ga werken, dus dan heb ik er ook geen tijd meer voor.

Sinds ik mij kan herinneren kijk en speel ik al voetbal. Ik ben er echt mee opgegroeid. De passie kwam dan ook van mijn vader. Het lijkt mij ook wel leuk om later trainingen te geven of wedstrijden te coachen.”

Hoe is de band met je vader?
“Ik kan goed met mijn vader overweg. We hebben redelijk dezelfde hobby’s: voetbal, we gamen ook wel een beetje, en doen ook allebei de techniek in de kerk.”

En met je moeder?
“Met mijn moeder heb op zich een goede band. Van kleins af aan begrijpt zij mij goed. Mijn moeder heeft net zoals ik hooggevoeligheid — zij heeft dat hele proces van naar de dokter en fysio meegemaakt. Mijn vader stond daar iets verder van af bij mij. Ik weet niet, jongens hebben toch vaker een betere band met hun moeder denk ik.”

Hoe ziet je familie er verder uit?
“Ik woon nu dus nog thuis. Het gezin bestaat verder uit een zusje van 18, een broertje van 13 en een broertje van 5. Ik vind het wel leuk om nog een jonger broertje te hebben. We kijken wel eens tv samen en in de zomer spelen we op de trampoline. Ik ben niet super sociaal of een familiemens. Ik praat meer met mijn vrienden. Met mijn twee neefjes heb ik ook wel goed contact.

Verder heb ik nog één opa en oma, zij wonen sinds kort ook in Veenendaal. Mijn andere opa is in 2011 overleden en mijn oma drie, vier jaar later. Allebei rond de 80. Het is niet dat ik ze nu heel erg mis, maar het is natuurlijk wel jammer dat ze er niet meer zijn.”

Je vertelde al eens dat je christelijk bent opgevoed en dat je vader actief is binnen de kerk in Veenendaal. Jij nu wat minder. Hoe zit dat?
“Sinds mijn achttiende ga ik alleen nog zondagochtend naar de kerk — voor corona dan. Mijn vader vindt dat niet zo leuk. Vroeger moest ik namelijk ook in de middag. Hij is wat strenger in het geloof dan mijn moeder. Zij vindt dat je op deze leeftijd een beetje je eigen keuzes moet leren maken. Sinds kort ga ik ook niet meer naar de jeugdvereniging. Toen ik klein was geloofde ik nog wel iets sterker, maar het is nooit heel sterk geweest.

Het is niet dat ik helemaal los ben van de kerk. Ik ga er af en toe nog wel heen voor catechisatie en om de audiotechniek te doen. Ergens geloof ik wel dat er iets na dit leven is, maar wat zou ik op dit moment niet precies weten. Ik vind het wel mooi dat mensen kunnen geloven. Of ze nou christenen zijn, of moslims, dat maakt mij helemaal niet uit. En als je christelijk wordt opgevoed krijg je bepaalde normen en waarden mee. En die blijven wel bij je.”

Hoe zou je jezelf omschrijven dan, onder andere met je christelijke waarden?
“Ik kan soms best slim zijn als iets mij interesseert, zoals over voetbal, games of bij het maken van audiovisuele opdrachten voor mijn journalistiek-opleiding. Een podcast maken of een tv-uitzending, daar heb ik wel veel motivatie voor. En respectvol omgaan met elkaar, eerlijkheid en jezelf kunnen zijn bij mensen heb ik vanuit mijn geloof meegekregen.

Ik ben wel vaak rustig en wat verlegen bij mensen die ik minder ken. Van mijn familie krijg ik dat ook altijd te horen. Vroeger was altijd het grapje, tijdens een verjaardag van mijn oma bijvoorbeeld, dat ik dan ging lezen of op mijn telefoon zat en dat ze dan na afloop zeiden ‘Was Bart er ook nog?’.” Hij glimlacht. “Ik vind het niet erg dat ze mij soms ook zo zien. Daar kies ik zelf voor. Dat is wie ik ben.”

Vind je het dan ook prettig om niet altijd te praten of op de voorgrond te zijn?
“Ik trek mij wel vaak terug ja. Ik denk dat het ook te maken heeft met mijn hooggevoeligheid. Ik hou niet zo van drukte. Vroeger had ik ook niet altijd zin om buiten te spelen, dan vermaakte ik mij gewoon binnen. Ik vind het wel leuk om af en toe uit te gaan. Met m’n vrienden ben ik dan wel energiek en druk. Ik ken ze dan ook al lang.”

Zou je over het algemeen wat meer aanwezig willen zijn?
“Ja.” Denkt even na. “Aan één kant is het niet erg als je een beetje verlegen bent of ongemakkelijk voelt bij anderen. Aan de andere kant is het niet altijd even chill. Je hebt dan ook van die mensen die echt met iedereen kunnen praten en relaxt overkomen, dat lijkt mij ook wel wat. Ook met vrouwen bijvoorbeeld.” Hij kijkt mij lachend aan.

Image for post
Image for post
Op vakantie met zijn vrienden. (Tweede van links.)

Je hebt het al een paar keer over je vrienden gehad. Wat betekenen deze vrienden voor je?
“Veel.” Zijn stem slaat een beetje over. “Drie vrienden ken ik sinds de eerste klas van de middelbare en een vriend sinds de derde. Toen we nog wat jonger waren zagen we elkaar alleen op school en verjaardagen. Maar sinds HAVO 5, voor mij twee jaar geleden, gingen we op vakantie naar Praag. Sindsdien is het contact intensiever geworden en zie we elkaar één à twee keer in de week. Zo is de band steeds sterker geworden. Ik ga morgen weer met ze hardlopen.

Verder gamen we af en toe en in het weekend drinken we wat. Maar deze week niet, want we doen alcoholvrije maand. En we hebben nog wat andere plannen. Zo willen we met twee van die vrienden in een huisje gaan wonen.

En we hebben een groepsapp, die “Bart’s Gang” heet, en daarin bespreken we onzin, maar ook wel eens serieuze dingen. Als er een probleem is wordt dat ook gedeeld. Of besproken het tijdens zo’n avondje chillen.”

Je vertelde mij al eerder dat je FIFA speelt. Ook toernooitjes, waarbij je soms ook wat geld verdient. Ben je er echt zo goed in en wat vind je leuk aan het gamen?
“Een aantal jaar terug heb ik een Playstation 4 gekocht met een FIFA-spel. Ik vond dat meteen al heel leuk en merkte dat ik wat beter werd dan een gemiddelde speler. En toen ben ik toernooitjes gaan spelen. Zo speel ik de Weekend League, dat is ieder weekend, waarbij je dertig potjes speelt er er zo veel mogelijk moet winnen. Gemiddeld win ik er denk ik 23.

Ik denk dat ik het competitieve er leuk aan vind, het proces van een team opbouwen en gewoon een beetje passie kwijt kunnen. Vorig jaar heb ik ook gecoacht: waarbij je andere mensen helpt om hun gameplay te analyseren. En nu zit ik bij een Belgisch team die mij vraagt om voor hen te coachen en hun Twitter bij te houden.

Het wisselend wel hoeveel ik aan school moet doen, maar ik speel ongeveer 14 uur in de week. Af en toe speel ik dan een toernooitje waar ik wat geld mee kan verdienen, voornamelijk voor de lol. Maar FIFA is ook niet altijd goed voor je mentale gezondheid; het kan stressvol zijn om dertig potjes in een weekend te spelen, de prestatiedruk die daarbij komt kijken en het weinige slapen.”

Image for post
Image for post
Bart achter zijn bureau in FIFA.

Radio maken is je andere grote hobby, toch? Zou je daar wat meer over willen vertellen?
“Ja zeker. Sinds begin vorig schooljaar, toen ik met mijn opleiding journalistiek begon, ben ik samen met een vriend, Bert-Jan Overeem, begonnen met radio maken bij Radio Stilok. Een lokale radiozender in Veenendaal voor een christelijke en meer oudere doelgroep. Zij hadden een vacature, daar zijn wij toen op gesprek geweest en toen mochten we daar aan de slag. En nu maken we één keer in de twee weken, van 20:00 uur tot 21:00 op maandag een uurtje radio. Het programma heet Verhalen uit de Vallei.

Vanavond moet ik dat weer doen. Ik bereid het programma voor. We hebben een flashback naar de datum van vandaag, wat nieuwsartikelen uit de Vallei, wat grotere onderwerpen en vaak ook iets uit het verleden. Bert-Jan regelt de muziek, die dan tussendoor wordt afgespeeld.

Het is lastig te bepalen hoeveel luisteraars we hebben. Online kan je wel zien hoeveel mensen er luisteren, maar heel veel ouderen die luisteren via de radio zelf en dat kunnen we, tot nu toe, nog niet achterhalen. ”

Waar gaat het vanavond over?
“Ik heb drie onderwerpen voorbereid vanmorgen, eentje gaat over een Edese man die een pitbull op zijn vrouw had afgestuurd, eentje over de Edese economie, waar het nu niet zo goed mee gaat door corona en het laatste onderwerp ben ik even vergeten. Een uitzending iets meer op Ede gericht dus.”

Wat vind je zo leuk aan het radio maken?
We zitten wel een beetje aan een kader verbonden, maar voor de rest krijgen we wel veel vrijheid. Het voorbereiden is altijd wat minder leuk, vaak ook wel een beetje op het laatste moment. Maar het radio maken: dingen vertellen, connectie met z’n drieën is gewoon leuk [er is ook nog een technicus bij] en de muziekjes luisteren. Ik vind dat echt leuk.”

Zou je het leuk vinden om je eigen radioprogramma te hebben?
“Ja. Maar dan zou ik wel iets met sport willen doen. Met als voorkeur voetbal. Bij RTV Utrecht heb je een programma waarin ze uitslagen doen van amateurwedstrijden en dan bellen ze mensen in. Dat lijkt mij wel leuk. En een programma waar je analyseert of nabeschouwt lijkt mij ook wel wat. Of gewoon live commentaar geven bij een wedstrijd, zoals Langs de Lijn van NOS.

Nu ik journalistiek studeer heb ik de keuze gemaakt om audiovisueel af te studeren. Maar ik heb nog geen idee of het tv of radio gaat worden. Ik wil wel echt iets gaan doen met de journalistiek, vandaar dat ik de studie af wil maken.”

Heb je een inspiratie in het werkveld?
Zegt vrij snel: “Pieter Zwart. Hij is een aantal jaar geleden begonnen bij Voetbal International om daar artikels te maken. Daarna heeft hij de online kant van VI opgezet. En sinds twee jaar is hij daar nu hoofdredacteur. Ik zie hem wel als voorbeeld. Hij kan echt in detail een wedstrijd analyseren. En na een wedstrijd heeft hij al heel snel een artikel klaar. Dat zijn wel dingen die ik zou willen leren.”

Is er iets wat niet veel mensen van je weten?
“Ik kan niet schrijven, veterstrikken en heb een slechte motoriek. En een paar ‘etiketjes’ als hooggevoeligheid. Ik heb van de hooggevoeligheid niet zoveel last, zover ik weet. Ik wil er binnenkort wel een boek over lezen. Het schrijven was op de basisschool altijd een heel gedoe. Totdat ik in groep 7 op de laptop toetsen gaan maken. En voor de andere dingen is wel een oplossing te vinden, zoals elastische veters die ik in mijn voetbalschoenen gebruik.”

Vind je het vervelend dat er zo’n etiket op wordt geplakt als je er niet zo’n last van hebt?
“Nee, dan staat het gewoon in mijn dossier en dan is het gewoon duidelijk. Het is beter dan dat ze niet weten wat je hebt. Toen ze op de basisschool bijvoorbeeld nog niet wisten waarom ik niet zo kon schrijven zeiden ze: ‘ja misschien als we hem op handverbeteringscursus, of zo iets doen, of schrijflessen laten maken, dan wordt het misschien wel beter’. Maar de cursus hielp niet. Dan is het wel beter van dat ze weten ‘oh hij heeft dit en dit, daarom lukt het niet’.”

Wat wil je nog je leven écht gedaan of gezien hebben?
“Sowieso met die paar vrienden in een huis wonen. Dat staat wel heel hoog op de bucketlist — niet dat ik die heb. We hebben daar een plan voor liggen. Een vriend blijft voorlopig nog thuis wonen, want hij is bijna klaar met zijn studie. Maar sowieso twee andere en ik. En dan eerst een jaartje rond Ede wonen om uit te proberen: zo zitten we nog dicht bij de ouders, werk, radio en dat soort dingen.
En daarna als die vriend is afgestudeerd en we vinden het leuk, dan misschien ergens anders. Dat zie ik wel voor een aantal jaar voor me. De vrijheid spreekt mij aan, gewoon met je vrienden zijn en het scheelt in kosten als je samen zou gaan wonen.

Verder zou ik nog wat landen willen bezoeken. Ik ben niet per se een reiziger, maar Hongarije lijkt mij wel een leuk land. Wales ook. Ik weet nog als ik vroeg ziek, of nepziek, was dan keek ik altijd naar Eurosport. En dan had je van die landen die interlands tegen elkaar hadden gespeeld en dan vond ik het logo van Wales altijd mooi en een leuke ploeg.

Ik ben ook in Ierland geweest en daar zou ik nog wel eens terug willen, Dublin, of een ander deel van Ierland. Brazilië lijkt mij ook een leuk. Maar dat is wel een gevaarlijk land, dus ik weet niet of ik daar zo maar heen zou gaan. En verder een baan in de sport. Dat is het denk ik wel.”

Invisible Cities NL

Invisible Cities portretteert mensen uit een stad die op de…

Hulpverlener Als Mens

Written by

Journalistieke redactie die de wereld achter de psychische hulpverlener belicht.

Invisible Cities NL

Invisible Cities portretteert mensen uit een stad die op de één of andere manier buiten de samenleving vallen, vaak door de manier waarop anderen hen labelen. Hier lees je persoonlijke, medemenselijke verhalen over hoe zij zich thuis voelen in de stad en de maatschappij.

Hulpverlener Als Mens

Written by

Journalistieke redactie die de wereld achter de psychische hulpverlener belicht.

Invisible Cities NL

Invisible Cities portretteert mensen uit een stad die op de één of andere manier buiten de samenleving vallen, vaak door de manier waarop anderen hen labelen. Hier lees je persoonlijke, medemenselijke verhalen over hoe zij zich thuis voelen in de stad en de maatschappij.

Medium is an open platform where 170 million readers come to find insightful and dynamic thinking. Here, expert and undiscovered voices alike dive into the heart of any topic and bring new ideas to the surface. Learn more

Follow the writers, publications, and topics that matter to you, and you’ll see them on your homepage and in your inbox. Explore

If you have a story to tell, knowledge to share, or a perspective to offer — welcome home. It’s easy and free to post your thinking on any topic. Write on Medium

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store