DDW 2015 legt onbedoeld vinger op de zere plek van design

Met 275.000 bezoekers, bijna 100 locaties en 2.500 ontwerpers is Dutch Design Week groter en commercieel succesvoller dan ooit. Iedereen is een designer, lijkt het evenement de bezoeker mee te willen geven. Daarbij vergeet het waar design in 2015 om zou moeten draaien: het ontlokken van een ‘wauw’ in plaats van een ‘leuk’.

“Kijk, dat is echt iets voor jou. Kun je die miniatuurtjes van je zelf uitprinten”, wijst een vrouw van middelbare leeftijd naar een 3d-printer die bezig is een plastic vaasje te printen. Haar man, voor wie de boodschap bedoeld is, staat er wat beteuterd bij. Hij ziet het nog niet gebeuren. In het Klokgebouw, de centrale plek waar de Dutch Design Week (DDW) ook dit jaar rondom is georganiseerd, staat ‘the future of making’ centraal. Nog nooit stonden er in Nederland zoveel 3d-printers in een ruimte bij elkaar. Werd er zoveel ‘gemaakt’ en ‘ontworpen’ door, ja, eh, door wie eigenlijk? De exposanten, natuurlijk. Die houden het niveau zo laag dat iedere bezoeker het idee krijgt direct zelf aan de slag te kunnen. Er staan klokjes die zijn gevat in een met een 3d-printer geprint huisje, radio’s in een zelf vervaardigd houten kastje, zelf ontworpen en geprinte bloemenvaasjes. De afwerking van de ontwerpen is in veel gevallen onder de maat. Maar hé, lijkt de expo te willen zeggen, dit zijn geen old school-ontwerpers, met deze nieuwe technologie kan iedereen iets maken. Iedereen is een designer.

Vijf jaar geleden publiceerden designer Mieke Gerritzen en theoreticus Geert Lovink ‘Everybody is a Designer — in the Age of Social Media’ waarin ze beweren dat de definitie van het begrip designer erodeert onder invloed van nieuwe media-technologie (1). De discussie over het veranderende design-landschap wordt al langer gevoerd. In de jaren 1960 beweerde mediatheoreticus Marshall McLuhan dat de specialist vervangen zou worden door de amateur (2). Sinds de opkomst van massaproductie in de jaren 1930 is er een afstand ontstaan tussen kunst en toegepaste kunst. Meer en meer raakten ontwerpers betrokken bij het instrumentele productieproces. Specialiseerden zich. Leidend tot ‘Fachmenschen ohne Geist’, zoals Theodor Adorno schreef. Uiteindelijk speelde de ontwerper een cruciale rol in de vervolmaking van de post-industriële samenleving waarin betekenis is vervangen door commodificatie: ontwerp dat zich richt op bestaande omgevingen en problemen oplost binnen een structuur van oude modellen (3).

Inmiddels is er een andere trend zichtbaar: weg van het ontwerpen voor het systeem, weg van het rendementsdenken. Steeds meer designers en designbureaus kiezen voor autonomie, kiezen ervoor te ontwerpen voor een onzekere toekomst. Dat leidt tot allerlei nieuwe design-modellen (speculative design, conditional design, intervention design) en design-praktijken (Monnik, Metahaven, Dear Hunter, Moniker) waarin niet het eindresultaat leidend is maar het proces of de ontwerper zelf. Tegelijkertijd is de definitie van design vloeibaar geworden. Design is steeds meer. Misschien is alles wel design. Op de design-afdeling van Apple lopen meer sociologen, psychologen en antropologen rond dan afgestudeerden in een design-richting. Met de opkomst van de makers-beweging is de verwarring compleet. Iedereen kan nu beschikken over technologieën die het mogelijk maken te ontwerpen. Wordt daarmee uiteindelijk iedereen een ontwerper of amateur zoals McLuhan het voorspelde?

Ja, is het antwoord van de prominentste expo van DDW. Met alle gevolgen van dien. Het meest gebruikte woord in de hallen van het Klokgebouw is ‘leuk’. Leuk ontwerpje hier, leuk ontwerpje daar. Ander veelgebruikt woord? ‘Das lekker retro’, al zijn dat er eigenlijk drie. De, overigens prachtige spullen van de Utrechtse meubelmaker Pastoe zijn herontwerpen die zo uit het eigen verleden zijn weggelopen. ‘Compose with vision’, voegt Pastoe toe aan de collectie. Dieter Rams kijkt goedkeurend toe (4). Tussen de, bij makers, populaire ontwerpen van oermaterialen — hout, plastic, karton — is er ruimte voor ontwerpen die écht iets nieuws toevoegen. Zo laat Bayern Design de bezoekers wél makers, of in ieder geval denker, worden door ze te vragen een eigen toekomstscenario samen te stellen. Ludiek, met papieren vorkjes en mooi vormgegeven kieshokjes. Ook Fairphone — een initiatief van Waag Society in Amsterdam — laat zien dat ontwerpen meer is dan iets leuks maken. Sterker nog: het is verdomde lastig om een smartphone te maken die slaafvrij is. De sheltursuit van modeontwerper Bas Timmer uit Enschede confronteert bezoekers met een interessant ethisch dilemma: is de slaapjas voor daklozen iets goeds of kan er beter worden ingezet op terugdringen van het aantal daklozen? Symptoombestrijding tegenover het oplossen van een probleem bij de wortel.

Dergelijke ontwerpen die aanzetten tot denken zijn schaars in het Klokgebouw, schaarser dan ze de afgelopen jaren zijn geweest. Dat is niet enkel zonde, het typeert de weg die DDW is ingeslagen. Met 275.000 bezoekers, tegen de 100 locaties en 2.500 ontwerpers is het evenement groter dan ooit. Op het centrale pleintje van STRIJP-S is er amusement voor iedereen. De VPRO zorgt voor een podium waarop bandjes inwisselbare indiepop spelen. De kern-exposities richten zich meer en meer op de gemiddelde bezoeker, de bezoeker voor wie design iets is om de woonkamer mee aan te kleden. Dat is een keuze. Een keuze die ervoor zorgt dat betekenisvol design naar de randen van het evenement wordt gedrongen. De Dutch Design Awards (DDA), die altijd een centrale plaats innamen, lijkt er nu een beetje bij te hangen. Ja, de organisatie kwam afgelopen jaar in zwaar weer en maakte een doorstart, toch stellen de genomineerde ontwerpen teleur. Refugee Republic, een fraai voorbeeld van vernieuwde multimediale journalistiek van Volkskrant en ontwerpbureaus Submarine, is overigens de terechte winnaar (5) (6).

De expo van genomineerden voor DDA is onhandig ondergebracht in het Veemgebouw. Brandveiligheid maakt het onmogelijk per trap naar de negende etage te lopen, met lange wachtrijen voor de liften als gevolg. Dat wachten loont zich wel. Op de achtste etage lost de expo Playing Life, georganiseerd door Transnatural Art & Design wel de verwachtingen in. Centraal staat levend materiaal als ontwerp-medium. De ontwerpen zijn speels, experimenteel en leveren op z’n best slechts een idee op over hoe levend materiaal kan worden gebruikt om te komen tot nieuwe ontwerpen, maar de fantasie wordt geprikkeld (7). Een eigenschap die goed design altijd dient te hebben. Weten ook de studenten van Design Academy Eindhoven. De expositie van afstudeerwerk is een lust voor het oog en een prikkeling van de verbeelding. Creatief directeur Thomas Widdershoven steekt in het voorwoord van de gezamenlijke afstudeerpublicatie de loftrompet over zijn studenten. “Everywhere they look, students see economic, political and environmental system failures. But still their work stays focussed on betterment, on improvement, and on doing thinks differently for the greater good. […] I think this optimism comes from an unconscious recognition that design thinking lies at the heart of so many of the innovations we see applied to these system failures.” (8)

Dat optimisme hangt op de vierde etage van de Witte Dame duidelijk in de lucht. De prachtig ontworpen klokken van Wout Wolf Stroucken die breken met onze modernistische manier van denken in tijd door te werken met kleur is daarvan een mooi voorbeeld. Rangeer het dictaat van de exacte tijd, zo dominant in onze westerse samenleving, op een zijspoor en een nieuwe wereld toont zich (9). Prachtig idee. Ook de door Erik Vlemmix ontworpen nieuwe manier om boeken een nieuwe betekenis te geven in een digitale wereld getuigt van visie. Zijn ontwerp scant een fysiek boek en toont digitaal direct een web aan associaties. Een combinatie van het beste uit twee werelden: de kennis en gedegenheid van het boek, het intuïtieve en gefragmenteerde van het web (10). Door middel van een spel laat Christine van Meegen mensen hun eigen (t)huis herbeleven. Haar methode, ‘curated the catastrophe’, vertoont overeenkomst met die van de situationisten, maar legt de nadruk op de kracht van destructie en wederopbouw. Spannend en inventief (11). Dan Adlešič herontwerp elektrische apparatuur tot speelgoed waardoor aantrekkelijker wordt om met elektriciteit te ontwerpen (12).

De afstudeer-expo biedt wat DDW verloren heeft: inventiviteit, originaliteit en spanning. Natuurlijk, DDW is niet enkel het Klokgebouw. Negen dagen lang vinden er op bijna 100 plekken in Eindhoven evenementen plaats. Er is genoeg spannend en vernieuwend design te ontdekken. Het merendeel van de 275.000 bezoekers blijft echter hangen op STRIJP-S, rond het middelpunt van het festival. Zij worden te weinig geconfronteerd met de kracht van design, zoals Widdershoven van Design Academy dat zo mooi verwoordde. Design dat niet vooral leuk is, maar design dat inspireert, bang of hoopvol stemt, een welgemeend ‘wauw’ ontlokt. Dat is DDW met deze 14e editie definitief kwijtgeraakt. ‘It’s your world, designers ontwerpen onze wereld: onverwachte oplossingen openen nieuwe denkrichtingen’, staat er op grote borden vermeld bij de ingang van de expositie in het klokgebouw. Het blijft bij die prikkelende vermelding. Zonde, want de 275.000 bezoekers slaken liever een ‘wauw’ dan een ‘leuk’. Tijdens de jubileumeditie volgend jaar, de 15e, mag DDW dat rechttrekken. Design is meer dan leuk. En dat mag en moet iedereen weten.

Foto’s door Anne Vlaanderen.

NOTEN
(1) Het boek is uitgegeven door het Institute of Networkcultures van HvA/UvA. (link)
(2) Marshall McLuhan en Quentin Fiore — The medium is the massage (Penguin Books, 1967).
(3) In dat kader is het invloedrijke boek ‘Das Kunstwerk im Zeitaleer seiner technische Reproduzierbarkeit’ van Walter Benjamin een duidelijke inspiratiebron voor Theodor Adorno geweest.
(4) Pastoe spreek op haar eigen website van ‘tijdloze meubels met eindeloze mogelijkheden’. (link)
(5) Refugee Republic is de moeite van het bekijken waard. (link)
(6) Alle winnaars zijn te vinden op de website van Dutch Design Awards. (link)
(7) Er vinden meerdere Transnatural Art & Design-exposities plaats. Meer info op de website: www.transnatural.org.
(8) Website Design Academy: www.designacademy.nl.
(9) Website Wout Wolf Stroucken: www.woutwolf.ws.
(10) Website Erik Vlemmix: www.erikvlemmix.nl.
(11) Website Christine van Meegen: www.christinevanmeegen.de.
(12) Website Dan Adlešič: dan.anv.si.

One clap, two clap, three clap, forty?

By clapping more or less, you can signal to us which stories really stand out.