‘Ik was mijzelf eigenlijk verloren’

Felis* is geboren in Somalië. Door de oorlog moest ze op haar 14e met haar tante en een paar anderen naar Nederland vluchten. Voor dat ze vluchtte naar Nederland is ze door haar oma opgevoed omdat haar ouders nooit in beeld waren.

Het verhaal van Felis | Film & editing: Gershon Osnabrugge

Jeugd

“Thuis in Somalië was ik altijd buiten gesloten. Alles was heel strikt bij mijn oma. Als haar vriendinnen langs kwamen moesten wij naar onze eigen kamer, ik moest ook perse een hoofddoek dragen en zo waren er nog allemaal van dat soort dingen. Zij bepaalde alles maar keek nooit naar een toekomst voor mij. Ik heb ook nooit zelf keuzes kunnen maken en dat iemand me daar steun in gaf, mij vertelde dat ik het kon. Als kind in Somalië heb ik al moeten leren om voor mijzelf te vechten zoals een volwassene dat doet.” Toen Felis met haar tante in Nederland kwam moest ze nog steeds vooral voor haar zelf zorgen.

Eerste keer op straat

“Mijn tante en ik kwamen in Nederland aan en konden toen in Hoorn wonen. Na een jaar kregen we ruzie waardoor ze mij uit huis heeft gezet. Toen ben ik in Alkmaar bij mijn nicht gaan wonen en heb ik vanuit daar mijn mbo kunnen afmaken. Ik had daar ook werk, maar wel met een zes maanden contract. Hierdoor had ik na afloop van het contract ineens geen werk meer, en dus ook geen inkomsten. Ook werd ik toen van mijn opleiding gestuurd omdat mijn Nederlands niet goed genoeg was. Toen kreeg ik ook nog ruzie met mijn nicht en ben ik ook daar weggestuurd. Ik heb mij toen ingeschreven op een school en ben zelfstandig gaan wonen in een appartement in Dordrecht. Ik kreeg een studiefinanciering, vriendinnen en volgde een opleiding.” Alles leek goed te gaan tot ze ging wonen bij een vriendin van school.

Felis blijft om privacy redenen onherkenbaar in beeld | Foto: Tom Leenstra

Verkeerde vrienden

Felis slikt een paar keer voor ze verder praat. “Toen ik bij haar ging wonen kwam ik in contact met verkeerde mensen en moest ik allemaal dingen doen waar ik liever niet meer over praat. In het jaar dat ik bij haar heb gewoond heb ik veel schulden opgebouwd. Ik raakte de weg kwijt, ik was mijzelf eigenlijk verloren. Na een ruzie met haar ben ik ook bij haar uit huis gezet.” Hoge schulden, de weg kwijt en weer geen onderdak. Gelukkig greep een vriendin van school in. Ze mocht zes dagen bij haar slapen en zij heeft haar in contact gebracht met het jongerenloket.

Hulp

“Bij het jongerenloket krijg je niet zomaar hulp als je daar om vraagt. Ik heb een jaar zonder inkomen en vaste woonplek gezeten voordat ik echte hulp kreeg. In dat jaar mocht ik wel een tijdje wonen bij een katholieke kerk. Dat was echt verschrikkelijk, ontzettend veel regels waar ik me aan moest houden. Ik moest bijvoorbeeld om 7 uur opstaan en daar veel schoonmaken, maar dat vond ik niet zo erg, wat ik vooral lastig vond was dat zij alles voor mij bepaalden. ‘S middags stuurden ze ons ook altijd de straat op waar we in de kou moesten wachten tot we weer naar binnen mochten.” Gelukkig kwam ze na dat jaar via het jongerenloket in contact met Stichting Timon. Zij hielpen haar aan een kamer. Met haar huisgenoot kreeg ze ruzie.Door oplopende ruzie is Felis verhuist naar een andere woning van Stichting Timon, maar ook hier ging het fout door ruzie.“Na de zoveelste ruzie heeft Timon een woning met urgentie aangevraagd waardoor ik een appartementje voor mij alleen heb.” Wel komt de begeleider van Timon regelmatig op bezoek in de nieuwe woning, om ondersteuning te bieden.

Sinds ze hier woont is ze begonnen met een opleiding bij de Buzinezz club. Zij helpen jongeren met een trainingsprogramma om antwoorden te vinden op vragen als ‘wat wil ik, wat kan ik en wat zijn mijn doelen’. Door de hulp die Felis daar kreeg is ze erg gegroeid. “vier dagen per week ga ik daar heen. Ze helpen jongeren als mij om zelfvertrouwen op te bouwen.”

Groei

Naast de hulp van de Buzinnez club krijgt ze nog veel meer hulp. Dat is soms lastig omdat Felis het liefst zoveel mogelijk zelf oplost. “Ik hou ervan om dingen op mijn eigen manier te doen. Ik houd er niet van als anderen tegen mij zeggen van ‘ja je moet dit doen of je moet dat doen’. Ik moet helemaal niks. Ik houd er gewoon van mijn leven zelf te kunnen bepalen.” Toch zou Felis niet weten waar ze zou zijn zonder de hulp die ze van alle kanten krijgt op dit moment. “Ik ben door alle hulp gegroeid in wie ik ben. Ik kan nu naar de positieve kant van het leven kijken, ik hoef niet te klagen over mijn verleden want iedereen heeft lastige dingen meegemaakt. Mijn begeleiders hebben daarin veel voor mij betekent. Zij gaven mij het steuntje in mijn rug dat ik nodig had. Voor het eerst in mijn leven zeggen mensen tegen mij dingen als ‘je kunt het, je bent hier goed in’. Dat is zo’n fijn gevoel.” Toch komt Felis nog steeds moeilijkheden tegen in haar dagelijks leven.

De woon omgeving van Felis | Foto: Tom Leenstra

Sociale contacten

Sociale contacten opbouwen en mensen vertrouwen vindt ze erg lastig. De mensen die ze wel om haar heen heeft vertelt ze niet over haar verleden als dakloze. “Ik heb geen netwerk en bijna geen vrienden. Als ik stress heb en ik me eenzaam voel dan ben ik een tijdje erg down. Nieuwe mensen leren kennen vind ik lastig omdat ik het moeilijk vind om anderen te vertrouwen. De stap naar anderen zetten vind ik ook lastig. Daardoor ben ik vaak alleen. Daarnaast vertel Ik nooit aan iemand dat ik dakloos ben geweest. Ik wil geen medelijden van anderen krijgen. Ik weet het niet, het voelt gewoon heel zielig ofzo. Ik weet hoe mensen over daklozen praten, en dan denk ik van ‘ja ik ben ook zo iemand geweest’. Ik wil gewoon niet dat mensen die ik leer kennen mij zielig vinden. Gelukkig heb ik één goede vriendin waar ik mee af kan spreken en leuke dingen mee doe zoals uitjes of samen eten en bijpraten. Met haar praat ik over alles wat me bezig houdt en zij weet ook dat ik dakloos ben geweest.”

Door alle hulp en de mensen om haar heen is Felis zo gegroeid dat ze volgende maand vol vertrouwen gaat beginnen aan een MBO verzorging. “Ik wil later in het ziekenhuis werken en mensen helpen, dat is mijn droom. Het zit gewoon in mij om voor mensen te zorgen.”

*Wegens privacy redenen is besloten om een gefungeerde naam te gebruiken, echte naam is bij de redactie bekend

Felis in gesprek met interviewer Jaco Wilschut | Foto: Tom Leenstra

Je kon geen kind meer zijn.
Moest altijd jezelf een steuntje in de rug geven, 
niemand anders die jou hielp.
Altijd moest je vechten voor jezelf 
omdat je niet meer vertrouwde op de hulp van anderen.
Het vertrouwen in anderen was je kwijt geraakt in de zoektocht naar een normaal leven, 
een leven waar je soms als kind doorheen zou mogen huppelen. 
Jaren heb je alleen moeten vechten, 
op straat in de kou gestaan, moeten overleven. 
Na al die jaren alleen is het zo fijn dat er één iemand iets in je zag,
je de hulp bood die je nodig had, het steuntje in de rug wat je nodig had. 
Nu heb je een eigen huis, warmte, een toekomst. 
Een toekomst op een leven waar je misschien, heel kort, een kind mag zijn, zonder zorgen, met hulp en liefde van anderen.

-Jaco Wilschut