voedselclichés

Vertellen over duurzaamheid: ik mag het ondertussen minstens elke maand wel een keertje doen. Gewapend met een hippe powerpoint, grappige visitekaartjes, leuke filmpjes en — sinds kort — gekleed in een buis trek ik door het land. Maar eigenlijk is het vaak maar een frustrerende bezigheid.

Want hoe vertel je nu eigenlijk over een term die zo uitgehold is? Duurzaamheid is een woord dat qua leegheid te vergelijken is met woorden als authentiek en ambachtelijk. Niemand gelooft je meer als je zegt dat je duurzaam bent. Duurzaamheid is voor sommige mensen aan de ene kant duur en bijzonder uit eten gaan, en aan de andere kant een Tesla — superduurzaam! — kopen. Dan leef je dus alsnog op grote voet. Voor de iets minder bedeelden dan bovengenoemden is duurzaam misschien de UTZ certified koffie van de Albert Heijn. Maar, zoals Lucas Simons op de opening van de YFM Academie vertelde: de tijd dat deze keurmerken opkwam was leuk, het was leuk dat er iets gebeurde, maar het maakte eigenlijk helemaal geen verschil.

En zo sta ik dan een uur lang depressieve verhalen te vertellen, daarbij ondersteund door het vinkjes-filmpje van Lubach. Maar na het lijden komt glorie, want er is wel een oplossing. Het voelt een beetje als een druppel op een gloeiende plaat, maar het maakt wel echt een verschil. Clichés zijn niet voor niets clichés: ze zijn vaak gewoon heel erg waar.

Cliché nummer 1: duurzaamheid begint bij jezelf. Maak een klein verschil door over te stappen van gewone koffie op fairtrade koffie — ook al maakt het misschien maar een minuscuul verschil. Of stop met koffiedrinken. Ga een dag in de week geen vlees eten, en bespaar 800 liter drinkwater. Stop dingen die goed voor je zijn in je lichaam, waardoor je meer bij eten gaat voelen. Klaag bij de kantinejuffrouw over het niet-zo-gezonde aanbod totdat ze meer groenten op het menu zet. Probeer meer te leren over het seizoen, en eet groenten die uit de buurt komen. Als je er tijd voor hebt, koop dan bij de groenteboer of een visboer die je kent.

Geen tijd voor? Ga dan gewapend met de volgende 3 clichés (opgetekend door Michael Pollan) naar de supermarkt:

1) koop niets wat je overgrootmoeder niet zou eten

2) koop niets wat meer dan 5 ingrediënten heeft

3) mijd het midden van de supermarkt

Neem verder bij het eten de volgende clichés van Pollan mee:

4) rot het niet? eet het niet

5) overeet niet

6) eet aan tafel

7) koop niet onderweg


Originally published at eengarde.nl.

Like what you read? Give Wilbert/Wilpret van de Kamp a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.