De strijd tegen…

Jawel, ook ik moet eraan geloven. Hoewel de meeste familie en vrienden roepen dat ik dat toch echt helemaal niet nodig heb, voel ik me toch een soort aangespoelde walvis of een verlept nijlpaard. Bij vlagen gaat de vergelijking met een net iets te grote olifant ook wel op. Wanneer ik in de spiegel kijk zie ik allerlei dingen die anderen waarschijnlijk niet zien, maar toch. In deze gevallen geldt volgens mij het adagium je bent zo oud (lees in dit geval: zo dik) als je je voelt. Waar het op neerkomt, ik zit niet lekker in mijn vel… letterlijk. Ik voel me te zwaar, te dik en te slap in het vel.

Misschien komt het door de eerste zonnestralen, het feit dat je weer in een rokje of een shirtje zonder mouwen moet. Dat je de speklaagjes niet meer kunt begraven onder verschillende lagen stof omdat het gewoon te warm is. Dat je ook niet meer wegkomt met de hele dag alleen maar zwart dragen en je het gevoel hebt dat al die kleding die je vorig jaar in de zomer nog zo leuk stond ineens toch niet zo leuk meer staat. Begrijp me niet verkeerd, ik houd van mooi weer, sterker nog ik kán niet zonder zon en warmte. Als dat wel zo was, was ik al lang naar Scandinavië vertrokken. Maar in het begin van de zomer, als de zon weer warmte geeft, heb ik altijd weer moeite met mijn lijf.

Er zit dus maar één ding op. Na de vraag van Niek of ik een ‘baby in mijn buik’ heb, of ‘misschien wel twee net als tante Sanne’, is de maat vol. Er moeten kilo’s af en het liefst zo snel mogelijk. Maar hoe doe je dat? Ik ben geen fan van de rigoureuze afslankmethoden als ‘Cambridge’ of maaltijdrepen. Voor sommige mensen werkt dat waarschijnlijk fantastisch, maar ik denk dat ik na één dag al tegen de vlakte ga. Mijn lichaam heeft eten nodig en ook voldoende eten, anders houd ik het gewoon niet vol. Inmiddels zijn de koekjes, snoepjes en chocolade vervangen voor worteltjes, komkommer en tomaatjes. Ik eet geen ‘bad fruit’ meer zoals druiven, ananas en banaan. Chips (mijn favoriet) komt mijn huis niet meer in en drop ligt al een tijdje niet meer in mijn auto. Het gaat goed, als ik het niet koop, eet ik het ook niet op.

Maar toen kwam het probleem van de beweging. Ik heb lang paardgereden en best veel ook, maar na mijn echtscheiding was dat organisatorisch niet meer haalbaar. Ik probeerde hard te lopen, maar dat vond mijn knie helaas niet zo’n goed idee. Nu sta ik dus iedere woensdagochtend en zaterdag (als het lukt) in een ‘springklasje’ met een buis te zwaaien en heb ik een kniebrace aangeschaft om in de avonduren als Niek op bed ligt kilometers te maken op de crosstrainer die ik voor een prikkie op marktplaats heb gekocht. De weegschaal heb ik weer tevoorschijn gehaald. Ik haat dat ding en ik haatte hem nog meer toen ik er voor het eerst in tijden weer op stond, maar inmiddels wordt hij steeds meer mijn vriend. Want wat ik doe lukt. Het gaat langzaam, maar het lukt en mijn weegschaal en ik hebben inmiddels een veel betere verhouding.

Het is niet mijn bedoeling om tientallen kilo’s te verliezen. Ik wil gewoon dat mijn kleren lekker zitten en dat ik als ik de spiegel kijk weer denk, ‘hé daar ben ik weer’. Overigens laat ik echt niet alles staan, want soms moet je jezelf toch ook gewoon even kietelen met een lekker wijntje of een extra schep avondeten als je allerliefste heerlijk voor je heeft gekookt…

Rebecca

Like what you read? Give Rebecca a round of applause.

From a quick cheer to a standing ovation, clap to show how much you enjoyed this story.