Proloog: Waarom-doe-je-dit, man!

Trans Am Bike Race 2018

Een koers dwars door Amerika. Dat is de Trans Am Bike Race. 6.730 kilometers, 60.000 hoogtemeters, 10 staten, 2 oceanen. Het is de langste self supported ultra endurance race in de wereld, met de meeste hoogtemeters. Om je een idee te geven: het is 2 keer de Tour de France, in hetzelfde aantal dagen. En op 2 juni sta ik aan de start. Angst & hoop vechten in mijn hoofd. Al maanden. Het is nu T-minus 35 dagen.

De route van de Trans Am Bike Race voert door 10 staten van Amerika. Saillant detail: de laatste 4 staten hebben meer hoogtemeters dan de eerste 4 staten. (Foto: rideonmagazine.com.au)

Waarom doe je dit jezelf aan? Dat is hoe mensen meestal reageren, als ze horen wat ik ga doen. Waarom? Tja. Omdat het kan. Omdat ik wil zien of ik het kan. Iedere dag zo’n 300 kilometer op de racefiets. Over de Rocky Mountains, door woestijnen, dwars door Yellowstone Park, de Great plains, over de Ozarks & de Appalachians. Door weer en wind. Dag en nacht. Solo.

Het is dan ook veel meer een strijd tegen jezelf. Kijken waar je staat. Wie je bent. In dit leven. Dit jaar word ik 50. Tijdens de race. Bizar getal: 50. Iets voor je ouders, 50 worden, niet voor mij. Toch? En nu is het er ineens. Noem het een midlifecrisis, noem het geldingsdrang, het forever-young-syndroom, het maakt mij niet uit. Ik doe dit niet omdat ik een leeftijd bereik.

Ik doe dit omdat ik nu fitter ben dan ik ooit was. Nou ja, op die hernia na dan. En ja, dit was echt wel handiger geweest als ik het twintig jaar eerder had bedacht. Maar daar ben ik kennelijk niet slim genoeg voor. Dus doen we het nu.

Trainen in Italië 2017

Voor mij is het een episch avontuur waarin ik alle grenzen - zowel fysiek als mentaal - zal gaan verleggen. Ik denk dat ik tijdens deze race van 3 weken meer van mezelf leer dan tijdens 3 jaar in het normale leven. Waar we de dingen doen die we gewend zijn te doen. Keurig binnen de vakjes kleuren van de comfortzone.

En natuurlijk ga ik de dag vervloeken dat ik op dit onzalige idee kwam. Als ik ergens in de Rocky Mountains, in het midden van de nacht, met een lekke band sta. Hongerig, koud, slaaptekort. En het even niet meer weet. Maar er zullen ook dagen bij zijn - hoop ik tenminste - waarin ik een adembenemende zonsopkomst meemaak en de vrijheid ervaar die je als kind voelde toen je net kon fietsen. Wind in de haren, snelheid, de wereld aan je voeten.

De Race

De Trans Am Bike Race is een wielerwedstrijd van de Stille Oceaan naar de Atlantische Oceaan. De start in Astoria, Oregon ligt op 6.730 kilometer van de finish in Yorktown, Virginia. De race is self supported. Dit betekent dat je het zelf moet zien te klaren, zonder hulp van buitenaf. O ja, en helemaal alleen. Er zijn geen teamcars, geen mechanics, geen ploeggenoten, er is niemand die je koffer verplaatst. It’s all about you. Die koffer bindt je dus op je fiets.

Hiermee moet het gebeuren: Specialized Roubaix Expert Di2 disc breaks, met aerobars & Apidura tassen. In het voorwiel zit een Son dynamo waarmee ik fietsend een power pack kan opladen

De stopwatch gaat in bij de start, er zijn geen etappes dus bij de finish wordt jouw tijd bekend. Racers hebben allemaal een spot tracker, zodat ze in de gaten gehouden kunnen worden. De race is straks live - voor iedereen - te volgen op http://trackleaders.com/transam18

Op de kaart staan zo’n 100 puntjes (dots van deelnemers) met een naam erbij. Bij iedere dot kun je zien wie het is (initialen), wat de snelheid is, hoeveel kilometer ze hebben afgelegd, hoe lang ze hebben geslapen, en hoe ze zich verhouden ten opzichte van elkaar.

Vrienden, vreemden en familie volgen de race digitaal en delen updates via deze speciale Facebookpagina: https://www.facebook.com/groups/524758520982933/

Zij worden dot watchers genoemd. Er zijn ook dot watchers die langs de kant van de weg de racers aanmoedigen. Die worden trail angels genoemd. En die angels houden zich vaak op bij McDonald's. Want dat is wat je de komende weken eet. Zo veel mogelijk junk food. Waarom? Nou, dat is snel klaar (je moet door!) en vet.

Vet heeft meer calorieën dan zoet. Dus, hup, naar binnen rammen die zooi. Per dag heb je meer dan 15.000 calorieën nodig. En dat terwijl je als een monnik hebt geleefd, de maanden voorafgaand aan de race. Nee, geen zoete dingen, geen vetten. Wel proteïnes. Tutten met eten. Zo zie je maar, voor je het weet is je leven ontspoord en zit je vast in deze absurde biotoop :)

Terug naar de race. Die 6.730 kilometer voert door 10 staten: Oregon, Idaho, Montana, Wyoming, Colorado, Kansas, Missouri, Illinois, Kentucky en Virginia. De klimmen tijdens de tocht zijn talrijk. Waarbij Hoosier Pass met 3.518 meter de hoogste is (ter vergelijking: de Stelviopas in Italië is ‘slechts’ 2.757 meter hoog).

Daar schuilt meteen het gevaar. De eerst 10 dagen rij je telkens op hoogte. Vaak in de kou. Vanaf kilometer 800 tot aan kilometer 3.200 rij je gemiddeld op 1.500 meter hoogte. Door de pieken boven de 2.000 meter kampen veel racers dan ook met verschijnselen van hoogteziekten.

Daarna ligt er een nieuw gevaar op de loer. De Great Plains van prairies, steppes en vlakland wordt geteisterd door wind. En altijd tegen. Hier gaan racers vaak voor lange tijd in de aerobars hangen om toch maar vooruit te komen. Met als gevolg een unieke ziekte.

Alleen bij ultra endurance rijders komt dit voor: Shermers Neck. Vernoemd naar de eerste rijder waarvan de nekspieren het opgaven en het hoofdje er geknakt bij hing. Met wat buisjes en tape, zijn er dan nog oplossingen. Maar meestal is het simpel. Einde oefening. Is medisch gruwelen helemaal jouw ding, dan kun je hier nog ff lekker los: http://tiny.cc/xy23sy

Rick Shermer, met een zelfgebouwde stellage om zijn hoofd overeind te houden. Wouldn’t hold.

Maar zoals vaak zit het venijn in de staart. Na de kou van de bergen, komt de alles verzengende hitte van de laatste 4 staten. Overdag vaak boven de 35 graden. Fietsen wordt dan vechten. Maar wat het nog pittiger maakt: de laatste 4 staten hebben meer hoogtemeters dan de eerste 4 staten. Wat? Dat kan niet!

Jawel, de laatste 4 staten hebben namelijk ‘rolling hills’. Dat betekent dat je dagen achtereen over heuvels moet knallen. 200 meter omhoog, 200 meter naar beneden. Up & down, here we go. Stuitend stijl. Vaak boven de 15 procent. Precies genoeg om je finaal te slopen. Menig rijder moet dan ook afstappen om vol schaamte met de fiets de heuvel op te lopen. Met name de Ozarks en de Appalachians worden gevreesd.

De rollende heuvels van de Ozarks

Wie dan nog in de race zit (meer dan 50% van de ruim 100 deelnemers strandt) kan de finish ruiken. Maar is er nog niet. Want dit zijn slechts de fysieke uitdagingen. Over mechanische problemen of mentale crashes kan ik nog niets zeggen. Die laatste komen zeker. En de kunst gaat worden, daar goed mee om te gaan.

Fysieke hardheid kun je trainen, maar hoe train je dat je hersenen ballen krijgen? Want dit weet ik van andere racers: na dag drie schreeuwen lichaam en ziel: stoppen, stoppen! Nu. Direct. Stoppen. En er zijn iedere dag 1.000 redenen om te stoppen. Er is slechts 1 reden om door te gaan. En dat ben jij. Ik. OMG.

Veel rijders mompelen mantra’s. Als nuchtere Hollander reageer ik vaak sarcastisch op tegeltjeswijsheden. Makkelijke dooddoeners zijn het. Aan de andere kant. Ik heb wel eens urenlang op de fiets gezeten met een liedje van Dora in mijn hoofd. Dat mijn zoontje Skip zong, vlak voordat ik wegging. Dat werkte als een soort mantra. Het ramde door mijn hoofd, naar mijn benen. Pure power.

Turn your back on the dark side

Dus maar weer eens bij mijn kleine grote vriend te rade gegaan. Wat is zijn advies. Welk mantra doen we? Over het antwoord hoefde hij niet eens na te denken. Het was even simpel als effectief: ‘Be one with the Force & the Force is One with you’. Dat dus. Naast mijn kleine man zijn er bewezen bad asses als David Goggins (zoek maar op). Die, als ie echt helemaal rock bottom zat, zichzelf weer in gang schoot met het mantra: ‘When you think you’re done, you’re only at 40%.

Gear & Stuff

Oké, dit is simpel. Althans, het makkelijkste onderdeel van dit hele verhaal. Spullen en noodzakelijke hebbedingetjes kopen. Een soort schoenenverzameling voor mannen, zeg maar. Met mijn maatje Sjors Stam won ik vorig jaar het klassement: Heren Duo van The Ride. Een race van Italië naar Nederland. 8 dagen, 8 races, 8 landen. Snoeihard voor getraind. En het lukte. Die race deed ik op een ultralichte fiets, van slechts 6,1 kilogram. Dit jaar heb ik een fiets met bagage van 15 kilo. Van formule 1 naar vrachtwagen dus.

1e Heren Duo, The Ride 2017. Met maatje Sjors Stam (r). Topfit & nog hernia-vrij :)
Renpaard versus werkpaard

Alles wat je nodig hebt (slaapzak, tandenborstel, regenjas, schoon shirt, eten, elektronica, etc.) neem je zelf mee. Ieder grammetje wordt gewogen. Dat klinkt absurd (en dat is het natuurlijk ook) maar vele grammetjes leiden vanzelf tot kilo’s. En die moeten allemaal die bergen over.

Gevolg is: je gaat failliet aan ultra light gear. Jacks, slaapzakken, matje. Ik ga niet eens zeggen wat het kost, want dat zorgt alleen maar voor meer onbegrip. Zeker als ik vertel dat inmiddels meer dan de helft van de aangeschafte spullen weer van de lijst geschrapt is. Past niet, wordt te zwaar. Dan maar geen comfort. Zo blijft de slaapzak (Sea to Summit Spark I) thuis. Hoe dan ook. Voor wie het interessant vindt, hier een overzicht van mijn gear voor de Trans Am Bike Race.

En hup, alles in de tas!

Paradise by the dashboard light

Tijdens de rit maak ik gebruik van gps. Een onbekende route van duizenden kilometers onthou je niet en verdwalen is makkelijker dan de juiste weg vinden. Daarbij komt, gaandeweg de rit wordt je brein - door vermoeidheid en slaaptekort - er niet scherper op. De Garmin 1000 moet me dan de weg wijzen, als die crasht heb ik als back up een Garmin 820. Verder vertellen ze me alles over snelheid, cadans, vermogen, stijgingsgraad en afgelegde kilometers.

Naast gps bevat de cockpit mijn iPhone. Hierop kan ik het weer en de wind checken en de grote eenzaamheid bestrijden, mocht dat nodig zijn. Appjes, mailjes, telefoontjes, kom maar door hoor! Aarzel niet. Ik zal ze omarmen en ze zullen kracht geven. Afreageren bewaar ik exclusief voor mijn moppie, die heeft het tenslotte ook allemaal mogelijk gemaakt.

Verder wordt het stuur versterkt met aerobars. Ze worden gebruikt om uit te rusten en toch te kunnen fietsen. Bij veel wind bieden ze daarbij een meer aerodynamische positie. De kunst is zoveel mogelijk verschillende ‘grepen’ op het stuur te hebben. Want meer dan 20 dagen 20 uur op de fiets is funest voor de zenuwen in de handen, de schouders en de nek. Paradise by the dashboard light.

De twee gekke zakjes aan weerszijde van het stuur zijn food pouches. Hier prop je dus die hamburgers in. En dan zijn we er wel zo’n beetje. Nou ja, het hele avontuur moet ook nog even gereden worden.

Finishen = winnen, zeggen de racers. Want er zijn ontelbare factoren die je uit de race kunnen tikken. Maar het heeft geen zin te focussen op ontstekingen, ziekten, aanrijdingen of mechanische problemen. Daar heb ik geen controle over.

Ik richt me per dag, per uur, per kilometer op dat wat ik moet doen. En ik hoop dat onoplosbaar drama me bespaard blijft. En als ik door dat cordon van intense vermoeidheid heen kan trappen, moet ik - afhankelijk van het weer en de wind - ergens tussen de 22 en 25 dagen finishen.

Maar ja, dat zeg ik nu. Hier. Uitgerust, achter mijn bureau, terwijl ik me uitrek en nog een slokje thee neem. Wordt vervolgd.

Meer weten: https://transambikerace.com/