Marathon verhalen — Luzern editie (2016)

Het leven loopt soms niet helemaal zoals je dat van te voren plant. En dus een gekke periode met veel nieuwe dingen, een nieuwe woning, iets meer stappen (zonder echt stappen te zetten) en feestjes. Daarbij mijzelf iets minder serieus nemend in het marathon lopen. Dat maakt het mentaal ook direct stuk moeilijker. Al is dit marathon nummer 7. Het blijft een marathon van 42195 meter en die krengen blijven altijd uitdagend. Ook voor de 7de keer. Dit was er zo eentje waarbij ik niet voor een PR kon gaan. En dat maakt het direct extra lastig om mezelf daarin te motiveren. Die crux dus.

Dit jaar met zijn drieën, wederom Maarten en Bas als compagnons voor de opgave. Geen support of anderen die we zo gek hebben kunnen krijgen om mee te gaan met ons. Bas is het meest zenuwachtig. Hij heeft een nieuwe methodiek waarbij hij de 14 km marathonmethode probeert. Alles op hartslag trainen en geen enkele training langer dan 14 km doen. Veel gelezen, veel uitgevraagd en betaalde coach er voor in de armen genomen.

Aan de omstandigheden van de marathon zelf kan het in ieder geval niet liggen. Op vrijdagochtend heen, een veel te dik appartement met allemaal een eigen bed en een volledige zaterdag met bank en Netflix. (geen chill 😉)

Zondag vroeg op, pannekoeken bakken en broodje er bij, koffie natuurlijk. Het systeem moet op gang worden gebracht. De relaxheid is er mentaal, mijn nek en bovenkant rug zijn alleen niet in dezelfde modus. ik kan amper mijn nek één kant op draaien. Bummer. Voor de rest voelt het allemaal wel goed aan. Tig keer kakken natuurlijk. Drinken. Eten. en last minute, zoals altijd, de voorbereiding van spullen pakken. Niet handig.

Een zwanenzang in wording

Luzern is goed geregeld, alles is goed geregeld in Zwitserland. Prachtstad aan het meer. Waar we al even doorheen zijn geslenterd op vrijdag, en zaterdag vanuit onze eigen toren hebben bekeken. Waar wij overigens ook precies langs lopen tijdens de marathon, mocht je uit willen stappen bij kilometer 34 dan is dat erg makkelijk.

Anyhow, met 400 meter wandelen, metro, boot komen we aan bij de start/finish plek. Pissen als een stier, 3x. En dan kleedkamer in, alles prepareren en onderweg naar de start. Het is vrije keuze in welk startvak je gaat staan. Bas besluit iets meer achteraan te gaan staan, Maarten en ik dringen nog iets verder naar voren, maar ik verlies ‘m uit zicht als ik door vele vele mensen ben gewurmd die wel goed op tijd waren. Ik drentel nog een beetje en sta klaar om te starten. Geen flauw idee wat het gaat worden vandaag. weg gaan op 3.30 is beetje het idee. kijken waar ik uit kom. Rustig aan en tweede helft mogelijk nog beetje versnellen.

Start

En dus start, drukte omdat ook de halve marathon tegelijkertijd start. mooie sfeer, mooi parcours en veel mensen langs de kant, overal breed genoeg dus al ben ik nog redelijk aan het inhalen de eerste kilometers, af en toe opgestopt maar niet ernstig. Mooi lopen dit. Ik kan alleen niet mijn tijdelijke loopmaatjes vinden. Het gaat mij net te hard of te traag. Geen mensen om mij heen met dezelfde flow. ik spring dus over van karretje naar karretje, zoals dat voelt in ieder geval. Ik ren zoals altijd in de heuvels. Langzaam aan omhoog, hard laten vallend naar beneden. Dat zal ik later zeer waarschijnlijk nog spijt van hebben. Dat zorgt er helemaal voor dat ik geen vast groepje heb.

En zoals altijd zijn wij Nederlanders weer negatief verbaasd over de hoogtemeters die er stiekem toch weer in het parcours voor ons verwerkt zitten. Voordeel deze missie is wel dat we de tweede helft parcous kennis hebben, omdat we twee keer een halve marathon lopen.

Ik merk dat ik harder loop dan ik zou moeten, ik loop makkelijk maar ook zonder ritme en zoek naar figuren waar ik achteraan kan lopen om mij in te houden. Dat lukt niet. En dus — hoe stom ook- ben ik harder aan het lopen dan gepland en verandert mijn gedachte meer in, kijken hoe ver ik kom met dit tempo. Misschien dat de jaren ook wel in mijn voordeel kan uitwerken en ik wel goed de laatste 10 kilometer door kan komen. Toch nog 2 trainingen goed net boven de 30 kilometer afgewerkt. Dus lengte zit er nog redelijk in.

Tweede ronde op zoek naar medestanders. Bijna alles loopt rechtdoor om de halve marathon te finishen, plotseling is er weinig meer over dan een enkele medeloper en enkele toeschouwers.

De rest is het cafe weer in, de dag verder aan het beleven. De marathon is niet het toeristische hoogtepunt, of in ieder geval mijn doorkomsten tijdens de marathon niet. De concentratie spanne is gering blijkbaar. Het voelt vermoeid en toch goed te doen rond kilomer 25. En toch kan ik de klimmetjes nog redelijk aanvallen. tempo goed houden en met beetje wisselende pas de heuvelzone goed doorkomen, al is de langste stuk omhoog wel echt even killing op de bovenbenen. Het naar beneden laten vallen doe ik wel weer. maar merk ook dat het nu een extra klap geeft op de spieren. Die daar niet zo erg meer op zitten te wachten.

Na die langere heuvel is het daarna continu glooiend wat voor een vreemd spel met een andere loper zorgt. Ik haal hem continu weer in op de stukken naar beneden. uiteindelijk lopen we samen een paar kilometer op. Rond kilometer dertig begin ik zowaar een beetje vertrouwen te krijgen. Niet dat het gelletje mij nog goed doet, het lichaam sputtert tegen maar ik kan gewoon goed door blijven lopen.

De vele koeienbellen langs de kant waarmee aangemoedigd wordt is grappig. Net zoals de hüphüphüp in een opmerkelijk ritmisch variant. Mooi hoe elk land zijn eigen aanmoedigsritueel heeft en toch elke taal overstijgt want het volgt wel het hardloop tempo.

Ik ben lang nog op tempo van 3:22 en hoewel ik niet meer het echte tempo kan maken ga ik voor mijn gewoon ook deze kilometers nog zeer goed door. Heel af en toe komt iemand mij inhalen, maar we rapen ook de gestranden voor ons op.

En dan merk ik plotseling, binnen 1 a 2 kilometer dat het bij mij ook op is. Ergens rond kilometer 34 volgens mij. Ongetwijfeld ook niet de mentale hardheid deze keer maar het is leeg, op en tempo is zeer ernstig vertraagd. Het is zoeken in het lichaam wat het nog wel kan en hoe dit nu het juiste te besturen. Nog gelletje er bij? terwijl je al uit elkaar knalt? Nog water, in ieder geval ben ik nu mezelf aan het afkoelen met water. Het is 12 graden maar ik ben goed aan het verhitten zo voelt het. Het voelt voor die paar seconden in ieder geval heel lekker om te doen. paar seconden later weer iets minder maar dat gevoel was er toch al.

We lopen langs ons tijdelijke appartement en bij een scherpe bocht zag ik Maarten al 100 meter achter mij. We lopen stadion door met video scherm en ik zwaai maar even naar Maart via het scherm. Een paar honderd meter verder uit het stadion is het kort en krachtig.

“Ik ben op. Klaar. Succes Maart.”. We doen nog even handje klap en Maart gaat in keurig tempo door.

Ik heb nog 6 kilometer voor de boeg en ben voorzichtig aan het berekenen hoe lang ik deze pijn nog uit moet zitten. Meer dan een half uur nog. Ik probeer een andere benadering en richt mij voorlopig even op het volgende kilometer bordje. Niet verder nadenken dan dat. Ik heb nog een beetje tempo, niet dat het hard gaat, maar het komt nog vooruit. En het interessante is dat er 100 meter voor mij iemand in dezelfde realiteit zit gevangen, de benen of het lichaam zijn op. De wil om te finishen is nog de enige drijfveer om door te lopen. Kilometers duren plots weer zeer zeer lang. De eerste 30 kilometers zijn voorbij gevlogen ten opzichte van deze. De afstand is even lang. de mentale kracht die er voor nodig is groeit per kilometer exponentieel terwijl de output sterk blijft verminderen.

Ik blijf vertragen, gelukkig kom ik nu wel weer beetje in de buurt van het centrum. Van de toeschouwers. Hoewel het ergens ook een zwakte is doen toeschouwers mij goed. Het gaat toch iets makkelijker op ook nog externe energie. Het doel van vandaag is volledig veranderd van 3:30 voor de marathon, van 3:24 tijdens de marathon naar vooral niet gaan wandelen. Ik moet en zal blijven hardlopen. éen drankpost plus energiegelletje heb ik 20 meter mijzelf gegund om bij te komen, op te laden en nieuwe krachten te vinden. Meer geef ik mijzelf niet, want anders is het einde helemaal zoek. Dat merk ik ondertussen wel. Het is nu gewoon simpelweg vechten om de finish dichterbij te laten komen. Het is weinig. Leeg lichaam. Gevecht met mijzelf, enige tegenstand heb ik niet, want de hardlopers in de buurt halen mij vooral in. Mijn tempo is niks ten opzichte van de finishtijd. De minuten vliegen er bij ten opzichte van mijn tempo nog 10 kilometer geleden.

De weg duurt ook nog weer veel langer dan ik mij had ingebeeld. Leuk die twee rondes, alleen de perceptie in de eerste ronde is toch totaal anders dan de tweede. Wat tegenwoordig meer en meer gedaan wordt is momenteel extra prettig: ‘Edwin’ staat groot op het startnummer en dus krijg ik af en toe nog een persoonlijke aanmoediging. Soms zelfs in het Nederlands, mijn zoekende en zwalkende ogen kunnen dan niet altijd de verzender lokaliseren, het blijft goed doen en weer enige voordeel geven om weer wat meters dichterbij de finish te komen.

Het is heel simpel. Zoals het mantra wat ik altijd heb in dit soort fases. Elke meter die ik nu verzet zorgt dat ik weer dichterbij de finish kom. Life is easy. of nou ja, het doel is makkelijk. De weg er naar toe momenteel erg, heel erg, moeilijk. Al is die perfect geasfalteerd en van goede Zwitserse kwaliteit.

Feilloos was deze marathon met betrekking tot weg, toeschouwers, vrijwilligers en drankposten onderweg. Dat kunnen die verdomde Zwitsers wel, het is perfect voor elkaar. Alleen blijft een marathon wel een marathon van 42195 meter en ondanks de perfecte organisatie zijn mijn benen blokken geworden, mijn lichaam voelt leeggetrokken en ziek. Met nog een beetje versnellend vermogen ren ik onder een eerste boog, helaas geen finish plek want de hardlopers voor mij blijven ook gewoon doorrennen. We gaan hoek om, en gaan gebouw binnen, lopen door smalle fininsh straat en rode loper en op een mooie finishplaats kan ik nog enigszins een sprintje uit mijzelf persen. Al zal ik waarschijnlijk de eerste kilometer harder hebben gelopen dan dit sprintje. Ik fininsh. blokkeer en heb het direct koud. drankje, medaille en strompel verder.

Leeg….

En strompel nog al die honderden meters richting de kleedkamers. Ik klappertand als ik daar aankom en ben op. Gaar en kapot.

Ik trek snel droge kleding aan, eet wat — al staat het mij gigantisch tegen. en verdomd: Na 15 minuten en wat rekken alweer aardig ’t mannetje. Natuurlijk met mega stramme poten maar ik ben weer in ieder geval goed aanspraakbaar en het is samen met Maarten wachten op de ‘max-14-kilometer-getrainde’ Bars en het verdiende finish-biertje.

Strava file:

<iframe height=’405' width=’590' frameborder=’0' allowtransparency=’true’ scrolling=’no’ src=’https://www.strava.com/activities/947679874/embed/148de10be2962bb9499ee7a5cdfbb013aa55250c'></iframe>

One clap, two clap, three clap, forty?

By clapping more or less, you can signal to us which stories really stand out.