Het lot van de muziekliefhebber in digitale tijden

Ik was 12 jaar in 2001 in toen ‘Hybrid Theory’ van Linkin Park uitkwam. Dat was hét album van het moment. Voor wat oudere albums ging je — godbetert — naar de bibliotheek. Maar voor de nieuwste albums moest je dus in de Free Record Shop (RIP) in Brasschaat zijn. Daar kon je CD’s eerst beluisteren alvorens ze te kopen. Een CD was een belangrijke aankoop in die tijd. Ik ben toen in die winkel een stuk of 3 keer naar Hybrid Theory gaan luisteren. Tot de Free Record Shop-man vroeg wanneer ik van plan was die CD eindelijk te kopen. Met schaamrood op de wangen maakte ik me uit de voeten. Ik ben er nooit meer terug geweest want ik was gegeneerd en dat is voor een puber quasi gelijk aan de doodstraf.

Free Record Shop: never forget 👍

Hoewel bronnen van schaamte voor pubers nog steeds eindeloos zijn blijft zo’n gênante beproeving 12-jarigen vandaag vermoedelijk bespaard. Tal van gezinnen hebben nu een gedeeld Spotify premium-abonnement. Of je luistert naar de gratis versie met reclame. Toen ik voor het eerst een Spotify-abonnement had leek het wel een droom. Meer dan 30 miljoen nummers, slechts één klik verwijderd.

Waar ik vroeger zorgvuldig één album uitkoos van een artiest heb ik nu meteen toegang tot alles wat die artiest ooit gemaakt heeft. De quasi-oneindigheid van de beschikbare muziek zorgt regelmatig voor kortsluiting in mijn hoofd. Zeker als ik een artiest ontdek die al een uitgebreide discografie heeft. Waar begin ik? Welk album is essentieel? Ik voel me soms als een ontsnapte Noord-Koreaan die in een Westerse supermarkt voor het eerst oog in oog staat met 27 soorten tandpasta.

Om vat te krijgen op de massa muziek zoeken mensen hun toevlucht tot lijstjes. Lijstjes zijn het nieuwe album. Meer zelfs, ze veranderen hoe we luisteren naar muziek en hoe muziek gemaakt wordt. Spotify neemt je ook bij het handje. Ze schotelen je gepersonaliseerde lijstjes voor zoals ‘Discover Weekly’. Die playlist maakt op basis van een bijzonder slim algoritme een berekende gok van jouw persoonlijke smaak. Mijn muzieksmaak is nogal eclectisch en ik heb het gevoel dat mijn ‘Discover Weekly’ als gevolg vaak ronduit schizofreen is. Laatst kreeg ik achtereenvolgens Wayne Shorter (jazz), Violet Eves (obscure pop) en Reeseynm ft. Chance The Rapper (hiphop) voorgeschoteld. Beetje teveel van het goede, jongens.

De Discover Weekly-lijst van de auteur.

Discover Weekly draagt ook bij aan mijn muzikale fear of missing out: wekelijks een hele lap muziek te ontdekken — en dus wekelijks van alles te missen. Als gevolg daarvan is de houdbaarheidsdatum van een nieuw album extreem kort geworden. Waar ik vroeger maanden, zelfs jaren, naar hetzelfde album kon luisteren vind ik nu vijf keer naar hetzelfde album luisteren al veel. Daarna is het tijd voor iets nieuws. Ik luister met steeds minder volgehouden aandacht. Dat is spijtig. Muziek voelt zo stilaan als een product dat je consumeert en weggooit.

Die muziekconsumenten luisteren overigens steeds meer naar krak dezelfde tracks. 99% van de audio die nu gestreamd wordt op Spotify zijn de 10% populairste tracks. Dat betekent dat minder dan 1% van alle audiostreams naar al de rest van de muziek gaat. Spotify bevoordeelt dan ook sterk de populairste tracks. Als je naar een artiest surft krijg je meteen de populairste nummers, per album zie je welk nummer het meest gespeeld is. Populaire muziek is populairder dan ooit.

De herwonnen populariteit van vinyl onder millennials is daarom ook niet echt een verrassing. Door hun fysieke manifestatie en stoffelijke eindigheid worden vinylplaten meer dan alleen muziek ook dragers van herinnering en betekenis. Heeft een stukje data op een streamingdienst dezelfde capaciteit? Kan best zijn dat ik vier jaar geleden op Spotify naar interessante albums luisterde maar ik zou het begot niet meer weten. De albums die ik toen op vinyl kocht luister ik nog wel want ze liggen in mijn living. En ik weet nog precies waar ik ze heb gekocht. Ik leen ze uit aan vrienden. Er liggen ook platen van mijn vader bij. Het geniale ‘Remain in Light’ van Talking Heads opzetten heeft speciale betekenis want het was precies dezelfde plaat die mijn vader 38 jaar geleden als 20-jarige heeft grijsgedraaid.

De vinyl-collectie van de auteur, gefotografeerd vanuit een onhandige hoek want kunst.

Misschien worden playlists wel het nieuwe persoonlijke doorgeefluik? Ik heb nog altijd de CD’s en cassettes die vrienden of liefjes met veel toewijding gemaakt hebben. Nu maak ik playlists voor mensen. Luisteren mijn ongeboren kinderen over 38 jaar nog naar mijn (steeds uitdijende) hiphop-playlist? Het is een bijzondere eigenschap van het internet dat het zekere mate van vluchtigheid met eeuwigheid combineert. Over 100 jaar gaan archeologen misschien op zoek in de ruïnes van het internet naar artefacten die iets vertellen over onze tijd. En stuiten ze op mijn briljante playlist.

Laatst las ik het boek ‘Flow’ van Mihaly Csikszentmihalyi (nee, mijn kat is niet op mijn toetsenbord gaan zitten). Muziek is een favoriete bron van flow voor veel mensen. Muziek luisteren was dan ook zeer lange tijd een absoluut, magisch privilege. Al in 1990 schrijft Csikszentmihalyi dat door technologische vooruitgang muziek te vanzelfsprekend is geworden. Zo raken mensen hun capaciteit om met optimale aandacht naar muziek te luisteren kwijt. Het is niet het constant horen van muziek dat ons leven beter maakt, het is met volle en intense aandacht luisteren. Profetische woorden want dat proces is de laatste jaren alleen sterker geworden.

Misschien is Csikszentmihalyi een oude zak, en ik ook. Misschien moeten we gewoon blij zijn dat iedereen nu zonder enige financiële of fysieke beperkingen toegang heeft tot al die fantastische muziek. Technologische vooruitgang is nooit de vijand, het is onze eigen reactie daarop die ons definieert.

Zo sprak ik met een vriend die het een “zalige beperking” noemt dat hij in de auto enkel naar CD’s kan luisteren. Hij herontdekt albums die hem vroeger zo veel plezier schonken of luistert met meer aandacht naar nieuwe albums. Artiesten weten dat jezelf een beperking opleggen soms net veel creativiteit schenkt. En laat beperking nu net iets zijn dat Spotify niet heeft.

Ik heb me al vaak voorgenomen om mezelf ook beperkingen op te leggen. Zo zou ik wekelijks maximum naar één album luisteren en daarover vervolgens ook schrijven. Of terug naar de bibliotheek gaan en op gevoel een hoop CD’s meenemen. Maar wie maak ik iets wijs? De opwinding van dagelijkse nieuwe muziek te ontdekken en het gemak van streaming gaan niet meer weg. Terwijl ik dit stuk schrijf attendeert Spotify mij weer op iets nieuws: het album Orpheus vs The Sirens van Hermit and the Recluse, die de oude Griekse mythen in een Brooklyn-hiphop jasje steekt. Hoe vaak ga ik er naar luisteren? We zullen zien. Morgen ontdek ik vast weer iets nieuws.